Programma 3 Water en bodem

Inhoud

Inleiding

De uitvoering ligt grotendeels op koers. We zijn voortvarend aan de slag gegaan met de in 2020 vastgestelde Visie klimaatadaptatie inclusief de uitwerking van de Bestuursopdracht 'Stoppen van de verdroging met een waterrobuuste inrichting van Brabant'. Daarnaast is de Gebiedsgerichte Aanpak Groen-blauw, onder andere in en rondom de stikstofgevoelige Natura2000-gebieden en de majeure wateropgaven, samen met onze partners in de steigers gezet. Tegelijkertijd hebben we het Regionaal Water en Bodem Programma 2022-2027 (RWP) voorbereid dat in april 2021 de inspraak in gaat als tussenstap naar vaststelling eind 2021. Belangrijke mijlpalen per beleidsopgave zijn:

Klimaatadaptatie: Op het gebied van klimaatadaptatie hebben we in 2020 de provinciale klimaatstresstest uitgevoerd die we in 2021 verder ontwikkelen en provinciebreed verankeren op weg naar een Klimaatproof Brabant 2050.

Schoon water: In voorbereiding op de nieuwe KRW planperiode van de waterschappen en de provincie, respectievelijk de waterbeheerplannen (WBP’s) en het RWP, vond er het afgelopen jaar een intensief traject plaats om gezamenlijk de nieuwe samenwerkingsafspraken vorm te geven. Deze afspraken leggen we vast in een Koepelovereenkomst 2021-2027.  Deze overeenkomst is van groot belang, omdat de provincie en waterschappen gezamenlijk verantwoordelijk zijn voor het doelbereik Kaderrichtlijn Water (KRW) en we elkaar nodig hebben in de uitvoering.

Veilig water: Een andere mijlpaal was de bestuursovereenkomst Planuitwerking Meanderende Maas op 7 september 2020 tussen het ministerie van IenW en de 9 regiopartners. De provincie draagt als partner bij in dit majeure project (250 mln) met capaciteit, financiën en ruimtelijke borging. In de nationale stuurgroep Deltaprogramma werd de aanpak van dit integrale project onlangs omarmd, als voorbeeld van focus én integraliteit. De sleutels tot succes van de Meanderende Maas-aanpak zijn: van meet af aan brede scope en integrale opgave; gelijkwaardige partners, gezamenlijke procesregie, gedeeld eigenaarschap en samen sturen en investeren. Het beleid was er deels, en is deels zelf ontwikkeld met een interprovinciale structuurvisie Gelderland-Brabant. De brede scope van de structuurvisie maakte bovendien mogelijk om nieuwe kansen die zich later aandienden, in dit geval de Rijksopgave Riviernatuur, snel in te voegen. Het merendeel van de regionale keringen is inmiddels verbeterd. Provincie en waterschappen zijn in 2020 gestart met een herijking van het provinciaal beleid en regelgeving; voor onderwerpen als heroverweging van de grondslag van het normstelsel en invulling van de zorgplicht nemen we deel in het landelijke Ontwikkelprogramma Regionale Keringen.

Vitale Bodem: Afgelopen jaar is hiertoe het project BodemUp in de steigers gezet. Dit project schalen we in 2021 en volgende jaren fors op. In 2020 hebben we tevens nitraatresidumetingen (N90) uit laten voeren om sneller een beter handelingsperspectief voor waterkwaliteitsverbetering te hebben voor de agrariërs ten opzichte van de huidige methodiek. In samenwerking met het Rijk herhalen we deze metingen in 2021-2023.

Voldoende Water: In samenwerking met de omgevingsdienst is een groot deel van de watervergunningen geactualiseerd en zijn er in 2020 vijf bestuursovereenkomsten afgesloten met bedrijven waarin afspraken zijn gemaakt over reductie van het (grond)watergebruik. In totaal gaat het daarbij om 17,17 miljoen m3 per jaar die (drinkwater)bedrijven binnen de vergunde ruimte niet gebruiken de komende jaren.

Impact van de coronacrisis op de uitvoering en de realisatie van de geplande prestaties / inzet verbonden partijen: De coronacrisis heeft gezorgd voor (beperkte) vertraging op de samenwerkingen zoals de klimaatadaptatiedialogen en het daarop gebaseerde Uitvoeringsprogramma Klimaatadaptatie Zuid-Nederland, enkele STUW-projecten (inrichtingsmaatregelen KRW), Waterpoort, het programma Integraal Riviermanagement (IRM). Daarnaast is de aanpak van bodemsanering in 2020 doorgezet, maar heeft op een aantal onderdelen hinder/vertraging ondervonden van de coronamaatregelen. Tevens heeft de uitwerking en vaststelling van het concept RWP drie maanden vertraging opgelopen. In afstemming met het Rijk en de Brabantse waterschappen worden het RWP de waterbeheerplannen van de waterschappen in april 2021 ter inzage gelegd (oorspronkelijk beoogd in december 2020).

