Meer
Publicatiedatum: 04-10-2019

Inhoud

Programma onderdelen

Algemeen hoofdstuk

Op weg naar 2030

Inleiding

Voor u ligt de eerste begroting van deze bestuursperiode. In deze begroting staat in hoofdlijnen hoe wij het motto van ons bestuursakkoord ‘Kiezen voor Kwaliteit’ nader concretiseren. Het geeft inzicht in de doelen die wij nastreven, de prestaties die wij in 2020 willen realiseren, de accenten die we daarbij leggen en tegen welke kosten. Met de vaststelling van de begroting wijzen uw Staten middelen toe voor het realiseren van deze doelen en prestaties voor het begrotingsjaar 2020. Deze eerste begroting kent ook een vernieuwde opzet. We presenteren een begroting die compacter, meer toegankelijk en leesbaarder is. Het is echter een eerste proeve. Voor de begroting van 2021 werken we, samen met uw Staten, verder aan de doorontwikkeling van de begroting en andere documenten voor de sturing op en verantwoording van ons beleid.

Op weg naar 2030

Naar verwachting gaat het komend decennium veel veranderen. Het gaat nu goed met Brabant, maar dat is geen vanzelfsprekendheid. Naast de vele kansen, zien we hier en daar ook een donkere wolk opdoemen, bijvoorbeeld als het gaat om de economische voorspellingen en de Brabantse ecologie. Als provincie zijn wij bij uitstek de hoeder van de lange termijn belangen in Brabant. Het is daarom dat wij ons bestuursakkoord, maar ook onze Omgevingsvisie 2030 als ijkpunt hebben genomen. Met 2030 voor ogen, gaan wij aan de slag met de randvoorwaarden om Brabant toekomstbestendig te maken. Een Brabant met een hoge kwaliteit van leven, in een omgeving waar je je gezond, prettig en veilig voelt. Een Brabant waar je je talenten kunt ontwikkelen en kunt benutten op de arbeidsmarkt, waar het niet uitmaakt wie je bent of waar je vandaan komt. Kortom, een plek waar je graag verblijft.

Niemand weet hoe de wereld er in 2030 precies zal uitzien. De dynamiek is hoger dan ooit. Daarmee neemt de onvoorspelbaarheid toe. We zien grote vraagstukken op ons afkomen, zoals de klimaatverandering, de energietransitie en de ruimtelijke inpassing daarvan. We hebben een verantwoordelijkheid om onze leefomgeving veilig en gezond te houden. Het landelijke klimaatakkoord gaat ons als provincie een inspanningsverplichting vragen om het centrale doel van dit akkoord - 49% reductie van broeikasgassen in 2030 - mede te gaan realiseren. We kennen bovendien een grote woningbouwopgave. Als gevolg van de huishoudensgroei moeten er de komende tien jaar circa 120.000 woningen aan de voorraad worden toegevoegd om iedereen een dak boven zijn of haar hoofd te bieden.

De wereld van mobiliteit is flink in verandering. Het aantal reizigers blijft de komende periode sterk groeien. Deze reizigers hebben steeds meer de behoefte aan een volledig aanbod van verschillende vormen van vervoer gedurende de dag. Onze economie draait nu nog op volle toeren, maar het internationale economische speelveld is dynamisch en bovendien onvoorspelbaar als gevolg van veranderende geopolitieke verhoudingen. Dit vraagt dat we blijven investeren in onze economie om onze internationale concurrentiekracht te behouden en te versterken. Daarbij blijft de roep vanuit het Brabantse bedrijfsleven om talent, van mbo tot universiteit, voortduren.

Deze ontwikkelingen vinden plaats in een Brabantse samenleving die – net als in de rest van de wereld - in toenemende mate globaliseert en individualiseert. Er is een ‘veeldeling’ zichtbaar tussen groepen die kunnen meekomen en meedoen in de ontwikkelingen van nu en groepen die dat niet of in mindere mate kunnen.

Trendbreuk

Onder het motto ‘Kiezen voor Kwaliteit’ willen wij de komende jaren het verschil maken voor Brabant. Om te zorgen dat het goed blijft gaan in Brabant. Om samen meerwaarde te creëren voor ons mooie Brabant. Daarom willen wij een stevige bijdrage leveren aan de maatschappelijke transities, in een provincie waarin we steeds meer schaarste zien ontstaan zoals in beschikbare ruimte en talent. En in een tijd waarin het duurder wordt, van inkoop tot en met de marktspanning die we ervaren bij grote infrastructurele projecten.

