Meer
Publicatiedatum: 09-10-2019

Inhoud

Programma onderdelen

Onderhoud kapitaalgoederen

Inleiding

Om kapitaalvernietiging en/of onveilige situaties te voorkomen, moeten kapitaalgoederen worden onderhouden.

PS stellen voor de kapitaalgoederen die de provincie in eigendom heeft, het te handhaven kwaliteitsniveau en de bijbehorende budgetten vast. In de paragraaf onderhoud kapitaalgoederen beschrijven we de uitwerking van het vastgesteld beleid.

Onderhoud wegen

Wat willen we bereiken?

We zorgen voor een goed functionerende provinciaal wegennet als onderdeel van het totale Brabantse wegennet vanuit de kernwaarden veiligheid, bereikbaarheid, leefbaarheid en duurzaamheid. Om dat te bereiken voert de provincie beheer en onderhoud uit.

Wat gaan we daarvoor doen?

De provinciale infrastructuur wordt gewaarborgd door alle onderdelen en objecten van die infrastructuur op goede wijze in stand te houden. In stand houden is het dagelijks onderhoud (exploitatie), groot onderhoud en vervanging (investering).
Het dagelijks onderhoud wordt uitgevoerd door middel van een tweetal meerjarige prestatiecontracten met aannemers. Deze contracten noemen we het elektronisch prestatiecontract (EPC) en het onderhoudsprestatiecontract (OPC).
Ten behoeve van de gladheidsbestrijding beschikken we over materieel dat jaarlijks wordt onderhouden en/of vervangen. Voor een efficiënte uitvoering van de beheer- en onderhoudstaak beschikken we over vijf steunpunten verdeeld over Brabant. In de komende jaren realiseren we de renovatie en verduurzaming van deze steunpunten.
Door in de meerjarenplanning ook de toestand buiten te betrekken wordt de kwaliteit van het wegennet in stand gehouden en wordt achterstallig onderhoud voorkomen.
In 2020 wordt gestart met de verduurzaming van de steunpunten en wordt de pilot ‘Licht als dienst’ afgerond en geëvalueerd.
Het beleid voor het beheer- en onderhoud van de provinciale wegenstructuur is opgenomen in de Kwaliteitsnota Onderhoud Provinciale Infrastructuur (KOPI,2018). De meerjarenplanning van infrastructurele projecten is opgenomen in de Programmering Mobiliteit 2020-2025.

Het provinciale (fiets-)wegennet bestaat uit:

areaal hoeveelheid
hoofdrijbaan 550 km, waarvan 180 km 2x2
fietspaden 510 km
berm 1.100 hectare
bomen 52.500
kunstwerken 798 stuks
verkeersregelinstallaties 80 stuks
lichtmasten en bewegwijzeringsmasten 7.950 stuks

 

Wat mag het kosten?

De onderhoudsbegroting voor het beheer en onderhoud van de provinciale infrastructuur is onderdeel van het begrotingsprogramma 8 Basisinfrastructuur Mobiliteit.

Voor een goede borging van deze basistaak zijn de middelen op basis van het vastgestelde beleid KOPI structureel en autonoom op de meerjarige begroting geraamd (€ 11,7 mln) en bestaat uit de volgende onderdelen:

  • Dagelijks beheer en onderhoud via contracten OPC en EPC
  • Gladheidsbestrijding
  • Calamiteitenbestrijding

Daarnaast wordt door de Staten ieder jaar een structureel investeringskrediet van € 26 mln gevoteerd. Op basis van wet- en regelgeving dienen de uitgaven voor groot onderhoud en vervanging op basis van het levensduurverlengende karakter te worden geactiveerd en afgeschreven (in 15 jaar). De investeringen worden via de jaarlijkse afschrijvingslasten in de begroting opgenomen.

De geraamde inkomsten komen o.a. uit opbrengsten uit leges voor vergunningen en ontheffingen en bijdragen voor uitgevoerde werken voor derden zoals gladheidsbestrijding.

Onderhoud wegen Jaarrekening      Begroting
Bedragen x € 1.000 2018 2019 2020 2021 2022 2023
Budget onderhoud wegen 12.083 15.966 11.748 11.748 11.748 11.748

 

Onderhoud provinciale gebouwen en installaties

Wat willen we bereiken?

De provincie streeft naar een schone, open en transparante werkplek met een flexibele invulling. Het onderhoud van de provinciale gebouwen en installaties is erop gericht de bestaande voorzieningen op een doelmatige en veilige manier in stand te houden. Deze activiteiten gelden ook voor de ruimten die aan derden verhuurd worden.

Wat gaan we daarvoor doen?

Het naar verwachting benodigde onderhoud is vastgelegd in meerjarenplanningen, de zogenaamde onderhoudsboeken. Van achterstallig onderhoud is geen sprake.

Onderhoudsboek hoofdgebouw en onderhoudsboek nieuwbouw

In 2017 zijn de onderhoudsboeken voor de komende tien jaar geactualiseerd. Voor het opstellen van het onderhoudsplan is kwaliteitsniveau 7 als uitgangspunt gehanteerd.
In het onderhoudsplan zijn zowel het jaarlijkse als meerjaarlijks onderhoud opgenomen. Het jaarlijks onderhoud is nodig om de bedrijfszekerheid van de gebouwen en de installaties te waarborgen, de veiligheid te garanderen en de uitstraling van de gebouwen in stand te houden. De kosten voor dit onderhoud wordt in de jaarlijkse exploitatie opgenomen.
Het meerjaarlijks onderhoud heeft betrekking op het niet-reguliere en groot onderhoud aan gebouwen, installaties, apparatuur en inrichting. Voor de uitvoering van het meerjaarlijks onderhoud vindt een jaarlijkse dotatie van ca € 0,6 mln aan de voorziening onderhoud provinciehuis plaats. Bij het meerjaarlijks onderhoud wordt waar mogelijk gezocht naar duurzame oplossingen.

