Meer
Publicatiedatum: 29-05-2020

Inhoud

Programma onderdelen

Programma 3 Water en bodem

Algemene voortgang van het programma

Ook in 2020 werken we aan schoon, voldoende en veilig water en aan een vitale bodem als bouwstenen voor een duurzame leefomgeving. We zijn voortvarend aan de slag met de uitwerking van de Bestuursopdracht 'Stoppen van de verdroging met een waterrobuuste inrichting van Brabant'. Tegelijkertijd geven we de Visie Klimaatadaptatie vorm en bereiden we het regionale programma Water en Bodem voor dat eind 2020 de inspraak in gaat als tussenstap naar vaststelling eind 2021.

De opgaven liggen grotendeels op schema.  Voor klimaatadaptatie leveren we dit jaar de provinciale stresstest op en gaan we onverminderd door met het uitvoeren van projecten. De droogtes van de afgelopen jaren en het natte voorjaar van dit jaar laten zien dat het weer blijvend meer extremen laat zien.

Samen met het rijk, waterschappen en andere partners geven we de rivierverruimingsprojecten vorm zodat alle primaire dijkvakken in 2050 voldoen aan de geldende veiligheidsnormen. De projecten Meanderende Maas en Oeffelt bevinden zich in de planstudiefase, de uitkomsten van de verkenningsfase zijn enthousiast ontvangen.

Door onder andere de complexiteit van de gebiedsprocessen en de moeizame grondverwerving loopt de realisatie  achter en zullen de prestaties voor 2021, afgesproken in de Samenwerkingsovereenkomst tot Uitvoering Waterdoelen (STUW) niet geheel gerealiseerd worden. Daarom hebben we met de waterschappen in het Addendum STUW afgesproken om medio 2020 op basis van de totale opgave tot en met 2027 een besluit te nemen over het vervolg van de uitvoering. 

Daarnaast neemt de provincie de verdere uitwerking van waterbeschikbaarheid mee in de gebiedsgerichte uitwerking van Deltaplan Hoge Zandgronden en de bestuursopdracht verdrogingsbestrijding. De waterschappen hebben een grote rol in het opstellen van nieuwe gebiedsafspraken via onder andere GGOR-gebiedsprocessen. De provincie volgt deze voortgang.

Een Vitale Bodem in de vorm van een goede bodemstructuur is een basisvoorwaarde voor agrarische productie, waterhuishouding (tekort en teveel) en waterkwaliteit. Met de Bestuursopdracht uit de vorige bestuursperiode zijn de eerste stappen gezet naar verbetering van de bodem. In 2020 gaan we hier op verder en dragen daardoor bij aan de verdrogingsopgave en laten we de aanpak landen in het regionale programma Water en Bodem.

 

Wat willen we bereiken?

Klimaatproof Brabant. Realiseren van een klimaatbestendige en waterrobuuste inrichting en bijbehorend gebruik

Indicator:

  • Mate waarin gebieden klimaatbestendig en waterrobuust zijn ingericht (100% in 2050).

Veilig Water. Blijven zorgen voor veiligheid door de bescherming tegen hoogwater

Indicatoren:

  • Het percentage rivierenlandschap waar sprake is van sterke dijken in combinatie met een uitbreiding van de afvoercapaciteit.

100% van de primaire keringen voldoet aan de veiligheidsnorm in 2050 in combinatie met gerealiseerde waterstandsdaling door rivierverruimende maatregelen.

  • De regionale keringen zijn veilig (100% voldoet aan de norm).

De wettelijke verantwoordelijkheid van de provincie ligt bij de normering voor de 280 km regionale keringen en het toezicht op de herstelmaatregelen door de uitvoerende waterschappen. De regionale keringen in de waterschap Aa en Maas en waterschap Rivierenland voldoen aan de veiligheidsnorm. Waterschap de Dommel en waterschap Brabantse Delta hebben een herstelopgave van 5,8 km resp. 21,4 km. Met beide waterschappen zijn einddata voor oplevering afgesproken.

Voldoende Water. Zorgen voor voldoende grond- en oppervlaktewater (voorkomen van overlast en tekorten)

 Indicatoren:

  • Zoet water: Waterbeschikbaarheid is conform geldende gebiedsafspraken (einddata af te spreken in individuele gebiedsafspraken)
  • Diep grondwater: Grondwaterstand en stijghoogte in de grondwaterlichamen voldoet aan de norm (uiterlijk 2027 moeten beide grondwaterlichamen voldoen, 1 voldoet momenteel niet).
  • Ondiep grondwater: Areaal natte natuurparels dat niet langer verdroogd is (uiterlijk 2027 is 36.000 ha NNP niet langer verdroogd).
  • Het Brabants grondgebied voldoet aan de norm voor regionale wateroverlast (elke 6 jaar worden de inspanningen gekwantificeerd).

 

Schoon Water. Herstellen van de kwaliteit van oppervlakte- en grondwater tot tenminste het basisniveau

Indicatoren:

  • Alle oppervlaktewaterlichamen in Brabant voldoen aan alle waterkwaliteitseisen conform de Kaderrichtlijn Water in 2027.
  • Het grondwater in de drinkwaterbronnen in Brabant blijft van goede kwaliteit.

Vitale Bodem. Herstellen van de vitaliteit van de bodem

Indicator:

  • De mate waarin de Brabantse landbouwbodem vitaal is.

Bodemvitaliteit is een samengestelde indicator:

  • de mate waarin gronden een goed waterinfiltrerend en -vasthoudend vermogen hebben;
  • de mate waarin mineralen worden gebonden en afgegeven en
  • de mate waarin sprake is van een gezond bodemleven.

Streven is 100% in 2050, gekoppeld aan klimaatadaptieve inrichting en gebruik.

Ontwikkelingen en onzekerheden

  • Realisatie van de prestatieafspraken met de waterschappen 2016-2021 (Samenwerkingsovereenkomst tot Uitvoering Waterdoelen) blijft achter, terwijl er ook in de periode 2022-2027 nog veel werk moet worden verzet.
  • De aanpak van verdroogde natuur, binnen en juist ook buiten de natuurgebieden, vraagt een nieuwe werkwijze waarbij de  cofinanciering door derden, een onderschatting van de kosten  en het niet grootschalig genoeg opgezet krijgen, onzekerheden zijn.
  • Op langere termijn zal het Volkerak-Zoommeer verzilten, maar zolang het rijk hierover geen duidelijk tijdpad geeft en niet voldoende middelen reserveert, is het aan het rijk om hierin initiatief te nemen. Afgesproken is met het rijk dat provincie Noord-Brabant als voorzitter van het Gebiedsoverleg Zuidwestelijke Delta een trekkende rol heeft voor een gebiedsproces rondom het Volkerak-Zoommeer.

Nadere informatie over financiële risico’s en risicomanagement staat in de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing.

Financieel overzicht

Bedragen x € 1.000 begroting t/m wijz. I Wijziging II begroting t/m wijz. II
Lasten 46.070 5.165 51.235
Baten 5.213 230 5.444
saldo baten en lasten -40.857 -4.935 -45.791

Specificatie besluitvorming

Specificatie van de besluitvorming vindt u hier