Programma 4 Natuur en milieu

Algemene voortgang van het programma

Het programma ligt beperkt op koers. In de afgelopen tijd is voortvarend doorgewerkt aan de planvorming, grondverwerving en realisatie van het Natuurnetwerk Brabant en het herstel van N2000-gebieden.  

 

De uitvoering van het natuurbeleid gebeurt steeds meer in samenhang met andere opgaven: de gebiedsgerichte aanpak van natuur, water en landbouw. In februari 2022 bent u middels een statenmededeling geïnformeerd over de voortgang van de Brabantse Ontwikkelaanpak Stikstof. In de actualiteiten Stikstof die elk kwartaal uit komt worden de belangrijkste ontwikkelingen gemeld. In de tweede helft van dit jaar wordt specifiek over de voortgang van de gebiedsgerichte aanpak gerapporteerd, ook in relatie tot de landelijke ontwikkelingen (waarschijnlijk door middel van een themasessie). In circa 150 gebieden in Noord-Brabant wordt gewerkt aan de uitvoering van de groene en blauwe opgaven. In en rondom 17 van deze gebieden komen veel opgaven nauw samen. Het gaat hier om 14 stikstofgevoelige Natura2000-gebieden en om 3 gebieden met een grote klimaatopgave. 

 

Er wordt gewerkt aan een nieuw Beleidskader Natuur dat in oktober 2022 aan de Staten wordt voorgelegd. Begin 2022 is in PS gesproken over de Startnotitie met de opzet van het nieuwe Beleidskader Natuur. In mei 2022 is PS geïnformeerd over het Ontwerp Beleidskader Natuur 2023-2030 bij de terinzagelegging van het ontwerp Beleidskader Natuur en de bijbehorende planMER. 

 

Zoals aangegeven in het programmeringsdocument Natuur dat GS eind juli aan de Staten heeft aangeboden is in deze tweede bestuursrapportage de bezuinigingstaakstelling voor programma Natuur verwerkt. 

 

Het Ontwerp-Beleidskader Milieu en bijbehorende planMER liggen van 4 juli t/m 15 augustus 2022 ter inzage voor inspraak. In het vierde kwartaal wordt het ontwerp beleidskader Milieu ter besluitvorming aangeboden aan PS. De uitvoering van eerste 5 projecten uit de Uitvoeringsagenda Schone Lucht Akkoord (SLA) ligt op koers. Deze projecten gaan over emissieverlaging op bedrijventerreinen en binnen het onderhoudscontract voor provinciale wegen, een pilot voor combiluchtwassers, aanleg van walstroom in de haven van Moerdijk en een bijdrage voor twee roulerende meetpunten. Vanaf juli 2022 staan ze in de Graspeel (gemeente Maashorst) en in Baarle Nassau. We zijn bezig met de aanvragen van 3 nieuwe SLA projecten die in aanmerking komen voor een rijksbijdrage in 2022.    

Het RIVM heeft aangegeven dat zij in juli 2022 starten met metingen op het ankermeetpunt luchtkwaliteit in Nistelrode voor de periode 2022-2026. Er is overeenstemming met de gemeente en de eigenaar, en de meetapparatuur is beschikbaar. Daarnaast zijn de aanschrijvingen voor pre(geluid)sanering bij een aantal provinciale wegen in voorbereiding, vooruitlopend op de omgevingswet. 