Onderhoud museum

Het Noordbrabants Museum aan de Verwerstraat te ’s-Hertogenbosch is provinciaal eigendom. De provincie verhuurt ruimten in het complex aan de Stichting Beheer Museumkwartier, die deze ruimten weer onderverhuurt aan o.a. de Stichting Het Noordbrabants Museum en Stichting Erfgoed Brabant. Het provinciaal Depot Bodemvondsten is ook gevestigd op deze locatie. De beheersstichting coördineert tevens het groot onderhoud en de vervangingsinvesteringen op basis van een meerjaren-onderhoudsplan. Om deze kosten te dekken wordt jaarlijks € 0,4 mln in de onderhoudsvoorziening gestort.

Wat mag het kosten?

Onderhoud gebouwen Jaarrekening      Begroting
Bedragen x € 1.000 2018 2019 2020 2021 2022 2023
Provinciehuis 495 648 648 648 648 648
Noordbrabants museum 404 403 403 403 403 403
  899 1.051 1.051 1.051 1.051 1.051

 

Onderhoud vaarwegen

Wat willen we bereiken?

De Provincie Noord-Brabant is vaarwegbeheerder van de Dintel, de Mark, de Roode Vaart, het Mark-Vlietkanaal, de Steenbergsche en Roosendaalse Vliet en de Steenbergsche en Heense haven. Zij heeft het waterschap Brabantse Delta in medebewind opgeroepen voor de uitvoering van het onderhoud. Gedeputeerde Staten stellen de scheepvaartklassen vast welke bepalend zijn voor het onderhoud van de provinciale vaarwegen. Provinciale Staten leggen deze vast in de Verordening water Noord-Brabant. Via het overgangsrecht bij de Verordening water Noord-Brabant gelden nu nog de scheepvaartklassen die op grond van de Scheepvaartverkeerswet zijn aangegeven in het besluit van het waterschap (Hoogheemraadschap West-Brabant; juli 1993 en januari 2004). De bijbehorende minimaal benodigde vaarwegdiepten en –profielen voor de betreffende klassen kunnen worden afgeleid uit de Scheepvaartverkeerswet en de Richtlijnen vaarwegen 2017 van Rijkswaterstaat. Aangezien deze wateren tevens een functie vervullen binnen het kwantiteitsbeheer, is de bepaling van de feitelijke diepte en profiel overgelaten aan het waterschap als integraal waterbeheerder.

In de Provinciale Visie Brabantse Vaarwegen 2004-2050 (1 oktober 2004 vastgesteld (MvA 72/04D) door Provinciale Staten) en de Strategische visie goederenvervoer (7 november 2008 vastgesteld (PS 60/08A) door Provinciale Staten) streeft de provincie naar een goed functionerend en duurzaam verkeers- en vervoersysteem. Specifiek voor de regio West-Brabant staat verwoord dat belangrijke economische centra verbonden zijn met (beperkt) klasse IV vaarwegen en dat industriële centra als Roosendaal, Oosterhout, Breda en Dongen uitstekend per schip te bereiken zijn en dat dit bij zorgvuldig onderhoud en beheer ook zo kan blijven. De Provincie Noord-Brabant investeert behalve in de mobiliteitssector ook in de vrijetijdssector, om ook daar kansen te creëren voor meer banen, versterking van de economische structuur en internationale profilering. Onder andere gaat de aandacht hierbij uit naar vaarroutes, als onderdeel van de routenetwerken. Waterschap Brabantse Delta pleegt in medebewind onderhoud aan de vaarwegen en bedient zowel de beroeps- als recreatievaart.

Wat gaan we daarvoor doen?

De provincie voert zelf geen beleidsprestaties i.c. werkzaamheden uit aan de vaarwegen. De juridische basis van de medebewindstaak is geformaliseerd met een financiële overeenkomst tussen provincie Noord-Brabant en waterschap Brabantse Delta inzake het vaarwegbeheer, die 25 juni 2018 geactualiseerd is en waarin de kosten van investeringen via een verdeelsleutel worden toebedeeld. Via onderhoudsprogramma’s voor baggeren, kunstwerken en bermbeheer worden de vaarwegen bevaarbaar gehouden. Het waterschap actualiseert momenteel haar meerjarenonderhoudsprogramma en brengt in beeld welke maatregelen en investeringen nodig zijn om de onderhoudstoestand op orde te houden.

Wat mag het kosten?

Onderhoud vaarwegen Jaarrekening   Begroting
Bedragen x € 1.000 2018 2019 2020 2021 2022 2023
Onderhoudsbijdrage aan waterschap 1.256 1.358 1.859 1.859 3.159 7.159

Bij de behandeling van de begroting 2019 hebben PS incidenteel € 6,6 mln beschikbaar gesteld om de onderhoudsstaat van de provinciale vaarwegen in overeenstemming te brengen met de daarvoor geldende uitgangspunten. De uitvoerder van dit onderhoud, waterschap Brabantse Delta, heeft de onderhoudskosten gepland in 2022 en 2023.