Programma 7 Landbouw en voedsel

Inleiding

In het programma Landbouw en Voedsel streven we naar een nieuwe balans tussen economie, maatschappij en ecologie in Brabant. We transformeren daarmee naar een waardengedreven landbouw- en voedselsysteem. Zo dragen we bij aan een brede welvaart in Brabant.

Daarbij zien we landbouw en voedsel als een belangrijke innovatieve sector met een duidelijke toegevoegde waarde voor Brabant. Zowel in economische zin als in onze voedselvoorziening en leefbaarheid van de vele dorpen en kernen die Brabant rijk is. Tegelijkertijd kunnen we niet ontkennen dat ook deze sector druk legt op onze natuur, water, bodem en leefomgeving. In de toekomst willen we in deze sector een meer evenwichtige balans realiseren tussen de economische, maatschappelijke en ecologische waarden. We zien het als onze verantwoordelijkheid om te sturen op randvoorwaarden: lagere emissies, een beperkte CO2 -voetafdruk en een diervriendelijke aanpak verlagen de druk op onze leefomgeving. Daarbij zien we ook onze verantwoordelijkheid om bij te dragen aan een L&V sector met perspectief. In lijn met de landelijke visie ‘Kringlooplandbouw’ streven we ook in Brabant naar een landbouw- en voedselsysteem waarvan de kringlopen gesloten zijn. Een van de manieren waarop we dat willen doen is door bij te dragen aan de gebiedsgerichte aanpak, in samenhang met de beleidsvelden natuur, stikstof, water en bodem.

Het beleidskader Landbouw en Voedsel is in 2021 ontwikkeld in samenwerking met interne en externe stakeholders. Door het formatieproces van een nieuwe coalitie in Brabant is het proces van besluitvorming in Provinciale Staten aangepast. Waar er eerst werd uitgegaan van oktober 2021 is nu het doel om het beleidskader Landbouw en Voedsel begin 2022 aan de Staten ter vaststelling aan te bieden. Het beleidskader Landbouw en Voedsel heeft veel raakvlakken met andere provinciale beleidskaders en werkt aan de integrale opgave om een nieuwe balans tussen economie, maatschappij en ecologie te ondersteunen.

Ook hebben we het doel gesteld om de transitie naar een vernieuwd landbouw en voedselsysteem (mede) te begeleiden met als kenmerken slim, waardevol, circulair en verbonden. Hierdoor voorzien wij een wijzigingen in de huidige meerjaren-doelstellingen, prestaties en indicatoren zoals opgenomen in de Begroting 2022 die?moeten?zorgen?voor een betere aansluiting?bij de doelen en resultaten van het nog vast te stellen beleidskader. De aanpassing zal plaatsvinden bij het eerste daarop volgende S&V-moment.

Bijdragen aan het minimaliseren van ongewenste effecten van de landbouw op de omgeving

In de veehouderij hanteren we een "One Health" aanpak gericht op de gezondheid van mensen en dieren. Aspecten zijn onder meer: de emissies van geur, ammoniak, fijnstof, endotoxinen, antibioticagebruik, verbeterde dierenwelzijn en acceptabel lage risico’s voor de gezondheid van boeren en burgers en de leefbaarheid van het buitengebied.

De doelstelling bevat geen vaste streefwaarden m.b.t. emissie fijnstof.?Om de emissie fijnstof?wel?goed zichtbaar te kunnen maken presenteren we de gegevens in de vorm van meerjarige trends.?In het Infoboard Veehouderij is een aantal trends betreffende de effecten van veehouderij op de omgeving opgenomen. Deze actualiseren we regelmatig.

Indicatoren

  • Emissie fijn stof uit veehouderij in Noord-Brabant
  • Aantal woningen met een berekende kans op geurhinder groter dan 20%

Wat gaan we daarvoor doen?

Stimuleren van de ontwikkeling van een economisch gezonde agrarische sector in Noord-Brabant

We streven naar een Brabantse landbouw – en voedselsysteem dat in 2030 koploper is in vernieuwing in Europa: zeer innovatief en met een sterke concurrentiepositie.

Hiervoor bevorderen we de ontwikkeling van nieuwe verdienmogelijkheden die Brabant helpen een inkomen te verwerven. Ook gaan we door met de ondersteuning van jonge boeren. Bij technische en sociale innovatie richten we ons op het versterken van een kennis- en innovatiesysteem, samen met de regionale triple-helix-organisaties, de BOM en kennisinstellingen binnen en buiten Brabant. Belangrijke thema's bij de innovatie-aanpak zijn ‘smart farming’, 'smart processing’, ‘korte ketens’, ‘eiwittransitie’, “reststroomverwaarding”,‘future foods’ en ‘synergie landbouw en natuur’.

Indicatoren: PM, nader in te vullen op basis van het Beleidskader L&V

Wat gaan we daarvoor doen?

Bevorderen van het sluiten en verkleinen (in tijd en ruimte) van kringlopen in de Brabantse landbouw

Wij willen kringlooplandbouw bevorderen door een palet aan activiteiten te stimuleren: een beter bodembeheer, minder waterverbruik, andere (eiwit)gewassen, (her)gebruiken en verwaarden van reststromen en het (anders) produceren, opslaan en bewerken van dierlijke mest en een sterk verminderd gebruik van kunstmest. Het project Brabant Bemest Beter zal daar onderdeel uit gaan maken van de Uitvoeringsagenda Mest.

