Meer
Publicatiedatum: 25-09-2017

Inhoud

Programma onderdelen

Programma 2 Ruimte en Agrofood

Algemeen beeld van het programma

Doelstelling
Het behoud van een fijnmazig mozaïek in Brabant, waarin steden, dorpen, landbouw, bedrijvigheid, natuur en water een samenhangend geheel vormen. Dit mozaïek maakt de provincie aantrekkelijk om er te wonen, te werken en te recreëren. Voor het behoud van dit mozaïek is het noodzakelijk dat er, gericht op het toevoegen van kwaliteit, duidelijke keuzes gemaakt worden.

We werken aan het behoud en de versterking van dit mozaïek door:

  • Het opstellen van een omgevingsvisie gericht op het versterken van de woon, werk en leefkwaliteit van Brabant;
  • Een duurzame en zorgvuldige afweging van verschillende belangen te maken, waarbij gezocht wordt naar een optimale mix van ‘people, planet, profit ‘, met behoud en versterking van de omgevingskwaliteit;
  • Het opstellen van een nieuw verstedelijkingsbeleid waarin stad en platteland in samenhang worden beschouwd en een antwoord wordt gegeven op maatschappelijke opgaven op het terrein van o.a. demografie, klimaatadaptatie, energietransitie en transformatie/leegstand;
  • Een impuls te geven aan (sub)regionale samenwerking;
  • Het bevorderen van zorgvuldig ruimtegebruik en het versterken van de omgevingskwaliteit;
  • De participatie en betrokkenheid van onderwijs, bedrijfsleven, overheid en maatschappelijke organisaties te versterken;
  • Daarbij willen wij behoren tot de slimste en duurzaamste Agrofoodregio in Europa, waarbij de agrofoodsector opereert in evenwicht met de omgeving en met maximale aandacht voor gezondheid, dierenwelzijn en milieu.

Voor ons ligt de uitdaging om samen met partners voortdurend keuzes te maken, waarbij steeds een afweging tussen belangen dient plaats te vinden. Wij stellen ons hierbij uitnodigend, faciliterend en ontwikkelend op. Meer en meer komt in ons handelen de nadruk te liggen om in specifieke gebiedsgerichte casussen de samenhang/afstemming aan te brengen tussen verschillende maatschappelijke opgaven (klimaat, energie, demografie, leegstand, etc.). Hiermee sorteren we ook voor op de principes van de Omgevingswet. Deze gaat er vanuit dat in de ruimtelijke ontwikkeling het accent komt te liggen op goed samenspel met initiatieven uit de samenleving en minder op plannen en programma’s die overheidsgestuurd zijn. Dit vraagt van ons dat we een slimme en flexibele samenwerkingspartner zijn en dat we onze rollen als kaderstellende overheid, regisseur en co-ontwikkelaar innovatief, complementair en doelmatig inzetten.

Programma 2 Ruimte op hoofdlijnen

Ruimtelijke ontwikkeling van het Brabantmozaïek (02.01)

Wat wil de provincie bereiken?

Brabant is in transitie: Maatschappelijk opgaven op het terrein van klimaat, energie, circulaire economie en een duurzaam landelijk gebied hebben een grote impact op de ruimtelijke inrichting van Brabant. Gelet op deze impact is het belangrijk om deze opgaven in een onderlinge samenhang te benaderen. De transitieopgaven kunnen worden beschouwd als motor voor het toevoegen van kwaliteit aan Brabant. Dit vereist een duidelijke rol van de provincie. Het gaat hierbij om richting geven en het faciliteren/vorm geven van het afwegingsproces met maatschappelijke partners.
Juist door verbinding te zoeken met partners kunnen kansen worden benut om het mozaïek verder te ontwikkelen en te versterken. Door op een pro-actieve manier mee te denken, sluiten wij aan bij initiatieven vanuit de samenleving. De Structuurvisie ruimtelijke ordening en de Verordening ruimte bieden in de meeste gevallen voldoende ruimte voor deze initiatieven. In een aantal gevallen zal echter maatwerk en/of een meerwaarde benadering noodzakelijk zijn. Zorgvuldig ruimtegebruik en hoge omgevingskwaliteit zijn hierbij kernprincipes. Om deze te borgen ontwikkelen wij met partners kennis en expertise hierover en zetten wij deze in t.b.v. maatschappelijke opgaven. Met deze manier van werken sorteren wij voor op de doelstellingen van de Omgevingswet.
We zetten ons in voor een aantrekkelijk, bereikbaar en concurrerend Brabant om het woon-, leef- en vestigingsklimaat van de mozaïekmetropool te versterken en een excellent vestigingsklimaat voor Brabantse en internationale bedrijven te bieden. De provincie streeft er naar dat elk bedrijf in Brabant zich kan vestigen op de juiste plek. Samen met partners werken wij aan een vraaggericht aanbod van woon- en werklocaties die zowel in kwalitatieve als in kwantitatieve zin aansluiten bij de vraag. Hergebruik en transformatie van bestaand (leegstaand) vastgoed is hierbij een belangrijk uitgangspunt. Duidelijke keuzes zijn hierbij onontkoombaar.
Het sterk veranderend demografisch perspectief, de toenemende leegstandsproblematiek, de energietransitie, maar ook ontwikkelingen in de voorzieningenstructuur en de leefbaarheid vragen in het kader van de Brabantse Agenda Wonen om speciale aandacht. Samen met onze partners werken wij deze uit in regionale perspectieven op het bouwen en wonen.

