Programma 6 Energie
Inleiding
Terug naar navigatie - Programma 6 Energie - InleidingDe energietransitie blijft zich ontwikkelen, maar de voortgang verloopt niet op alle onderdelen in hetzelfde tempo. Factoren als netcongestie en ruimtelijke beperkingen zorgen ervoor dat de uitvoering van projecten onder druk staat. Tegelijkertijd worden op verschillende terreinen stappen gezet om het energiesysteem toekomstbestendig te maken. Daarbij gaat het niet alleen om duurzame opwek, maar ook om elektriciteitsinfrastructuur, warmte, flexibiliteit en samenwerking tussen overheden, netbeheerders en maatschappelijke partners.
Met de vaststelling van het Energieperspectief 2050 door Provinciale Staten in juni 2026 is een volgende stap gezet in de verdere ontwikkeling van het Brabantse energiebeleid. Het Energieperspectief 2050 biedt een integraal beeld van het energiesysteem richting 2050 en vormt een aanvulling op de Energieagenda 2019-2030. Het biedt richting voor de wijze waarop Brabant wil omgaan met vraagstukken rondom energie, ruimte, economie en leefomgeving en vormt de basis voor een meer samenhangende ontwikkeling van het energiesysteem.
De Uitvoeringsagenda Energie 2024-2027 blijft daarbij het kader voor de uitvoering op de korte termijn. Via de Brabantse aanpakken werken wij samen met gemeenten, regio’s, netbeheerders, bedrijven en andere partners aan de realisatie van een betaalbaar, betrouwbaar en omgevingsbewust energiesysteem. Daarbij staan het uitbreiden, versterken en slimmer benutten van het elektriciteitsnet, de warmtetransitie, energiebesparing en de beschikbaarheid van duurzame energiedragers centraal.
In de afgelopen periode is onder meer gewerkt aan:
· het versnellen van uitbreidingen van de elektriciteitsinfrastructuur, waaronder door waar nodig de rol van coördinerend bevoegd gezag op ons te nemen;
· de verdere uitvoering van de Brabantse Aanpak Netcongestie, gericht op het beter benutten van beschikbare netcapaciteit;
· de voorbereiding op de nieuwe publieke rollen in de warmtetransitie en de verdere ontwikkeling van publieke warmte-instrumenten in samenhang met de Wet collectieve warmte en landelijke ontwikkelingen;
· de uitvoering van de afspraken uit de Regionale Energiestrategieën;
· uitoefening van bevoegd gezag van grootschalige opwekprojecten met aandacht voor participatie en lokaal eigendom;
· de voorbereiding van een Brabants Energiebeeld als inhoudelijke basis voor de verdere ontwikkeling van de provinciale rol binnen het energiesysteem
De energietransitie vraagt blijvende bijsturing in beleid en uitvoering, zodat kan worden ingespeeld op nieuwe ontwikkelingen, kansen en belemmeringen. Ontwikkelingen op het gebied van netcongestie, warmte, energie-infrastructuur en ruimtelijke inpassing grijpen steeds sterker op elkaar in. Tegelijkertijd wordt vanuit het Rijk gewerkt aan verdere interbestuurlijke afspraken over de inrichting van het energiesysteem. Tegen deze achtergrond blijft samenwerking met gemeenten, regio’s, netbeheerders, maatschappelijke partners en het Rijk essentieel om de uitvoering van de Brabantse aanpakken te versnellen en de ambities uit de Energieagenda en het Energieperspectief te realiseren.
De meest recente beschikbare informatie over de indicatoren Energie en aanvullende, inhoudelijke data is te vinden in de Monitor Energieagenda 2019-2030
Wat willen we bereiken?
Terug naar navigatie - Programma 6 Energie - Wat willen we bereiken?In 2030 realiseren we 55% minder CO2-uitstoot in Brabant ten opzichte van 1990. We streven ernaar om in 2050 klimaatneutraal te zijn
Terug naar navigatie - Programma 6 Energie - Wat willen we bereiken? - In 2030 realiseren we 55% minder CO2-uitstoot in Brabant ten opzichte van 1990. We streven ernaar om in 2050 klimaatneutraal te zijnIndicator:
- De uitstoot van energie gerelateerde CO2 in Brabant (Verplichte indicator uit BBV).