In deze context kunnen we niet alles doen óf bijdragen aan alle ontwikkelingen. Dus kiezen we voor investeringen in structuurversterking en innovatie op lange termijn. En voor slimme investeringen met een zo groot mogelijke impact voor Brabant. Meer specifiek richten we ons op die opgaven die richting 2030 een maatschappelijke trendbreuk inzetten en waarbij de provincie het verschil kan maken door nu te investeren. Door expliciet te kiezen voor zaken die bijdragen aan een gezonder, sterker en veiliger Brabant in 2030, leggen we het fundament voor toekomstige generaties. Immers, wat diepgeworteld is, kan hoog groeien. We zetten in op het versterken van specifieke kwaliteiten in Brabant die op de lange termijn ervoor zorgen dat de (leef)omgevingskwaliteit, het ‘blijfklimaat’ (*) en onze economie in Brabant duurzaam versterkt wordt.

We pakken deze vraagstukken samen met onze partners aan. Immers, in Brabant is samenwerking de norm. We verbinden, ondernemen en organiseren. Brabant zou Brabant niet zijn als we deze dynamieken niet als een kans zouden zien. We hebben in het verleden bewezen succesvol op maatschappelijke veranderingen te kunnen inspelen. Dit doen we door het hier en nu te verbinden met onze ambities uit het bestuursakkoord voor 2030, door slimme combinaties en gebiedsgerichte benaderingen. Met vertrouwen en vanuit eigen kracht, samen met onze partners en voortdurend inspelend op de dynamiek om ons heen.

*) Blijfklimaat: koesteren en behouden van Brabanders en bedrijven voor Brabant, met name in krimpgebieden, op basis van ‘Wat is er aan de rand’, BrabantKennis

Kijk op Brabant

Brabant kenmerkt zich door zijn mozaïekstructuur met de vele vormen van grondgebruik in hoge en lage dichtheden, met steden en dorpen altijd in elkaars nabijheid, met landbouw en met veel natuur en water. Juist deze vele dimensies van Brabant maakt dat het toevoegen van kwaliteit steeds een andere invulling heeft en daarmee nog meer kleur geeft aan dit mooie mozaïek.

Het Brabant van nu is welvarend. Brabanders zijn gezond en gelukkig. Brabant scoort in 2018 het rapportcijfer 8,9 op levenstevredenheid, waarmee de provincie hoort tot de 16% gelukkigste regio’s van Europa. De meest gelukkige Brabanders wonen verspreid door de provincie, veelal in de kleinere gemeenten (*1). Van de Brabanders ervaart 78,1 % zijn gezondheid als goed tot zeer goed (*2). Onze economie draait goed. De economische groei was in Brabant 3% in 2018. Daarmee ligt de economische groei in Brabant hoger dan het Nederlands gemiddelde (2,7%) (*3).

Tegelijkertijd zien we een steeds krapper wordende arbeidsmarkt en een toenemende filedruk die onze economie en vestigingsklimaat negatief kunnen beïnvloeden. Bovendien profiteert niet elke Brabander van deze welvarendheid. In de lijn met de rest van Nederland, zien we dat ook in Brabant de perspectiefongelijkheid toeneemt. De verstedelijking, de bebouwing en verkaveling van de afgelopen decennia stonden bovendien op gespannen voet met onze natuurkwaliteit en biodiversiteit. Ook de luchtkwaliteit is in onze provincie relatief minder goed dan in de rest van Nederland (*4).

Mede als gevolg van de trek naar de stad, zien we in Brabant gebieden waar de bevolkingsgroei afneemt en krimp ontstaat. In de periode tot 2030 zal de leegstand in het buitengebied naar verwachting verdrievoudigen en zal er sprake zijn van zo’n 6 miljoen vierkante meters lege stallen en schuren.