Hebben we bereikt wat we wilden bereiken?

Klimaatproof Brabant. Realiseren van een klimaatbestendige en waterrobuuste inrichting en bijbehorend gebruik

Omschrijving (toelichting)

Indicator:
• Mate waarin gebieden klimaatbestendig en waterrobuust zijn ingericht (100% in 2050).

Kwaliteit (indicator)

G

G

We pakken dit op verschillende manieren op. We maken klimaatadaptatie integraal onderdeel van alle provinciale programma's. We werken samen met onze partners in Zuid-Nederland aan een gezamenlijk Uitvoeringsprogramma klimaatadaptatie en we pakken klimaatadaptatie gebiedsgericht op via de Gebiedsgerichte Aanpak Groen-blauw.

Veilig Water. Blijven zorgen voor veiligheid door de bescherming tegen hoogwater

Omschrijving (toelichting)

Indicatoren:
• Het percentage rivierenlandschap waar sprake is van sterke dijken in combinatie met een uitbreiding van de afvoercapaciteit.
• De regionale keringen zijn veilig (100% voldoet aan de norm).

Kwaliteit (indicator)

G

G

De dijkversterkingen langs de Maas in Brabant die zijn geprogrammeerd in het Hoogwaterbeschermingsprogramma (HWBP) zijn in voorbereiding bij de waterschappen. De rivierverruimingsprojecten worden zoveel mogelijk integraal opgepakt. Provincie Noord-Brabant is de trekker van project Oeffelt en partner bij andere projecten.
Om de regionale keringen 100% aan de norm te laten voldoen hanteren we met de waterschappen een 6-jaarlijkse toetscyclus. De hieruit voortvloeiende verbeteringen zijn gerealiseerd. Voor 1 waterschap lopen de afspraken door tot 2023.  Provincie en waterschappen zijn gestart met een herijking van het provinciaal beleid en regelgeving en we nemen deel in het landelijke Ontwikkelprogramma Regionale Keringen.

Voldoende Water. Zorgen voor voldoende grond- en oppervlaktewater (voorkomen van overlast en tekorten)

Omschrijving (toelichting)

Indicatoren:
• Zoet water: Waterbeschikbaarheid is conform geldende gebiedsafspraken (einddata af te spreken in individuele gebiedsafspraken)
• Diep grondwater: Grondwaterstand en stijghoogte in de grondwaterlichamen voldoet aan de norm (uiterlijk 2027 moeten beide grondwaterlichamen voldoen, 1 voldoet momenteel niet).
• Ondiep grondwater: Areaal natte natuurparels dat niet langer verdroogd is (uiterlijk 2027 is 36.000 ha NNP niet langer verdroogd).
• Het Brabants grondgebied voldoet aan de norm voor regionale wateroverlast (elke 6 jaar worden de inspanningen gekwantificeerd).

Kwaliteit (indicator)

O

O

Alle bovenstaande indicatoren vergen een lange termijn aanpak en medewerking van veel partijen. Om de doelen te halen vraagt dit inzet van partijen binnen en buiten onze provincie en zelfs buiten de landsgrens waar het gaat om voldoen aan de normen voor het diepe grondwater.

Schoon Water. Herstellen van de kwaliteit van oppervlakte- en grondwater tot tenminste het basisniveau

Omschrijving (toelichting)

Indicatoren:
• Alle oppervlaktewaterlichamen in Brabant voldoen aan alle waterkwaliteitseisen conform de Kaderrichtlijn Water in 2027.
• Het grondwater in de drinkwaterbronnen in Brabant blijft van goede kwaliteit.

Kwaliteit (indicator)

O

O

De waterkwaliteit voldoet niet overal. Mede doordat het in uitvoering krijgen van oppervlaktewater-projecten meer tijd vergt dan voorzien.  En het effect van maatregelen in grondwaterbeschermingsgebieden door de complexiteit van het bodem- en watersysteem pas met enkele jaren vertraging zichtbaar is.

Hebben we daarvoor gedaan wat we wilden doen?

