Meer
Publicatiedatum: 12-07-2019

Inhoud

Programma onderdelen

Programma 3 Natuur, water en milieu

Algemeen beeld van het programma

Doelstelling
De opgaven Verbindend Water, Milieu en Gezondheid en Uitnodigend Groen dragen bij aan een duurzame fysieke leefomgeving van Brabant. Duurzaamheid bereiken we enerzijds door zuinig te zijn op de fysieke leefomgeving en daarin kaderstellend en toetsend op te treden. Dit past ook bij onze wettelijke taken op dit gebied. We gaan echter nog een stap verder en zijn mede vormgever van duurzaamheid. We gaan uit van een systeemaanpak, waarbij het gebruik in balans dient te zijn met de fysieke ondergrond van bodem en water. Dit werkt bijvoorbeeld door in de (on)mogelijkheden voor natuurherstel of principes voor water- en bodeminclusief beheer van agrarische gronden. Dit systeemdenken stelt eisen aan de gebruikers en het gebruik. Niet enkel in beperkende zin, maar juist ook uitnodigend en perspectiefrijk. Zo is een vitale bodem en een gezond watersysteem de drager van een circulaire economie en duurzame, volhoudbare agrofood.

Programma 3 Natuur, Water en milieu op hoofdlijnen

Water en Milieu (03.01 en 03.02)

Wat wil de provincie bereiken?

Het water- en milieubeleid is integraal vastgelegd in het Provinciaal Milieu- en Waterplan (PMWP) waarbij de activiteiten zijn verwoord in de dynamische uitvoeringsagenda (DUA). Vanwege de integrale aanpak presenteren wij deze twee opgaven hieronder gezamenlijk. We werken aan een Brabant waar mens, plant en dier gezond en prettig kunnen leven, met ruimte voor een elkaar versterkende economische, maatschappelijke en ecologische ontwikkeling. Met andere woorden:

  • voldoende en schoon water voor gebruik door de mens en waardevol voor plant en dier;
  • schone, veilige en gezonde leefomgeving (bodem, water, lucht en geluid);
  • bescherming van Brabant tegen overstromingen en externe risico’s.

Met onze wettelijke taken leggen we de basis voor een duurzame, veilige fysieke leefomgeving:
schone en gezonde lucht, bodem en water. We moeten voldoen aan de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW, gericht op schoon oppervlakte- en grondwater) en Richtlijn Overstromingsrisico’s (ROR). Onder de noemer van het Deltaprogramma kijken we vooruit en treffen maatregelen om te kunnen blijven beschikken over voldoende zoet
water en om ons te beschermen tegen hoogwater op de Maas en de Waal/Merwede. In de Zuidwestelijke Delta brengen we zout en getij terug om daarmee de ecologische vitaliteit te herstellen, die daarmee een enorme boost geeft aan de sociale en economische ontwikkeling van het gebied West-Brabant. Voor de uitvoering van de operationele taken op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving geven we opdracht aan de omgevingsdiensten. Bovendien hebben we in het PMWP ambities verwoord, gericht op een gezonde fysieke leefomgeving, veilige fysieke leefomgeving en groene groei. Hieraan geven we samen met partners vorm.
De provincie zet in op het energieneutraal maken van de gebouwde omgeving, o.a. energieneutrale woningen en vermindering van energieverbruik door bedrijven. We continueren het huidige beleid met betrekking tot de aanpak van de bodemsanering. En de overlast van drugsafval pakken we voortvarend aan. Daarnaast regelen we de nazorg voor gesloten stortplaatsen en anticiperen hierop bij de stortplaatsen, die de komende tijd gaan sluiten.
Ook verbinden we onze opgaven aan beschikbare Europese fondsen en werken we samen met andere regio's aan cofinancieringsmogelijkheden en kennisuitwisseling en - uitrol.

Natuur en landschap (03.03)

Wat wil de provincie bereiken?

Het natuurbeleid is gedecentraliseerd van het rijk naar de provincies. Met de inwerkingtreding van de Wet natuurbescherming per 1 januari 2017 is de decentralisatie afgerond. Daarmee ligt nagenoeg de gehele (wettelijke) verantwoordelijkheid voor het natuurbeleid in Brabant bij de provincie.