*1) De Barometer Brabantse concurrentiekracht, BrabantKennis, BrabantAdvies, Telos en de BOM 2019
*2) Idem *1
*3) CBS/Arbeidsmarkt in zicht
*4) Atlas van de Leefomgeving

Kiezen voor Kwaliteit

Om de kwaliteit van Brabant door te geven aan volgende generaties, moeten we voortdurend blijven inspelen op de omgeving om ons heen en van daaruit keuzes maken voor Brabant. We wonen, werken en recreëren er immers als het ware op een postzegel. Dat kan alleen als we met elkaar zorgen voor een gezonde, veilige en mooie leefomgeving.

Onze innovatieve economie is een belangrijke randvoorwaarde om ontwikkelingen in Brabant mogelijk te maken en betaalbaar te houden. Gezien de uitdagingen die op ons afkomen, blijven we investeren in ons innovatief vermogen. We willen een economie van alle tijden hebben: Een duurzaam concurrerende economie, ongeacht de conjunctuur. Dit vraagt dat we nu investeren in het Brabantse economisch en technologisch ecosysteem. De economische meewind is immers geen blijvend gegeven. Landen om ons heen geven de eerste signalen van een recessie af. De internationale concurrentie staat niet stil. Onze innovatiekracht zetten we in voor het bedenken van innovatieve oplossingen voor maatschappelijke opgaven als duurzame voedselontwikkeling, energie en circulariteit, slimme mobiliteit, gezond ouder worden of veiligheid. Tegelijkertijd kunnen we juist deze innovaties (internationaal) ‘vermarkten’ waarmee we onze economische positie verstevigen.

We stimuleren bovendien een arbeidsmarkt die bij deze economie past. Een arbeidsmarkt waar vraag en aanbod, kwalitatief en kwantitatief, in evenwicht is en die toekomstbestendig is. Als provinciebestuur kiezen we daarom de komende periode specifiek voor het bijdragen aan het ontwikkelen, aantrekken, benutten en behouden van talent voor Brabant, gericht op alle relevante onderwijsniveaus, en met als doel om voldoende geschikt personeel te hebben voor de grote opgaven zoals de energietransitie en de zorg. Hiervoor stimuleren we onder andere hybride onderwijsvormen én werklocaties die aansluiten bij de kracht van de economie

De welvaart van Brabant is medebepalend voor het welzijn van onze inwoners. Mensen die economisch welvarend zijn, zijn over het algemeen gezonder en doen meer mee in onze samenleving. Economische kwetsbaarheid maakt huishoudens vatbaarder voor criminele beïnvloeding. De georganiseerde criminaliteit maakt hier dankbaar misbruik van. Met de Taskforce RIEC Brabant-Zeeland hebben overheidspartners de handen ineengeslagen om de georganiseerde criminaliteit gezamenlijk het hoofd te bieden. De georganiseerde ondermijnende criminaliteit kent vooralsnog een opwaartse trend. Om deze trend te keren, vergt het dat we nog meer dan voorheen de samenleving helpen om weerbaar(der) te worden. We hebben de ambitie om in 2030 de impact van de georganiseerde ondermijnende criminaliteit op de Brabantse samenleving aanzienlijk te hebben verkleind. Hiervoor gaan wij gericht de bestuurlijke en maatschappelijke weerbaarheid bevorderen. We ondersteunen gemeenten en Rijk bij het versterken van de 1-overheidsaanpak op het gebied van veiligheid. Deze brede aanpak ten behoeve van veiligheid in gezamenlijkheid met gemeenten en Rijk geldt overigens ook voor verkeersveiligheid, waar we met een risicogestuurde aanpak aansturen op een breuk in de trend van het toenemend aantal slachtoffers in het verkeer.

Om onze economie, vestigings- en blijfklimaat te versterken én om de sterk groeiende vraag naar mobiliteit op te vangen, investeren we de komende periode in een betrouwbaar, slim en duurzaam verkeers- en vervoersysteem. Veilige en comfortabele mobiliteit voor inwoners, bedrijven en bezoekers in alle delen van Brabant maakt dat iedereen kan meedoen, terwijl de belasting op de omgeving geminimaliseerd wordt. Naast de inzet op het oplossen van infrastructurele knelpunten, geven we daarom de komende periode prioriteit aan het maken van een sprong naar gedeelde mobiliteit. Dat vraagt om het ontwikkelen van nieuwe vormen van collectief vervoer dat betaalbaar, comfortabel en toegankelijk is voor de reiziger. Hiervoor moeten we zorgen dat we overstappunten verbeteren zodat alle vervoersvormen optimaal tot hun recht komen en dat de bijbehorende infrastructuur toekomstproof is. Als onderdeel van dat netwerk blijven we komende periode uiteraard investeren in het onderhoud van onze wegen en fietspaden.