Bij de uitvoeringsagenda landbouw en voedsel gaat het in dit kader o.a. om zowel nieuwe eiwitbronnen, alsook de verwerking ervan en reststroomverwaarding. We zoeken bij deze onderwerpen de samenwerking met de uitvoeringspraktijk kringlooplandbouw op nationaal niveau.

Indicatoren: PM, nader in te vullen op basis van het Beleidskader L&V en uitvoeringsagenda's.

Wat gaan we daarvoor doen?

Bijdragen aan maatschappelijke waarden met de Brabantse landbouw- en voedselsector

We bevorderen natuurinclusieve landbouw door ondernemers te ondersteunen bij hun omschakeling en door het beschikbaar stellen van grond onder voorwaarden tegen een marktconforme, gereduceerde pachtprijs. We werken –samen met de programma's Stikstof, Natuur en Water & Bodem- aan de Gebiedsgerichte Aanpak Groen Blauw. De inbreng van landbouw is zowel belangrijk vanwege de sleutelpositie die boeren als grondeigenaren in een gebiedsgerichte aanpak hebben, maar zeker ook vanwege het werken aan structuurverbetering voor de landbouw zelf zoals een betere verkaveling (meer beweiding mogelijk in melkveehouderij), alsook het faciliteren van extensivering van grondgebonden veehouderij, bijv. In de directe omgeving van natuurgebieden.

We beogen een betere verbinding tussen maatschappij en de boer. Met ‘Food Up'- projecten werken we aan een betere boer-burger-relatie.

Wat gaan we daarvoor doen?

Ontwikkelingen en onzekerheden

Het programma Landbouw & Voedsel heeft op dit moment te maken met aantal belangrijke ontwikkelingen zoals de vorming van een nieuwe coalitie binnen de provincie, kabinetsformatie en de vorming van een nieuw regeerakkoord in Den Haag, en de daarbij behorende ontwikkelingen rondom landbouw en stikstof. De gevolgen hiervan op de resultaten van het programma zijn op dit moment nog niet duidelijk. De hiermee gepaarde kansen en onzekerheden vragen adaptiviteit van het programma.

Wat mag het kosten?

Financiële toelichting op de verschillen tussen begroting 2022 en begroting 2021
Lasten
Het verschil tussen de geraamde lasten van 2021 en 2022 van € 18,7 mln betreft:
- € 8,3 mln Inzet Rijksmiddelen t.b.v. Zuidoostelijke Zandgronden (€ 6,7 mln) en Brabantse Bodem (€ 1,6 mln)
- € 2,6 mln Ondersteunende maatregelen
- € 1,9 mln Innovatieprogramma Agrofood
- € 1,4 mln Inzet POP3
- € 4,5 mln Overige diverse onderdelen Landbouw en voedsel

Baten
Het verschil in de geraamde programmabaten van 2021 en 2022 betreft de in 2021 geraamde rijksbijdragen voor Zuidoostelijke zandgronden en Brabantse bodem.

Centrale Stelposten
Daarnaast zijn voor het programma Landbouw en voedsel in het onderdeel algemeen financieel beleid van de begroting de volgende stelposten opgenomen:
- € 7,1 mln restant middelen t.b.v. Ondersteunde Maatregelen. Betreft restant middelen van de totaal bij begroting 2017 beschikbaar gestelde € 30 mln.
- € 6,6 mln restant bestuursakkoordmiddelen ’20-’23 (van de totaal € 9 mln) het betreft € 3,6 mln in 2022 en € 3 mln in 2023.
- € 2,75 mln (begrotingsjaar 2021) t.b.v. glastuinbouw Deurne. Dit betreft het restant op de ontvangen rijksmiddelen voor glastuinbouw die door lagere subsidievaststelling opnieuw beschikbaar zijn gekomen.
Zodra de nadere (beleidsmatige) invulling is bepaald worden de middelen via het reguliere S&V proces toegevoegd aan de meerjarenbegroting van het programma Landbouw en voedsel.

Stand reserves
De lasten van programma 7 Landbouw en voedsel worden deels gedekt vanuit:
- de reserve Essent Investeringsagenda en de reserve cofinanciering Europese programma’s. Een nadere toelichting op deze middelen is opgenomen in paragraaf 8 Investeringsagenda.
- De reserve cofinanciering Europese programma’s. Het verloop van de stand van die reserve is onderstaand weergegeven.

 

 

 

De reserve Cofinanciering Europese programma’s draagt ook bij aan de dekking van de lasten van programma 3 Water en bodem, 4 Natuur en milieu en van programma 5 Economie Kennis en Talentwikkeling

Bedragen x € 1.000 Realisatie 2020 Begroting 2021 Begroting 2022 Begroting 2023 Begroting 2024 Begroting 2025
Lasten
Programma lasten 17.006 20.689 1.943 1.158 891 35
Organisatiekosten 2.663 2.336 3.878 0 0 0
totaal lasten 19.669 23.025 5.821 1.158 891 35
Baten
totaal baten 1.496 8.983 953 1.039 857 0
saldo baten en lasten -18.173 -14.041 -4.868 -119 -35 -35
Stand reserve x € 1.000 Saldo per 1-1-2021 Saldo per 31-12-2021 Saldo per 31-12-2022 Saldo per 31-12-2023 Saldo per 31-12-2024 Saldo per 31-12-2025
Res.Co-financiering Europese programma's 20.789 15.866 10.422 10.422 10.422 10.422