Het Brabants natuurbeleid is vastgelegd in de beleidsvisie Brabant Uitnodigend Groen (BrUG) en is erop gericht dat de achteruitgang van de biodiversiteit stopt en alle bedreigde planten en dieren in Brabant weer een geschikte leefomgeving krijgen én dat natuur en landschap verankerd raken in de samenleving. Om dit te bereiken zijn in BrUG vier pijlers onderscheiden:

  1. een samenhangend en robuust netwerk van natuurgebieden inclusief verbindingen.
  2. behoud en herstel van biodiversiteit Brabantbreed van stad tot land.
  3. een Brabants mozaïek van landschappen met regionale identiteiten gericht op een goed leef- en vestigingsklimaat.
  4. verankering van natuur en landschap in de samenleving, in samenhang met economische en sociale culturele ontwikkelingen in een ruimtelijke context. 

De doelen willen we vooral bereiken door het stimuleren en faciliteren van (manifest)partners bij de realisatie van het Natuurnetwerk Brabant, het subsidiëren van partners die natuur beheren en werken aan verbetering van biodiversiteit en karakteristieke landschappen én door het verbinden van natuur en landschap met de economie en de maatschappij.

Daarnaast zorgen we voor heldere kaders (bv. het natuurbeheerplan) en groene wet- en regelgeving (bv. de Verordening natuurbescherming).

Het realiseren van een samenhangend en robuust netwerk van natuurgebieden is ondergebracht in productgroep Groen Ontwikkelfonds Brabant (03.04).

De overige doelstellingen vallen onder de productgroep Natuur en Landschap (03.03).

Groen Ontwikkelfonds Brabant (GOB) (03.04)

Wat wil de provincie bereiken?

Het GOB financiert initiatiefnemers die het Natuurnetwerk Brabant realiseren en daarmee bijdragen aan een samenhangend en robuust netwerk van natuurgebieden. Daarnaast stimuleert het GOB nieuwe initiatieven.

Het Natuurnetwerk Brabant bestaat uit een rijksdeel en een provinciaal deel. Het rijksdeel van het Natuurnetwerk Brabant wordt gerealiseerd met rijksmiddelen, in de vorm van geld en grond die door het Rijk beschikbaar zijn gesteld aan de provincie. Het provinciale deel van het Natuurnetwerk Brabant en de ecologische verbindingszones worden gerealiseerd met provinciale middelen.

Wat mag het kosten?

Uitwerking Water (03.01)

Doelstellingen

Wat mag dit kosten?

Toelichting op de verschillen tussen Begroting 2018 en 2017

In zijn algemeenheid zien we dat het vastgestelde PMWP en STUW in 2017 goed op gang komt, maar de jaren daarna vooral tot bestedingen zal leiden.

Uitwerking Milieu (03.02)

Doelstellingen

Wat mag dit kosten?0302

Toelichting op de verschillen tussen Begroting 2018 en 2017

In 2017 waren voor de volgende onderdelen hogere uitgaven geraamd dan 2018:

  • Verzoektaken omgevingsdiensten: €1,7 mln.;
  • Interim bedrijvenregeling: €8 mln., deze regeling wordt voor het rijk uitgevoerd en volledig vergoed. Raming wordt bij burap opgevoerd, omdat gebruik van de regeling niet te voorspellen is;
  • Rijksbijdrage drugsafval, €1,3 mln.

Baten betreffen de inkomsten van Interimregeling (€ 8 mln.) en legesinkomsten Natuurbeschermingswet die later dit jaar nog geraamd zullen worden, zie ook paragraaf Heffingen (€1,4 mln).

Uitwerking Natuur en Landschap (03.03)

Doelstellingen

Stoppen achteruitgang biodiversiteit, geschikte leefomgeving bedreigde planten en dieren, verankeren natuur en landschap in samenleving

Het Brabants natuurbeleid is vastgelegd in de beleidsvisie Brabant Uitnodigend Groen (BrUG) en is erop gericht dat de achteruitgang van de biodiversiteit stopt en alle bedreigde planten en dieren in Brabant weer een geschikte leefomgeving krijgen én dat natuur en landschap verankerd raakt in de samenleving. Om dit te bereiken zijn in BrUG 4 pijlers onderscheiden:
1. Een samenhangend en robuust netwerk van natuurgebieden inclusief verbindingen.
2. Behoud en herstel van biodiversiteit Brabantbreed van stad tot land.
3. Een Brabants mozaïek van landschappen met regionale identiteiten gericht op een goed leef- en vestigingsklimaat.
4. Verankering van natuur en landschap in de samenleving, in samenhang met economische en sociale culturele ontwikkelingen in een ruimtelijke context.