Agrofood 2020; Brabant Quality (02.02)

Wat wil de provincie bereiken?

Agrofood gaat over alles wat de agrarische sector voortbrengt en waar consumenten van genieten; van de productie tot het bewerken, verwerken, vermarkten en distribueren ervan. We gaan voor een agrofoodsector die duurzaam produceert en die de ketens op Noordwest Europese schaal sluit. Een daadwerkelijke topsector die vanuit eigen kracht en

verantwoordelijkheid opereert, kansen grijpt op het gebied van innovatie en slim verbindingen zoekt binnen de keten en met andere sectoren en producten.

Duurzaamheid staat centraal in alle activiteiten waarbij de sector bijdraagt aan de maatschappelijke opgaven, van energietransitie tot gezondheid en zorg. 

Wat mag het kosten?

Uitwerking Ruimtelijke ontwikkeling van het mozaïek (02.01)

Doelstellingen

Wat mag dit kosten?

Toelichting op de verschillen tussen Begroting 2018 en 2017

De verschillen in lasten worden met name verklaard door:

  • Geplande grondaankopen in 2018 voor gebiedsontwikkeling Oostelijke Langstraat (€8,6 mln.);
  • Afwaardering aankopen ontwikkelbedrijf: bijvoorbeeld project LPM van € 8,8mln.
    Baten: het verschil betreft met name inkomsten van partners bij Oostelijke Langstraat (€7,2 mln.) en rentebaten op leningen van het Ontwikkelbedrijf (€1,8 mln.).

Uitwerking Agrofood (02.02)

Doelstellingen

Behoren tot de slimste en duurzaamste Agrofoodregio in Europa

Behoren tot de slimste en duurzaamste Agrofoodregio in Europa. Brabant streeft naar een duurzame agrofoodsector in 2020. Dit is een sector die opereert in evenwicht met de omgeving en met maximale aandacht voor gezondheid, dierenwelzijn, water en milieu. Duurzaamheid staat centraal in alle activiteiten: produceren, bewerken, vermarkten en distribueren. Alle spelers in de Brabantse keten werken samen om de gewenste toppositie te bereiken en te handhaven. De primaire sector is daarbij een vitaal en maatschappelijk gewaardeerd onderdeel. Het realiseren van deze transitie naar duurzame topkwaliteit vraagt innovaties in de agrarische productieketen in brede zin. Deze innovaties moeten leiden tot hogere kwaliteit en meer toegevoegde waarde. Zo ontstaat met Brabant Quality ook perspectief op bedrijfseconomisch gezonde marges.

Wat mag dit kosten?

Toelichting op de verschillen tussen Begroting 2018 en 2017

Geen opmerkelijk verschil tussen 2017 en 2018. Na 2018 neem budget af in verband met afloop bestuursakkoordperiode. Structurele middelen voor Agrofood zijn beperkt.

Relatie Bestuursakkoord & Perspectiefnota 2017

Relatie Bestuursakkoord & Perspectiefnota 2017

Bestuursopdracht Brabantse Agenda Wonen
De Brabantse Agenda Wonen markeert belangrijke opgaven voor de regionale woningmarktgebieden en benadrukt de urgentie ‘het wonen’ optimaal in te zetten voor het versterken van de omgevingskwaliteit. Kernpunten zijn het versnellen van de woningbouw, het vernieuwen en verduurzamen van de bestaande woningvoorraad en het zorgvuldig ruimtelijk inpassen van de behoefte aan nieuwe woonruimte. Hierbij heeft wonen raakvlakken met tal van andere provinciale programma’s.