Ook onze mooie landschappen en natuurgebieden versterken ons vestigings- en blijfklimaat en zijn bovendien van eminent belang voor een gezonde en veilige leefomgeving. We blijven investeren in onze karakteristieke en Brabantse landschappen om deze te behouden en te versterken. Te meer omdat de kwaliteit van het Brabantse landschap afgelopen decennia is aangetast en de biodiversiteit afneemt. Het gros van de natuurgebieden in Brabant is structureel verdroogd. In 2018 en 2019 moesten de waterschappen grondwater oppompen om beken stromend te houden. Daarom willen wij deze bestuursperiode een onomkeerbare trend inzetten naar de versterking van onze natuurwaarden, biodiversiteit en landschapskwaliteit en het welbevinden van mensen daarin. In 2030 moet dit hebben geleid tot een significante winst op al deze aspecten.

De klimaatverandering vraagt van ons dat we Brabant waterrobuust inrichten. Dit lukt ons alleen als we effectieve combinaties maken en maatregelen voor bodemverbetering zo veel mogelijk samenvallen met de aanpak van verdroogde natuur en schadegevoelige landbouwgronden. Voor het herstel van de kwaliteit van ons landschap en de biodiversiteit leggen we het Natuurnetwerk Brabant versneld aan. We geven als provincie invulling aan de nationale en internationale afspraken die zijn gemaakt over biodiversiteit zodat alle bedreigde planten en dieren in Brabant weer een geschikte leefomgeving krijgen. In sommige situaties kan de opwekking van duurzame energie hierbij voor een versnelling zorgen.

Om de klimaatverandering het hoofd te bieden, willen we ook de energietransitie versnellen. In 2030 willen we 50% van onze energie in Brabant opwekken uit duurzame bronnen. Daarnaast willen we 50%-reductie van de CO2-uitstoot ten opzichte van 1990 realiseren. Om hierin de komende periode grote stappen te zetten, stellen we de energietransitie ten dienste van onze opgaven. Samen realiseren we immers meer dan alleen. Denk bijvoorbeeld aan initiatieven als de dorpsmolen langs de A16 waar de opbrengsten van de windmolens besteed worden om de lokale energietransitie op gang te brengen door met de opbrengsten inwoners en bedrijven te helpen met energiebesparing, woningisolatie of het aanschaffen van zonnepanelen. Energiebesparing in de gebouwde omgeving zorgt bovendien voor een hoger wooncomfort en een kostenbesparing voor onder meer overheidsgebouwen, sportclubs, scholen en zorgaanbieders. Ook het realiseren van een circulaire samenleving levert een grote energiebesparing op en is daarnaast een kans om CO2 vast te leggen in biobased materialen. De opwekking van duurzame energie kan een nieuwe inkomstenbron worden voor de agrarische sector. Andere kansrijke mogelijkheden liggen er op gebied van zero-emissie vervoer en gedeelde mobiliteit, stedelijke transformaties en economie.

Of het nu gaat om de klimaatverandering, de energietransitie of nieuwe vormen van mobiliteit, deze vraagstukken hebben ook een ruimtelijke component. Zeker in Brabant waar de ruimte beperkt is, is sturen op zorgvuldig ruimtegebruik en omgevingskwaliteit dan essentieel. Daarom investeren we de komende periode in de ruimtelijke kwaliteit van onze steden, dorpen en kernen. Mede onder invloed van economische ontwikkelingen en demografische veranderingen zoals ouder wordende Brabanders en andere woonbehoeften, veranderen de structuren en functies van steden en dorpen; er is sprake van structurele leegstand. Dit biedt kansen. We hebben tot 2030 een forse woningbouwopgave. Met oog op de gewenste maatschappelijke trendbreuk zetten we daarom – met onze Brabantse woonagenda als uitgangspunt - komend decennium het woningbouwprogramma optimaal in voor de versterking van de omgevingskwaliteit in onze steden en dorpen (inbreiden, herstructureren, transformeren) en het herbestemmen van leegstaand vastgoed. We bevorderen dat nieuwbouw en renovatie resulteren in gezonde, energie-neutrale en liefst energieleverende gebouwen.