Wat mag het kosten?

Toelichting op de verschillen tussen Begroting 2018 en 2017

Lasten:
Voor de uitvoering van de projecten transitie DLG (voorheen door Dienst Landelijke Gebied uitgevoerd) zijn in 2018 minder middelen geraamd (€ 6,3mln.) en voor POP 3 bijdrage Natuur ( € 7,4 mln.) dan in 2017. Tevens is in 2017 een eenmalige last genomen voor SNL beheer (€ 8,3 mln.) voor het afsluiten van voortzetting contracten middels baten en lasten stelsel. En is er een lagere subsidieverstrekking voor PAS afgegeven (€ 6,6 mln.). Daarnaast zijn er in 2017 minder gebiedscontracten afgegeven in het kader van Stimuleringskader Groen Blauwe diensten ( € 2,9 mln.) en is € 3 mln. ingezet voor POP 3 Biodiversiteit.

Baten:
Voor de uitvoering van de projecten transitie DLG (voorheen door Dienst Landelijke
Gebied uitgevoerd) zijn in 2018 minder inkomsten geraamd (€ 1,7 mln.) dan in 2017
In 2017 zijn er minder gebiedscontracten afgegeven in kader van Stimuleringskader Groen Blauwe diensten ( € 1,2 mln.)

Uitwerking Groen Ontwikkelfonds Brabant (03.04)

Doelstellingen

Realiseren volledige natuurnetwerk Brabant

De doelstelling van het Groen Ontwikkelfonds Brabant BV (GOB) is het realiseren van het volledige Natuurnetwerk Brabant.
Het Natuurnetwerk Brabant bestaat uit een rijksdeel en een provinciaal deel. Het rijksdeel van het Natuurnetwerk Brabant wordt gerealiseerd met rijksmiddelen, in de vorm van geld en grond die door het Rijk beschikbaar zijn gesteld aan de provincie. Het provinciale deel van het Natuurnetwerk Brabant en de ecologische verbindingszones worden gerealiseerd met provinciale middelen.

In onderstaande tabel zijn de doelstellingen en de beschikbare middelen van het GOB gespecificeerd.

Opgave

 

Beschikbare middelen

Verwerving en inrichting rijksdeel NNB: 6.500 ha in 2027

2.274 ha grond van het rijk en € 210 miljoen rijksgeld te ontvangen in de periode 2014 - 2027

Inrichting reeds verworven rijksdeel NNB: 5.648 ha in 2021

€ 40 miljoen (BrUG-geld)

Verwerving provinciaal deel NNB: 3.100 ha in 2027

€ 109 miljoen uit (BrUG-geld)

Inrichting provinciaal deel NNB: 3.100 ha in 2027

€ 20 miljoen uit (BrUG-geld)

Realisatie EVZ’s: 1.300 km

€ 71 miljoen uit (BrUG-geld)

Wat mag het kosten?

Toelichting op de verschillen tussen Begroting 2018 en 2017

De grondposities (aankoop, verkoop en doorlevering) laten zich moeilijk ramen per
jaarschijf. Snelle grondverwerving in de Natura 2000-gebieden is nodig om aan de eisen van het Rijk te kunnen voldoen. Bij bestuursrapportages worden begrotingswijzigingen voorgesteld worden o.b.v. de meest
recente grondmutaties.

Relatie Bestuursakkoord & Perspectiefnota 2017

Relatie Bestuursakkoord & Perspectiefnota 2017

Bestuursopdrachten

Bestuursopdracht Vitale bodem

Een vitale bodem is een essentiële schakel in het realiseren van oplossingen voor waterkwaliteit, wateroverlast, watertekort en bodemkwaliteit. Onderzocht worden de sturingsmogelijkheden vanuit de provincie voor een duurzaam bodembeheer tot op bedrijfsvoeringsniveau. We doen dit samen met de partijen die medebepalend zijn voor de agrarische bedrijfsvoering, zoals verwerkers, inkopers, leveranciers, geldverstrekkers e.d., zodat we tot oplossingen komen met voldoende schaalgrootte. In de bestuursopdracht brengen we in beeld welk beleid, welke financiële middelen en welke capaciteit hiertoe nodig is.