Programma Brabantse Aanpak Leegstand
Het programma Brabantse Aanpak Leegstand (PS november 2016 o.b.v. bestuursopdracht) beoogt de leegstand in Brabant te verminderen en transformaties te stimuleren die bijdragen aan versterking van de omgevingskwaliteit van Brabant. Met zijn uitgangspunten en innovatieve aanpak is het programma een voorbeeld van bestuurlijke vernieuwing en werken in de geest van de omgevingswet. Het programma levert concrete resultaten (transformaties en sloop) en zorgt voor actieve verspreiding van expertise in Brabant, zodat de effectiviteit van de aanpak van leegstand wordt vergroot.

Omgevingswet/Omgevingsvisie
Het Rijk werkt aan een stelselherziening van het omgevingsrecht. Via de omgevingswet worden vele wetten gebundeld tot één wet. De doelstelling is de werking van het omgevingsrecht eenvoudiger en beter te maken. De opgave voor de provincie is de organisatie en instrumenten te hebben ingericht vóór inwerkingtreding van de wet. Instrumenten zijn de omgevingsvisie, programma’s, verordening en de digitalisering.

Bestuursopdracht Versnelling transitie Veehouderij
Afgelopen jaar hebben we een aanpak ontwikkeld die de transitie Veehouderij moet versnellen. Provinciale Staten hebben op 7 juli jl. een aantal besluiten genomen die beogen bij te dragen aan de transitie van de veehouderij. Het betreffen o.m. de aanpassingen van de Verordening Ruimte (39/17) en de Verordening Natuurbescherming (41/17). De aanpassingen hebben betrekking op het beperken emissie ammoniak, tegengaan verdere regionale concentratie (staldering)en mestbewerking.
In het tegelijkertijd met de begroting voorliggende “Uitvoeringsprogramma Flankerende Maatregelen Transitie Landbouw” zijn de op 7 juli jl. gepresenteerde contouren van de (flankerende) maatregelen verder uitgewerkt. Het betreft:

  • Het bevorderen van de ontwikkeling en introductie van innovatieve stalsystemen die uitgaan van een “bron” aanpak;
  • Bedrijfsgerichte ondersteuning bij jonge ontwikkelende veehouders en bij oudere stoppende veehouders;
  • Een fonds dat met kapitaal individuele veehouders helpt de gevraagde investeringen te financieren;
  • Een ondersteuningsnetwerk, dat veehouders bijstaat in de te maken keuzes en de vervolgstappen om de keuze te realiseren.

Beleidsprestaties Begroting 2018

Wat gaat de provincie daarvoor doen?

Inzet verbonden partijen

Ontwikkelingsmaatschappij Ruimte voor Ruimte (ORR)
De ORR komt voort uit de Ruimte voor Ruimte aanpak (Pact Brakkenstein, 2000). Het doel van deze aanpak is om aanzienlijke milieu- en ruimtelijke kwaliteitswinst te behalen door in ruil voor sanering van (oorspronkelijk) intensieve veehouderij, en later ook glastuinbouw en voormalig militair terreinen, de bouw van woningen op een passende locatie toe te staan. Met de uitgifte van deze kavels, waartoe de ORR is opgericht, worden de kosten verbonden aan deze regeling (totaal € 209 mln.) terugverdiend. Daarnaast wordt beoogd om, in combinatie met de ontwikkeling van ruimte voor ruimte-locaties maatschappelijke meerwaarde te creëren, zoals het oplossen van knelpuntsituaties in het
buitengebied en natuurontwikkeling. Per heden 2017 is circa 54% terugverdiend. De terugverdienperiode loopt zoals nu voorzien tot 2033.

Tuinbouwontwikkelingsmaatschappij (TOM)
De TOM ontwikkelt glastuinbouwgebieden en draagt hierdoor bij aan verbetering van de ruimtelijke kwaliteit als gevolg van de concentratie van glastuinbouwbedrijven, waarbij tevens door toepassing van innovaties verduurzaming wordt bereikt. Sinds 2014 richt zij haar aandacht nagenoeg geheel op het glastuinbouwgebied in het Agro- en Foodcluster Nieuw Prinsenland (AFC NP) in de gemeente Steenbergen. Met de vestiging van (grote) glastuinbouwbedrijven wordt ook de economische ontwikkeling van de regio gestimuleerd.

Brabantse Investeringsfondsen Nieuwbouw (BIFN)
De fondsen komen voort uit de woningbouwstimuleringsmaatregelen (2009), die in het leven zijn geroepen om de gevolgen van de financiële crisis zoveel mogelijk op te vangen. Door de financiële crisis dreigde de woningbouw in de provincie grotendeels) stil te vallen terwijl in de periode daarvoor veel inspanningen waren gedaan om de woningbouw op te schroeven om de schaarste op de woningmarkt het hoofd te bieden. Met het BIFN zijn projecten met in totaal enkele honderden woningen (toch) gerealiseerd.