In een aantal gebieden in Brabant neemt de bevolkingsgroei af, veroorzaakt door de trek van jongeren naar de stad binnen en buiten Brabant en de vergrijzing. In deze gebieden ontstaat een nieuwe dynamiek die veel mogelijkheden biedt. Deze nieuwe dynamiek kan oplossingen brengen voor de vraagstukken op het terrein van onder meer vergrijzing, vereenzaming en de druk op (zorg)voorzieningen. Indachtig deze beweging, stimuleren we de vitaliteit in dorpen en kernen. We bevorderen initiatieven uit deze gemeenschappen die bijdragen aan het versterken van het blijfklimaat om daarmee deze gebieden richting 2030 toekomstbestendig te maken. We zien kansen in combinaties met innovaties op het gebied van bijvoorbeeld openbaar vervoer, wonen en de energietransitie. We zien cultuur, cultureel erfgoed en sport als belangrijke dragers om de saamhorigheid, gezondheid, creativiteit, het welzijn en welbevinden en de gedeelde trots en identiteit van alle Brabanders te stimuleren en te versterken.

Dwars door al deze opgaven lopen gezondheid, digitalisering en gebiedsgericht werken. Door meer gebiedsgericht te gaan werken, kunnen we doelen en belangen met elkaar verenigen in de verwachting dat we hierdoor effectiever en efficiënter zijn. Dataficering en digitalisering zijn een belangrijke randvoorwaarde om de maatschappelijke transities te versnellen. Door Brabant optimaal digitaal te verbinden, kunnen we sneller kennis delen en onderlinge verbanden leggen. Digitalisering en dataficering maken andere vormen van sturing mogelijk of geven inzichten voor de vorming en uitvoering van beleid waardoor de effectiviteit van ons beleid kan worden vergroot.

Tot slot, hoe mooi en succesvol Brabant ook is, uiteindelijk is gezond zijn de belangrijkste voorwaarde voor kwaliteit van leven. Daarom bewaken we dat de gezondheid van de Brabander wordt meegewogen in ons beleid en bij de uitvoering van onze taken. We bezien waar we als provincie onze rol kunnen pakken om een gezonde leefomgeving te bevorderen. Want hoe gezonder je bent, hoe meer je jezelf kunt ontplooien en hoe meer je mee kunt doen met de samenleving. We gaan onze inwoners uitdagen en faciliteren om gezonder te leven.

Samengevat

Het komend jaar geven wij uitvoering aan deze begroting. Daarbinnen leggen wij een aantal accenten met als doel hierboven genoemde trendbreuken te stimuleren. Met deze aanpak beogen wij in het perspectief van 2030 een trend te kenteren of juist bevorderen. Kort samengevat, willen wij een extra accent zetten op:

  • het versterken van onze duurzame concurrerende innovatieve economie;
  • het veilig en weerbaar maken van Brabant;
  • het toekomst klaar maken van Brabant voor nieuwe vormen van mobiliteit;
  • het stoppen van de verdroging met een waterrobuuste inrichting van Brabant;
  • het versnellen van de energietransitie;
  • het terugdringen van het woningtekort en de leegstand;
  • het versterken van het blijfklimaat in Brabant.

Deze zeven trendbreuken geven we de komende bestuursperiode een extra impuls vanuit de beschikbare vrije begrotingsruimte. In het Statenvoorstel bij deze begroting hebben wij deze trendbreuken in bestuursopdrachten vertaald met uitzondering van het versnellen van de Energietransitie. Hiervoor wordt - op basis van de eerder vastgestelde Energieagenda 2019-2030 - een uitvoeringsprogramma opgesteld. De bestuursopdrachten worden, na goedkeuring door uw Staten, nader uitgewerkt. Bij de uitwerking nemen wij de beoordeling van beleid en projecten op maatschappelijke meerwaarde als uitgangspunt.