Bestuursopdracht Connecting Delta

In het traject Connecting Delta werkt de provincie aan een economisch en

ecologisch sterke regio West-West-Brabant. Zoals toegelicht in de algemene inleiding op de begroting willen we komen tot een versnellingsagenda voor West-West-Brabant, waarbij een belangrijke hefboom ligt in het zout maken van de wateren Grevelingen en Volkerak-Zoommeer. Door een verbeterde waterkwaliteit zal de benutting van de wateren en het omliggende gebied een boost krijgen.

Bestuursopdracht Integrale aanpak VTH taken

Uw bestuursopdracht om het VTH-instrumentarium in te zetten voor het bereiken van de provinciale opgaven hebben we actief opgepakt. Naast energie, agrofood, natuur,  milieu en water  en de pilot  intensivering toezicht veehouderijen wordt gekeken of ook andere opgaven  taken kunnen opdragen aan omgevingsdiensten. Dit is een jaarlijks terugkerend proces bij de opdrachtvertrekking aan de omgevingsdiensten. Via dialoogsessies wordt een brug geslagen tussen beleidsopgaven en de uitvoering bij de omgevingsdiensten.  De intensivering van het  toezicht veehouderijen start per 1 januari 2018 en duurt drie jaar. Op dit moment worden de voorbereidingen getroffen met omgevingsdiensten en de gemeenten.  Naast de naleving van milieuregels kijkt men daarbij ook naar realisatie van de doelen voor asbest, leegstand, en zorgvuldige veehouderij. De financiële middelen hiervoor worden gedekt uit middelen binnen de inhoudelijke opgaven.

Bestuursakkoord

De afspraken die zijn genoemd in het bestuursakkoord zijn vertaald in activiteiten van programma Water, onder andere door het vrijmaken van middelen om onze provinciale rol in de uitvoering van het Deltaprogramma (waterveiligheid, zoetwatervoorziening, ruimtelijke adaptatie) te intensiveren. Een vergelijkbare rol pakken we op voor realiseren van de waterkwaliteitsdoelstellingen, zeker nu tijdig doelbereik (KRW deadline is 2027) onder druk staat.
Als we daartoe andere partijen dan de nu gebruikelijke moeten opzoeken, dan laten we dat niet na. Sterker nog, we promoten onze doelstellingen pro-actief buiten de provincie. 

De invulling van de middelen PMWP en Deltaprogramma: Rivieren/Maas zijn door Provinciale Staten vastgesteld, waarbij de bestuursakkoordmiddelen (bijna €34 mln.) opgenomen zijn in de begroting.

In het bestuursakkoord is € 50 mln opgenomen voor investeringen in de ecologische structuurversterking. Hiervan is inmiddels € 7 mln bestemd voor ecologische structuurversterking in de Zuidwestelijke Delta (Connecting Delta) en € 2 miljoen voor organisatiekosten. In november 2017 wordt aan PS een voorstel voorgelegd voor de invulling van de overige € 41 mln. Dit gebeurt in samenhang met voorstellen voor bijsturing van het natuurbeleid n.a.v. de tussenevaluatie van BrUG en de aangepaste businesscase van het GOB.

Beleidsprestaties Begroting 2018

Wat gaat de provincie daarvoor doen?

Water (wettelijke en structurele taken)

Binnen de wateropgaven heeft de provincie veel structurele taken die volgen uit wettelijke verplichtingen of bestuurlijke afspraken. Met onze structurele taken leggen we de basis voor een duurzame fysieke leefomgeving: voldoende en schoon water voor gebruik door de mens en waardevol voor plant en dier en bescherming van Brabant tegen overstromingen. Min of meer reguliere taken zijn: uitvoering zwemwaterbeleid, monitoring meetnet grondwater. afhandelen schade nav grondwateronttrekkingen. vaarwegbeheer West-Brabantse kanalen (Brabantse Delta voert uit), zorgplicht drinkwatervoorziening inclusief grondwaterkwaliteitsbescherming. Daarnaast hebben we eigen ambities op het vlak van onder andere wijstherstel en venherstel. Voor de uitvoering van operationele taken op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving geven we opdracht aan de omgevingsdiensten; vanaf 2018 worden die bij 1 omgevingsdienst (ODZOB) belegd.