 

De uitvoering van de VTH-taken bevindt zich momenteel in een zeer dynamisch speelveld. Vooral ontwikkelingen rondom de Wet Natuurbescherming (gebiedsbescherming en soortenbescherming) hebben grote invloed op de uitvoering. Voor gebiedsbescherming ligt de uitdaging in het gaande houden van de vergunningverlening, terwijl hierin een hoge mate afhankelijkheid is van externe factoren waaronder het Rijk. De beperkte beschikbaarheid van Aerius, diverse rechterlijke uitspraken, het ontbreken van kaders en overgangsrecht, en een toename aan handhavingsverzoeken leggen een voortdurende druk op de uitvoering. Dit heeft zich geuit in een brandbrief waarin de omgevingsdiensten aangeven dat ze zich grote zorgen te maken over de VTH-uitvoering. Bij Wnb soortenbescherming zien we dat het aantal aanvragen toeneemt, maar de kwaliteit van de aanvragen afneemt. De werkvoorraad neemt daarmee toe. Wij zoeken voortdurend de dialoog tussen beleid en uitvoering, om zo te kijken nieuwe ontwikkelingen tijdig te signalen en samen met de diensten de voorbereiding voor de uitvoering reeds op te pakken. Daarnaast bereiden de omgevingsdiensten zich volop voor op de Omgevingswet. 

 

Wat willen we bereiken?

Realisatie van een robuust en samenhangend natuurnetwerk

Omschrijving (toelichting)

Indicator:

  • In 2027 is het robuuste en samenhangende natuurnetwerk gerealiseerd

Kwaliteit (indicator)

O

Kwaliteit (toelichting)

Er wordt maximaal ingezet op het tijdig realiseren van het natuurnetwerk. Omdat het tempo van realisatie te laag is om in 2027 het natuurnetwerk volledig te realiseren, zijn diverse versnellingsacties ingezet. Zo hebben we in 2020 programmeringsafspraken met drie waterschappen en drie terrein beherende organisaties (TBO’s) en in 2022 met Stichting ARK in samenwerkingsovereenkomsten vastgelegd. Met de TBO’s is afgesproken dat zij 3.000 ha verwerven en in eindbeheer nemen. De samenwerkingsovereenkomsten met de waterschappen zijn aangevuld met afspraken in het kader van de Maatwerkovereenkomsten in het kader van de realisatie van het regionaal waterprogramma. We hebben voortgangsgesprekken gevoerd met de 6 bovengenoemde partners en met 15 overige trekkers van natuurprojecten. Uit de opgehaalde informatie blijkt dat in alle gebieden gesprekken worden gevoerd met grondeigenaren maar tot een echt hoger realisatietempo heeft dit nog niet geleid. Als oorzaak hiervan geven de partners de boodschap af dat grondverwerving op vrijwillige basis niet overal tot de gewenste resultaten leidt en tevens dat de grondprijzen stijgen/onder druk staan. Onduidelijkheden in de landelijke stikstof aanpak leiden er ook regelmatig toe dat grondeigenaren even een pas op de plaats maken. In september krijgen de programmeringsafspraken en de voortgangsgesprekken een vervolg in het kader van Gebiedsgerichte Aanpak. 

Wat gaan we daarvoor doen?

Herstel van de biodiversiteit

Omschrijving (toelichting)

Indicatoren:

  • In 2030 is de afname van de biodiversiteit naar een positieve trend omgebogen

Kwaliteit (indicator)

O

Kwaliteit (toelichting)

Feitelijk zijn alle activiteiten binnen het programma natuur direct (realisatie en beheer robuust natuurnetwerk) en indirect (versterken kwaliteit Brabantse landschap en verbinding natuur in de samenleving) gericht op het herstel van de biodiversiteit. In aanvulling daarop worden extra gerichte maatregelen genomen middels agrarisch natuurbeheer, door het realiseren van de bossenstrategie en het leefgebiedenbeleid voor kwetsbare soorten en door het nemen van herstelmaatregelen in en in de omgeving van de N2000-gebieden. Het Agrarisch natuur- en landschapsbeheer wordt geactualiseerd naar aanleiding van het Nationaal Strategisch Programma voor het Nieuwe GLB, er wordt uitvoering gegeven aan het actieplan Brabantse Bomen. Ook zijn de subsidieregelingen voor Natura-2000 en het leefgebiedenbeleid opengesteld. Tenslotte zijn subsidieregelingen opengesteld voor de aanvullende herstelmaatregelen uit het Landelijk Programma Natuur en voor de compensatie van de bossen die in het verleden voor N2000-doelen zijn gekapt. 

