Meer
Publicatiedatum: 04-10-2019

Inhoud

Programma onderdelen

Programma 9 Mobiliteitsontwikkeling

Inleiding

We werken aan een veilig, robuust, slim en duurzaam mobiliteitssysteem voor Brabant.

Een mobiliteitssysteem voor inwoners, bedrijven en bezoekers dat iedereen in staat stelt mee te doen aan de samenleving en bovendien onze economie versterkt.

De economie in Brabant draait goed, de werkloosheid is laag en er worden nieuwe woningen gebouwd. Dat is goed voor onze provincie. Deze voorspoed heeft echter ook een keerzijde. De druk op ons mobiliteitssysteem neemt enorm toe. Met een toename van verkeer op de Brabantse wegen, onveilige situaties en overvolle treinen en bussen tot gevolg. En dat terwijl er grote maatschappelijke opgaven liggen op het gebied van leefbaarheid, klimaat, behoud van waardevolle natuur en de energietransitie. In het bestuursakkoord kiezen we voor kwaliteit.
Om ons doel van een veilig, robuust, slim en duurzaam mobiliteitssysteem voor Brabant te bereiken voert de provincie een ontwikkelagenda Mobiliteit uit. Deze agenda is gericht op het huidige én de (door)ontwikkeling van het toekomstige mobiliteitssysteem. Daarin hebben we een aantal grote opgaven. Zo zetten we stevig in op de trendbreuk van OV naar gedeelde mobiliteit. En op structuurversterkende maatregelen voor een robuust spoor- en OV-netwerk en de aanpak van een aantal knelpunten in het wegennet.

In lijn met de omgevingsvisie redeneren we niet alleen vanuit nut en noodzaak op het gebied van doorstroming en veiligheid, maar steeds vaker vanuit leefbaarheid en omgevingskwaliteit. In deze begroting presenteren we een selectie. Een uitgebreid overzicht staat in de Programmering Mobiliteit 2020-2025.

Als uitwerking van de omgevingsvisie actualiseren we dit jaar ook het mobiliteitsbeleid. Dat doen we door mobiliserende doelen te stellen op weg naar 2030 zoals gekoppeld aan de trendbreuk van OV naar gedeelde mobiliteit. In 2030 kan dat realiteit zijn als we ook een afweegkader en financieel instrumentarium maken dat ons helpt prioriteit te geven aan realisatie van de doelen. In 2020 spreken we met partners en de Provinciale Staten over de actualisatie van het mobiliteitsbeleid.

Wat willen we bereiken?

We realiseren een robuust mobiliteitssysteem met acceptabele en betrouwbare reistijden van deur tot deur voor alle vervoerswijzen voor personen- en goederenvervoer

Deze vervoersnetwerken zijn zo met elkaar verknoopt, dat iedere vervoerswijze een optimale bijdrage levert aan de bereikbaarheid.

Indicator:

  • Indicatie filedruk: gemiddelde vertraging per uur autorijden op Rijks- en provinciale wegen in Brabant (< vorig jaar).

We stimuleren de ontwikkeling en het gebruik van slimme mobiliteitsdiensten.

Indicator:

  • Het monitoringsplan voor samenwerkingsprogramma SmartwayZ.NL is in 2019 aangescherpt in de volledige breedte van de programmadoelen doorstroming, innovatie en goede procesvoering.

In 2020 bijbehorende indicatoren vastgesteld, nulmeting uitgevoerd.

Wat gaan we daarvoor doen?

We zorgen voor een stevige koppeling tussen de ruimtelijke-economische ontwikkeling en het mobiliteitssysteem.

Met als doel de kwaliteit van de leefomgeving te vergroten en tegelijkertijd de bereikbaarheid te waarborgen.

Indicator:

  • Het mobiliteitssysteem in Brabant heeft een minimale impact op de leefomgeving of creëert ruimte voor andere ontwikkelingen door een goede inpassing in de omgeving.

We ontwikkelen een geschikte indicator om de effecten goed te kunnen meten.

Wat gaan we daarvoor doen?

Beleidskaders

• Kwaliteitsnota Onderhoud Provinciale Infrastructuur (KOPI, 2018)
• OV-visie 'Gedeelde mobiliteit is maatwerk' (2018)
Uitvoeringsprogramma Fiets in de Versnelling 2016-2020
• Provinciaal Verkeers- en Vervoersplan (PVVP, 2006)
Omgevingsvisie (2018)

Verbonden partijen

Voor het realiseren van de doelstellingen uit dit begrotingsprogramma worden binnen het programma geen verbonden partijen ingezet.

Nadere informatie over verbonden partijen staat in de paragraaf Verbonden partijen.

Ontwikkelingen en onzekerheden

  • Een aantal projecten en te maken afspraken kent een grote mate van afhankelijkheid van externe partners. Ondanks de inspanningen van de provincie kunnen projecten of afspraken later of niet uitgevoerd of tot stand komen.
  • De recente uitspraak van de Raad van State inzake de toetsingscriteria van de Programmatische Aanpak Stikstof (PAS) kan invloed hebben op de voortgang van infraprojecten.

Nadere informatie over financiële risico’s en risicomanagement staat in de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing.

Wat mag het kosten?

09

Mobiliteitsontwikkeling

 

 

 

 

Bedragen x € 1.000

Realisatie

Begroting

Begroting

Begroting

Begroting

Begroting

 

 

2018

2019

2020

2021

2022

2023

Lasten

 

 

 

 

 

 

 

Programmalasten

223.729

56.919

153.888

64.513

78.547

93.101

Toerekening organisatiekosten

4.554

5.151

4.811

0

0

0

 

totaal lasten

228.283

62.070

158.698

64.513

78.547

93.101

Baten

 

 

 

 

 

 

 

Programmabaten

3.823

1.589

2.045

3.366

3.366

3.366

Baten toerekening organisatiekosten

 

 

 

 

 

 

totaal baten

3.823

1.589

2.045

3.366

3.366

3.366

Saldo baten en lasten

-224.459

-60.480

-156.654

-61.147

-75.181

-89.735

De meerjarige begroting voor het begrotingsprogramma Ontwikkelagenda Mobiliteit is op basis van gemaakte afspraken met partners opgebouwd en is sterk afhankelijk van de planningen. De middelen zijn beschikbaar in reserves en worden op basis van het verwachte uitgavenpatroon op de begroting geraamd. Via een structurele toevoeging aan de reserve van € 40 mln en van € 30 mln t/m 2030 worden de uitgaven gedekt. De toevoeging wordt verantwoord onder de algemene middelen.

In 2020 is totaal € 154 mln aan programmalasten op de begroting geraamd voor o.a. meerjarige uitgaven voor de subsidieregeling voor regionale uitvoeringsprogramma's, subsidieregeling snelfietsroutes en smart-mobility. Daarnaast zijn er in 2020 incidentele bijdragen geraamd voor verschillende projecten zoals de verdubbeling en elektrificatie Maaslijn (€ 27,9 mln), de verbreding en verdieping Wilhelminakanaal (€ 18,8 mln) en de ombouw N65 (€ 48,4 mln).

Tenslotte worden er uitgaven gedaan voor een aantal projecten op de provinciale wegen, zoals de N279 en de N69. De uitgaven moeten op basis van wet- en regelgeving worden geactiveerd en afgeschreven (investeringen) en zijn via de raming van kapitaallasten op de meerjarige begroting gedekt.

Voor een uitgebreide specificatie wordt verwezen naar de programmering mobiliteit 2020-2025.