Milieu (wettelijke en structurele taken)

Binnen de opgave Milieu en gezondheid heeft de provincie veel structurele taken die volgen uit wettelijke verplichtingen of bestuurlijke afspraken. Met deze structurele taken zorgen we dat de basis op orde is voor een duurzame fysieke leefomgeving: schone en gezonde lucht, met zo weinig mogelijk hinder als gevolg van geluid, geur, trillingen en licht en een schone bodem. Voor de aspecten lucht en geluid zijn er specifieke wettelijke taken. Voor lucht bijvoorbeeld de monitoring van de luchtkwaliteit via het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL). Op een drietal plaatsen te weten: Moerdijk, Zuidwest Brabant en Natura2000-gebieden monitort de provincie de luchtkwaliteit, soms samen met het RIVM. Jaarlijks worden de resultaten gerapporteerd. Voor geluid worden om de 5-jaar voor het provinciaal wegennet een geluidsbelastingkaart en een actieplan vastgesteld. In 2018 wordt weer een actieplan vastgesteld. In de PMV zijn stiltegebieden vastgelegd, dit betekent dat er voor bepaalde activiteiten in deze gebieden ontheffing noodzakelijk is. Bij aanleg of reconstructie van een provinciale weg is toetsing aan de Wet geluidhinder noodzakelijk. In enkele gevallen is een ontheffing op basis van deze wet noodzakelijk. De milieueffectrapportage (m.e.r.) is een hulpmiddel bij het nemen van besluiten. Op deze manier krijgt het milieubelang een volwaardige plaats in de besluitvorming. De m.e.r.-procedure is gekoppeld aan de 'moederprocedure'. Provinciale projecten waarvoor een MER-nodig is worden voorbereid binnen de opgave M&G. Op basis van de Wet luchtvaart zijn bij militairen luchthavens commissies ingesteld voor Overleg & Voorlichting Millieuhygiëne zgn. COVM’s. In 2016 heeft Brabant de Atlas leefomgeving met gezondheidskaarten als eerste provincie geïntroduceerd. Het actueel houden van deze kaarten is een continu proces. Met het Rijk is een convenant Bodem en Ondergrond afgesloten. Hierin is bepaald dat in 2020 alle spoedeisende bodemsaneringen zijn gesaneerd dan wel beheersbaar. Jaarlijks wordt gerapporteerd over de voortgang. Met betrekking tot de zgn. Leemtewet stortplaatsen worden de sluiting en uitvoering nazorg voor een viertal locaties voorbereid. Voor twee gesloten stortplaatsen zijn GS verantwoordelijk voor het uitvoeren van de milieu hygiënische nazorg. Daarnaast zijn GS bevoegd gezag voor deze gesloten stortplaatsen. In het geval van herinrichting van voormalige stortplaatsen worden jaarlijks ontheffingen en meldingen afgegeven voor het gebruik van deze stortplaatsen.

Inzet verbonden partijen

• Omgevingsdiensten: De omgevingsdiensten zorgen voor de uitvoering van het provinciaal programma vergunningverlening, toezicht en handhaving. Dit gebeurt met inachtneming van de vastgestelde kwaliteitscriteria 2.1. De uitvoering is hiermee op afstand van het bevoegd gezag geplaatst, maar de regie op het programma vindt plaats bij de provincie.
• Nazorgfonds: Op 1 april 1998 is de Nazorgregeling Wet Milieubeheer in werking getreden. In deze wet is de verantwoordelijkheid voor een eeuwigdurende nazorg voor stortplaatsen, waar na 1 september 1996 afvalstoffen zijn of worden gestort, neergelegd bij de provincies. Doel is te voorzien in een zodanig beheer van stortplaatsen dat na de sluiting de grootst mogelijke bescherming wordt geboden tegen nadelige gevolgen.
• GOB: Het Groen Ontwikkelfonds Brabant BV (GOB) financiert initiatiefnemers die het Natuurnetwerk Brabant realiseren en daarmee bijdragen aan een samenhangend en robuust netwerk van natuurgebieden. Het Natuurnetwerk Brabant bestaat uit een rijksdeel en een provinciaal deel. Zie ook 03.04 en de paragraaf Verbonden Partijen voor uitgebreide toelichting.