Meer
Publicatiedatum: 29-05-2020

Inhoud

Programma onderdelen

Programma 4 Natuur en milieu

Algemene voortgang van het programma

De opgaven waar we aan werken liggen grotendeels op schema. Er zijn begin dit jaar een aantal belangrijke besluiten genomen. Daarmee is er op veel fronten duidelijkheid over wat ons te doen staat. En ligt de nadruk van het programma, nog meer dan vorig jaar, op de uitvoering van het beleid.

Er is besloten langs welke lijnen we de versnelling van de realisatie van het Natuurnetwerk Brabant en de EVZ’s gaan inzetten. Met de waterschappen Aa & Maas, De Dommel en Brabantse Delta en met Brabants Landschap, Staatsbosbeheer en Natuurmonumenten zijn begin dit jaar overeenkomsten gesloten over het in een hoger tempo aanleggen van nieuwe natuur. Ze hebben daarbij aangegeven in welke gebieden zij de natuurrealisatie - en in combinatie daarmee het herstel van het watersysteem - op zich nemen. In totaal gaat het om 76 gebieden. Door alle partijen is een begrotingssubsidie aangevraagd waarmee zij ook extra personele inzet kunnen gaan organiseren.

De Brabantse Bossenstrategie is vastgesteld. Er is een start gemaakt met het maken van een uitvoeringsstrategie en het zoeken van de daarvoor benodigde financiële middelen.

Er wordt blijvend hard gewerkt aan het natuurherstel in N2000-gebieden. Zowel de grondverwerving als de uitvoering van inrichtingsmaatregelen is in volle gang. Daarnaast zijn in de afgelopen tijd het ontwerp inpassingsplan Ulvenhoutse bos en het ontwerp inpassingsplan Kempenland-West omgeving De Utrecht door GS vastgesteld. Een andere behaalde mijlpaal is de vaststelling van het inpassingsplan Natuurgebied Westelijke Langstraat door Provinciale Staten.

De doorwerking van de uitspraak van de Raad van State over het Programma Aanpak Stikstof blijft actueel en kost blijvend veel tijd. Zowel de ontwikkeling van nieuw instrumentarium als de gebiedsgerichte aanpak stikstof wordt in nauwe samenhang met het natuurbeleid ontwikkeld.

GS hebben besloten om als provincie de uitvoering van de Subsidieregeling Groen Blauw Stimuleringskader (Stika) binnenkort zelf te gaan doen en niet meer uit te besteden aan RVO. De aangepaste subsidieregeling wordt voor de zomer opengesteld.

Verschillende paragrafen van de Subsidieregeling natuur zijn weer opengesteld. Er is conform een aangenomen motie extra aandacht voor stadsvogels.

De Staten zijn geïnformeerd over een advies van de Maatschappelijke Adviesraad Faunaschade (MArF) over het voorkomen en bestrijden van faunaschade.

Door stikstofproblematiek en door Corona staat de uitvoering van vergunningverlening, toezicht en handhaving onder druk.

Wat willen we bereiken?

Realisatie van een robuust en samenhangend natuurnetwerk

De realisatie van een robuust en samenhangend natuurnetwerk is nodig om de achteruitgang van het areaal aan natuur en haar biodiversiteit te stoppen. Daarom vergroten we natuurgebieden en verbinden we natuurgebieden met elkaar tot het Natuurnetwerk Brabant (NNB).
Uitbreiding met nieuwe natuur vindt plaats door verwerving van (landbouw)gronden of functiewijziging (grond met particulier beheer). Veelal moeten deze gronden ook worden ingericht zodat de nieuwe natuur zich in de gewenste richting kan ontwikkelen. Daarnaast worden ecologische verbindingszones (EVZ’s) aangelegd om natuurgebieden met elkaar te verbinden.

Indicator:

  • In 2027 is het robuuste en samenhangende natuurnetwerk gerealiseerd.