Wat gaan we daarvoor doen?

Versterking van de kwaliteit van het Brabantse landschap

Omschrijving (toelichting)

Indicatoren:

  • In 2030 zijn de waardevolle cultuurhistorische landschappen in Brabant behouden en waar mogelijk versterkt

Kwaliteit (indicator)

G

Kwaliteit (toelichting)

Met de Stimuleringsregeling Landschap en de subsidieregeling voor de aanleg van landschapselementen en het herstel van cultuurhistorische landschapselementen wordt ingezet op de realisatie van nieuwe landschapselementen en behoud van huidige waarden. Deze inzet kan niet verhinderen dat de kwaliteit, door de diverse ruimtelijke opgaven, onder druk staat. Onder de paraplu van de Omgevingsvisie wordt daarom gewerkt aan een meer landschap inclusieve benadering in de verschillende beleidskaders en de omgevingsverordening. Ook in het nieuwe Beleidskader Natuur zal dat zijn invulling krijgen om aan de ambities voor 2050 bij te dragen. 

Wat gaan we daarvoor doen?

Verankering van de natuur in de samenleving

Omschrijving (toelichting)

Indicator:

  • In 2022 investeren meer Brabantse burgers en ondernemers in hun groene leefomgeving

Kwaliteit (indicator)

G

Kwaliteit (toelichting)

In 2022 zetten we onverminderd in op vergroening van de leefomgeving. Daarvoor ondersteunen we projecten van relevante netwerken (IVN, buurtnatuur- en waterfonds, etc.) met grote maatschappelijke impact. 

Wat gaan we daarvoor doen?

Milieu. Continue verbetering van de luchtkwaliteit en vermindering van de geluid-, geur- en lichthinder

Omschrijving (toelichting)

Indicator:

  • In 2030 is de luchtkwaliteit verbeterd en de geluidsoverlast verminderd

Kwaliteit (indicator)

G

Kwaliteit (toelichting)

We werken eraan dat luchtkwaliteit, geluid-, en geur- en lichthinder geen overlast veroorzaken bij mens en dier. Een ongezond buitenmilieu veroorzaakt 3,5% van alle ziektelast in Nederland. De wettelijke milieunormen zorgen voor een bepaalde basiskwaliteit. We voldoen hier minimaal aan. Daarnaast is onze ambitie om de ernst en cumulatie van milieubelasting terug te dringen. Hiermee dragen we bij aan de ambities van de provincie om gezondheid, kwaliteit van leven en welzijn te beschermen en te bevorderen. 

Wat gaan we daarvoor doen?

Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving (VTH) leveren een bijdrage aan een gezonde fysieke leefomgeving en daarmee een bijdrage aan een goed werk- en leefklimaat.

Omschrijving (toelichting)

Indicator:

  • De uitvoering VTH voldoet aan de beleidskaders uit de opgaven Natuur, Water en Milieu

Kwaliteit (indicator)

G

Kwaliteit (toelichting)

Wat gaan we daarvoor doen?