Financiële hooflijnen

Financieel totaalbeeld

Aan de trendbreuken kunnen we gaan werken vanuit een gezonde financiële basis. Er is na verwerking van de besluitvorming over de bestuursrapportage 2019 € 200 mln vrije begrotingsruimte beschikbaar om in te zetten op de zeven trendbreuken en andere thema’s waarvoor de komende bestuursperiode extra middelen nodig zijn. Dit is weliswaar een aanzienlijk bedrag, maar substantieel minder dan in de voorgaande bestuursperiodes toen tijdelijke impulsen gegeven konden worden vanuit de Essent- investeringsagenda middelen. Deze middelen zijn nu vrijwel geheel besteed of voor langere tijd ingezet of belegd. Voor wat betreft de provinciale financiën komen we voor deze en toekomstige periodes in een situatie van het ‘nieuwe normaal’. Ambities zullen we moeten realiseren binnen de kaders van onze reguliere middelen en inkomsten.

Tegelijkertijd hebben we ook als provincie te maken met stijgende prijzen, waardoor er minder ruimte is voor extra investeringen bovenop onze structurele begroting. Toch willen wij deze bestuursperiode volop inzetten op en bijdragen aan de lange termijn ontwikkelingen voor een sterk, schoon en veilig Brabant in 2030. Om hierop ook financieel extra te kunnen inzetten stellen wij voor en achten wij het verantwoord om de opcenten Motorrijtuigenbelasting deze bestuursperiode te verhogen. Hierdoor ontstaat – bovenop onze reguliere jaarlijkse begroting – een investeringsruimte van ruim € 0,5 miljard (inclusief de middelen uit de vrijval Breedbandfonds).

Toedeling investeringsruimte

In deze begroting zijn de door uw Staten te autoriseren bedragen conform de bestendige lijn gebaseerd op besluitvorming van uw Staten tot en met de Bestuursrapportage 2019. De extra investeringsruimte wordt volgens het principe ‘eerst beleid, dan geld’ pas in de begroting opgenomen als daarvoor concrete plannen zijn uitgewerkt. Hiervoor zullen wij in de loop van de tijd uitgewerkte plannen aan u voorleggen om vervolgens in een daarop gebaseerde begrotingswijziging de daarvoor benodigde bedragen in de begroting te alloceren. Om een financieel kader te hebben voor de uitwerking van die plannen, onder meer op de zeven trendbreuken, hebben wij de investeringsruimte al wel toegedeeld aan de tien begrotingsprogramma’s.

Verdeling investeringsruimte over programma's Bedragen x € 1 mln
  Deze bestuursperiode Van 2024 t/m 2030
  VBR incl. MRB* Vrijval BF** Totaal*** MRB**** VBR*****
Bestuur en veiligheid 17   17    
Ruimte en wonen 16   16 18  
Water en bodem 33   33 35  
Natuur en milieu 10   10 10  
Economie 37 20 57    
energie, circulaire samenleving en gezondheid 23 16 39   35
Landbouw en voedsel 12   12    
Basisinfrastructuur mobiliteit / mobiliteitsontwikkeling 55   55 119  
Cultuur, erfgoed, samenleving en sport 37 5 42    
Organisatie 15   15    
(Risico)buffer 10   10    
Totaal 265 41 306    

*        VBR incl. MRB: Vrije begrotingsruimte inclusief ophoging opcenten MRB deze bestuursperiode
**      Vrijval BF: Vrijval Breedbandfonds
***    Aanvullend aan deze middelen kunnen ook de eind 2019 nog niet gerealiseerde of verplichte bestuursakkoordmiddelen uit de vorige bestuursperiode ingezet worden voor het realiseren van de ambities op het betreffende beleidsterrein
****  MRB: extra MRB-inkomsten in de periode 2024 t/m 2030
***** VBR: structurele vrije begrotingsruimte in de jaren 2024 t/m 2030 t.b.v. meerjarige financiering van de kerntaak energie

Overzicht lasten en baten

De provincie heeft een begroting die sluit met een saldo van € 0.  De geraamde lasten + de geraamde toevoegingen aan de reserves en de geraamde baten + de geraamde onttrekkingen aan de reserves zijn in de begroting zowel voor 2020 als voor de jaren 2021 t/m 2023 in evenwicht. De financiële omvang van de begroting bedraagt in 2020 € 1.105,6 mln.