Herstel van de biodiversiteit

Het gaat nog steeds niet goed met de Brabantse natuur. De biodiversiteit in de natuurgebieden is de afgelopen decennia afgenomen en stabiliseert zich op een te laag niveau. Dit komt doordat onze natuurgebieden te lijden hebben onder verdroging, vermesting, verzuring en versnippering. Daarom is het nodig om maatregelen te nemen die zorgen voor behoud en herstel van de biodiversiteit. We gaan ondermeer investeren in de omvorming van bestaande bossen en de aanleg van nieuwe bossen.
In het agrarisch gebied neemt de biodiversiteit nog steeds verder af. Daarom stimuleren we boeren om in hun bedrijfsvoering meer rekening te houden met natuur en soorten van het boerenland.

Het herstel van de biodiversiteit is in belangrijke mate afhankelijk van het doelbereik van de water- en bodemopgave en de transitie van de landbouw. Om de biodiversiteitsdoelen te realiseren is het dan ook noodzakelijk dat de gestelde doelen in de programma’s Water & Bodem (bv. tegengaan van verdroging in natuurgebieden en herstellen van de kwaliteit van oppervlakte- en grondwater) en Landbouw & Voedsel (bv. afname van de stikstofemissie en stimuleren van natuurinclusieve landbouw) worden behaald.

Om de biodiversiteit te herstellen worden herstelmaatregelen in N2000-gebieden en inrichtingsmaatregelen in leefgebieden uitgevoerd, leggen we faunapassages aan, investeren we in agrarisch natuur- en landschapsbeheer, gaan we nieuwe bossen aanleggen en worden bestaande bossen omgevormd.
Daarnaast werken we in 2020 verder aan een alternatief systeem voor het Programma Aanpak Stikstof, de transitie van de veehouderij en het terugdringen van de stikstofuitstoot. En zetten we in op soorten- en gebiedsbescherming op basis van de Wet natuurbescherming, faunabeheer en op de verdere ontwikkeling van het beleid rondom invasieve exoten.

Indicatoren:

  • In 2030 is de afname van de biodiversiteit naar een positieve trend omgebogen.
  • In 2050 hebben alle bedreigde planten en dieren in Brabant weer een geschikte leefomgeving.

Versterking van de kwaliteit van het Brabantse landschap

Het Brabantse landschap is aantrekkelijk om te wonen, te werken en te recreëren en biedt ruimte voor verscheidenheid aan planten en diersoorten. De identiteit en verscheidenheid van het Brabantse landschap wordt gewaardeerd door de Brabanders en bezoekers van onze provincie. Dat is een belangrijk factor zowel voor burgers om in Brabant te komen wonen als voor bedrijven om zich in Brabant te vestigen.
De provincie investeert in het landschap om de karakteristieke Brabantse landschappen te behouden en te versterken.

Indicatoren:

  • In 2030 zijn de waardevolle cultuurhistorische landschappen in Brabant behouden en waar mogelijk versterkt.
  • In 2050 staat Brabant met zijn TOP-landschap van oude en nieuwe landschappen in de top 5 van Europa.

Verankering van de natuur in de samenleving

We werken aan slimme verbindingen van natuur en landschap met de Brabantse samenleving en economie. Daarbij zetten we erop in dat burgers bewust zijn van het belang van natuur en landschap en daar zelf aan bijdragen. En dat ondernemers hun economische activiteiten laten plaatsvinden binnen de randvoorwaarden van natuur.

Indicator:

  • In 2022 investeren meer Brabantse burgers en ondernemers in hun groene leefomgeving.

Milieu. Continue verbetering van de luchtkwaliteit en vermindering van de geluid-, geur- en lichthinder

We werken eraan dat luchtkwaliteit, geluid-, en geur- en lichthinder geen overlast veroorzaken bij mens en dier. De wettelijke milieunormen zorgen voor een bepaalde basiskwaliteit. We voldoen hier minimaal aan. Daarnaast is onze ambitie om de ernst en cumulatie van milieubelasting significant terug te dringen. Dit betekent onder meer dat we in beeld willen krijgen én houden op welke ‘hotspots’ veel klachten voorkomen en waar een stapeling van verschillende belastingen (o.m. geluid, stof, geurhinder) kan leiden tot een lagere leefomgevingskwaliteit. Vervolgstap is om samen met gemeentes en andere partners te onderzoeken hoe we de milieubelasting tot een acceptabel niveau terug kunnen brengen.