Ontwikkelingen en onzekerheden

  • In de Startnotitie Nationaal Programma Landelijk Gebied (NPLG) zijn de richtinggevende doelen voor de reductie van de stikstofemissies aangegeven alsmede structurerende keuzes die van belang zijn voor de richtinggevende doelen voor natuur, water/bodem en klimaat die in oktober bekend zullen worden gemaakt. Het Rijk legt in het NPLG de structurerende, richtinggevende keuzes en (regionale) doelen voor natuur, stikstof, water en klimaat vast, ten behoeve van het onontkoombaar maken dat de landelijke doelen gehaald worden. Dit vormt de basis voor de uitwerking van integrale gebiedsprogramma’s onder regie van de provincies. De provincie Noord-Brabant bekijkt nu hoe de richtinggevende doelen zoals nu en in oktober gesteld door de minister van Natuur & Stikstof passen bij de bestaande lijn. Bovendien zetten we het gesprek voort met betrokken partijen in de gebieden bij de te maken keuzes in de gebiedsgerichte aanpak. In juli 2023 zal het resultaat hiervan worden opgenomen in het Gebiedsplan dat aan de minister van Natuur en Stikstof zal worden aangeboden. 
  • Het is onzeker wanneer de subsidie aanvragen in het kader van het Landelijk Programma Natuur vanuit de TBO’s, grondeigenaren en beheerders precies binnen komen en of ze nog dit jaar beschikt kunnen worden. Ook wordt goed bekeken of de aangevraagde maatregelen uitgevoerd kunnen worden vóór 2025 wat een vereiste is voor deze eerste tranche van deze middelen vanuit het Rijk. 
  • Voor de vergunningverlening Wet Natuurbescherming op het onderdeel gebiedsbescherming zijn, naar aanleiding van de stikstofproblematiek, in de afgelopen tijd aanpassingen doorgevoerd in de kaders. Hierdoor moesten alle aanvragen opnieuw beoordeeld worden. Daarnaast ontbreken stabiele kaders door rechterlijke uitspraken. De kosten van de uitvoering zijn daardoor hoog, terwijl de legesinkomsten fors achterblijven.  
  • Bij de invoering van de Omgevingswet per 1-1-2023 verwachten we een toename van vergunningen in het laatste deel van 2022, omdat vanaf 2023 een legestarief aan de orde is voor milieubelastende activiteiten. Er is ook een risico op mogelijk uitstel vanwege definitieve besluitvorming in de eerste kamer in oktober.  
  • Milieu: Beperken geluidsoverlast. De aanschrijvingen voor sanering van woningen was aanvankelijk gekoppeld aan groot onderhoud van provinciale wegen. De realisatieplanning was daarmee afhankelijk van de onderhoudsplanning rondom provinciale wegen. Bij de laatste aanpassing van de subsidieregeling is deze koppeling losgelaten om zodoende voortgang op de projecten te houden.  
  • De omvang van de pre-saneringsopgave is mede afhankelijk van de keuze van gemeenten om de bevoegdheid voor geluidssaneringen voor woningen langs provinciale wegen al vooruitlopend op de omgevingswet over te dragen naar de provincie. Daarnaast kunnen tot 1-1-2023 (ingangsdatum omgevingswet) nog (onvoorziene) aanpassingen in wet en rijksregelgeving plaatsvinden die hun doorwerking hebben naar provinciaal beleid/subsidieregeling. 
  • Het VTH-programma heeft de afgelopen periode geïnvesteerd in het versterken van de verbinding tussen beleid en VTH-uitvoering, inclusief het betrekken van de omgevingsdiensten. Gezien de diverse beleidskaders, uitvoeringsagenda, de transitie van de landbouw en stikstofopgaves legt dit vroegtijdig aanhaken extra beslag op de capaciteit van programma VTH, maar zorgen we zo wel voor een tijdig inschatting van de effectieve en efficiënte inzet van het VTH-instrumentarium, de uitvoerbaarheid en de impact op de opdracht aan de omgevingsdiensten.  
  • In de dossiers rondom Stikstof en de Omgevingswet worden de incidentele tegenvallers opgevangen binnen de Egalisatiereserve VTH. De egalisatiereserve komt daardoor onder druk komt te staan. 

Financieel overzicht

Bedragen x € 1.000
4. Natuur en milieu Begroting t/m wijz. 2 Wijziging 3 Begroting t/m wijz. 3
Lasten 202.196 1.190 203.386
Baten 46.537 1.752 48.289
Saldo baten en lasten 155.659 N 562 V 155.097 N