Vitale Bodem. Herstellen van de vitaliteit van de bodem

Omschrijving (toelichting)

Indicator:
• De mate waarin de Brabantse landbouwbodem vitaal is.
• Er is geen sprake meer van verdichting (belemmert infiltratie regenwater).
• Het gehalte aan organische stof is op voldoende niveau (bevordert binding meststoffen en water).
• Bodemleven is gevarieerd (bevordert ziektewering, binding meststoffen en bodemstructuur).
Streven is 100% landbouwbodems vitaal in 2050, gekoppeld aan klimaatadaptieve inrichting en gebruik.

Kwaliteit (indicator)

O

O

Richting 2050 zijn we goed op weg de indicatoren te behalen. Een toenemend aantal agrarische ondernemers investeert in de verbetering van de bodemvitaliteit. De klimaatverandering jaagt het bewustzijn aan van de noodzaak van een vitale bodem die beter water vasthoudt en plasvorming op de velden voorkomt.

In de pachtvoorwaarden van gronden van 14 gemeenten, provincie Noord-Brabant en BrabantWater zijn verplichtingen ten aanzien van duurzaam bodembeheer opgenomen; 40 agrariërs zetten stappen naar natuurinclusieve landbouw en investeren in verbetering van de bodemvitaliteit, op 3 voorbeeldbedrijven worden maatregelen voor agrobiodiversiteit doorgevoerd en 55 melkveehouders nemen deel aan de biodiversiteitsmonitor.

Inzet verbonden partijen

Voor het realiseren van de doelstellingen uit dit begrotingsprogramma worden onderstaande verbonden
partijen ingezet:
• GOB BV
• Brabant Water
• Nederlandse Waterschapsbank NV
Nadere informatie over de verbonden partijen staat in de paragraaf Verbonden partijen.

Heeft het gekost wat het mocht kosten?

Toelichting op de verschillen t.o.v. de begroting

Toelichting lasten

Afwijking lasten t.o.v. begroting na wijziging  x € 1.000
- Fysieke gezonde leefomgeving water 4.832
- Bodem 3.900
- Groene groei water 3.188
- Delta programma Veilig/rivieren 531
- Overig 227
   
Totaal afwijking lasten 12.678

 

Fysieke gezonde leefomgeving water
De onderschrijding wordt met name veroorzaakt doordat er voor STUW buiten de N2000 gebieden een aantal subsidieaanvragen werden verwacht in het najaar 2020. Deze zijn echter pas in december 2020 ontvangen en daardoor in januari 2021 beschikt. Daarnaast loopt het project Humane medicijnresten, mede door de coronacrisis, achter.

Bodem
Door uitstel in/afstel van de uitvoering van de saneringen, van onder andere Chemiepack, verlopen de realisaties niet volgens planning. Dit leidt tot een onderschrijding van € 3,9 mln.

Groene groei water
Bij het Deltaprogramma - De Hoge Zandgronden loopt het realisatietempo bij de waterschappen achter. De middelen zijn in samenspraak met de waterschappen herschikt. Daarnaast zorgt de coronacrisis voor vertraging op de klimaatadaptatiedialogen en het daarop gebaseerde Uitvoeringsprogramma klimaatadaptatie Zuid-Nederland.

Delta programma - Veilig/Rivieren
De onderbesteding komt met name doordat het project Veerbrug Alphen is vertraagd door vertraagde besluitvorming RWS. Daarmee schuift de provinciale bijdrage aan dit project door.

Overig
Diverse kleine onderschrijdingen.

 

De toegerekende organisatiekosten komen op basis van de gerealiseerde uren-inzet lager uit.

 

Toelichting baten

Afwijking baten t.o.v. begroting na wijziging x € 1.000
- Overig 321
- Bijdrage toegerekende organisatiekosten 783
Totaal afwijking baten 1.104

Overig: Meer inkomsten ontvangen dan oorspronkelijk geraamd o.a. op de interim bedrijvenregeling bodemsaneringen.

De bijdrage in de toegerekende organisatiekosten ad € 783.180 betreft de vergoeding voor de inzet van personele capaciteit voor activiteiten uit de voorziening grondwaterheffing.

 

Bedragen x € 1.000 Begroting 2020 oorspronkelijk Begroting 2020 na wijzigingen Jaarrekening 2020 realisatie Verschil begroting - realisatie
Lasten
Programma lasten 44.926 42.002 29.324 12.678
Toegerekende organisatiekosten 4.147 4.593 4.583 10
totaal lasten 49.072 46.595 33.907 12.689
Baten
totaal baten 5.213 7.362 8.466 1.104
saldo baten en lasten -43.859 -39.233 -25.440 13.793
Publicatiedatum: 28-05-2021

Inhoud