Indicator:

  • Staat van de luchtkwaliteit (PM10, PM2.5, NO2) en verbetering van de ervaren geur- en andere milieubelasting per vierkante kilometer.

Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving (VTH) leveren een bijdrage aan een gezonde fysieke leefomgeving en daarmee een bijdrage aan een goed werk- en leefklimaat.

De uitvoering voor industrie, bouw, natuur, water en bodem wordt gedaan door de omgevingsdiensten.
De doelstellingen die betrekking hebben op de opgaven als lucht- en waterkwaliteit, natuurbescherming, vitale bodem worden benoemd in desbetreffende opgaven. Tevens dragen we met VTH bij aan de andere ontwikkelopgaven van de provincie waar dit te koppelen is aan onze wettelijke taak, zoals een energieneutrale en circulaire samenleving, klimaatakkoord en vitaal platteland.
We werken in VTH-risicogericht, we versnellen de duurzaamheid, bevorderen energiebesparing bij industriële bedrijven en moderniseren VTH door toepassing van digitale technieken.

Indicator:

  • De uitvoering VTH voldoet aan de beleidskaders uit de opgaven Natuur, Water en Milieu.

Ontwikkelingen en onzekerheden

Vooral de volgende ontwikkelingen zijn van invloed op het bereiken van de doelstellingen:

• De effecten van de Corona crisis kunnen de productiviteit en de resultaten van de omgevingsdiensten beïnvloeden. Toezichthouders worden door Veiligheidsregio's gevraagd andere taken op te pakken.
• De Raad van State heeft op 29 mei 2019 uitspraak gedaan over het Programma Aanpak Stikstof (PAS). Deze uitspraak heeft nog steeds een behoorlijke invloed op de vergunningverlening en leidt tot oplopende wachtlijsten.
• De (fysieke) basis van de bodem, het water en de lucht is (nog) niet op orde, de belasting van de natuur door stikstof, fosfaat en bestrijdingsmiddelen is (nog) te hoog en de verbetering van de waterkwaliteit- en kwantiteit blijft (vooralsnog) achter op de planning. Hierdoor staat het bereiken van de biodiversiteitsdoelen sterk onder druk.
• De omzetting van de subsidieverlening aan het GOB naar een opdrachtverlening, naar aanleiding van de uitspraak van de Raad van Staten, leidt tot een groot voordelig afwikkelverschil op de subsidie dat opnieuw ingezet moet worden voor de opdrachtverstrekking.

• Dekking Bodemtaken VTH: Vanaf 2021 vallen de middelen (rijksmiddelen Doeluitkering bodem) gekoppeld aan het Bodemconvenant 2015-2020 weg. Daarmee vervalt er ook een dekking van € 600.000 voor de VTH opdracht Bodem aan de Omgevingsdiensten. Door de bevoegheidsoverdracht van bodemtaken van de provincie naar de gemeente op 01-01-2021 onder de Omgevinsgwet, was het wegvallen van de dekking geen probleem. Met het uitstellen van de Omgevingswet veranderen echter de opgedragen taken aan de omgevingsdiensten in 2021 niet, totdat de Omgevingswet in werking treedt. Maar de dekking van het Bodemconvenant vervalt wel. Hierdoor ontstaat er een dekkingsprobleem over de periode 01-01-2021 tot inwerkingtreding Omgevingswet. Op dit moment is het IPO in overleg met het Rijk om te komen tot nadere afspraken. Onduidelijk is echter wanneer dit tot resultaat zal leiden, en wat dit resultaat zal zijn.

Nadere informatie over financiële risico’s en risicomanagement staat in de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing.

Financieel overzicht

Bedragen x € 1.000 begroting t/m wijz. I Wijziging II begroting t/m wijz. II
Lasten 114.375 41.137 155.512
Baten 6.461 5.170 11.631
saldo baten en lasten -107.914 -35.967 -143.881

Specificatie besluitvorming

Specificatie van de besluitvorming vindt u hier