Met betrekking tot de CO2-uitstoot is in 2024 al een afname van 37% gerealiseerd. Het aandeel hernieuwbare energie in het totale energiegebruik bedraagt in 2023 14%. Hierbij wordt ervanuit gegaan dat de hernieuwbare energie die in Noord-Brabant wordt opgewekt ook in Noord-Brabant wordt gebruikt, in de praktijk kan dat afwijken.
In 2030 dient de helft van de energie (elektriciteit, warmte en brandstoffen) die in Brabant gebruikt wordt, opgewekt te zijn uit hernieuwbare bronnen, voornamelijk uit Brabant
Terug naar navigatie - Programma 6 Energie - Wat willen we bereiken? - In 2030 dient de helft van de energie (elektriciteit, warmte en brandstoffen) die in Brabant gebruikt wordt, opgewekt te zijn uit hernieuwbare bronnen, voornamelijk uit BrabantIndicatoren:
- De ontwikkeling van het totale energieverbruik in Brabant.
De ontwikkeling van de opwek van hernieuwbare energie in Brabant.
(Verplichte indicator uit BBV) - Totaal gevraagde vermogen voor afname op de wachtlijst bij Enexis
- Totaal gevraagde vermogen voor teruglevering op de wachtlijst bij Enexis
- Gemiddelde energiequota - Huishoudens waarbij de energierekening als aandeel van het inkomen (te) hoog is
De ontwikkeling van het totale energieverbruik in Brabant.
In 2023 is het totale energie verbruik in Noord-Brabant 232,7 PJ. In 2019 was het energieverbruik 276,3 PJ, er is dus een dalende trend.
De ontwikkeling van de opwek van hernieuwbare energie in Brabant.
Uit door Planbureau voor de Leefomgeving geverifieerde gegevens blijkt dat de Brabantse RES regio's per 1 januari 2024 ruim de helft van de opwekdoelstelling (6,6 TWh in 2030) hebben gerealiseerd. Regio’s (met uitzondering van West Brabant) geven aan er rekening mee te houden dat realisatie van de doelstelling per 1 januari 2030 niet meer haalbaar is. Dat heeft nadrukkelijk te maken met zaken als netcongestie, mogelijke beperkingen die vanuit Defensie aan het ruimtegebruik worden opgelegd en een aanscherping van de zonneladder. Gedetailleerde informatie is te vinden in de Monitor energieagenda 2019-2030. Ook is er in september 2025 naar aanleiding van de voortgangsrapportages van de RES’en een Statenmededeling toegezonden aan PS.
Totaal gevraagde vermogen voor afname op de wachtlijst bij Enexis
Aanvragen voor aansluiting op het elektriciteitsnet worden op een wachtlijst geplaatst. In februari 2026 kent de wachtlijst voor afname een omvang van 1.716 MW (juli 2025 was 1.589 MW) Bron: Enexis, Capaciteitskaart elektriciteitsnet. De toename laat zowel zien dat de uitbreidingen van het elektriciteitsnet de toegenomen capaciteitsvraag (nog) niet kunnen bijbenen, maar ook dat de behoefte aan elektriciteit als toekomstbestendige energiebron (als alternatief voor fossiele energiebronnen) blijft toenemen.
Totaal gevraagde vermogen voor teruglevering op de wachtlijst bij Enexis
Knelpunten in het elektriciteitsnetwerk zorgen voor een wachtlijst voor een aansluiting voor de terug levering (opwek) van elektriciteit. In februari 2026 kent de wachtlijst voor invoeding een omvang van 941 MW (juli 2025 was 898 MW) Bron: Enexis Capaciteitskaart elektriciteitsnet. De toename laat zowel zien dat de uitbreidingen van het elektriciteitsnet de toegenomen capaciteitsvraag (nog) niet kunnen bijbenen, maar ook dat de behoefte om decentraal opgewekte elektriciteit aan het net te leveren blijft groeien.
Gemiddelde energiequota - Huishoudens waarbij de energierekening als aandeel van het inkomen (te) hoog is
Gemiddelde energiequota geeft het percentage huishoudens weer dat teveel betaald voor energie (meer dan 10% van het inkomen). Dit kan komen door een laag inkomen, een woning die slecht te verwarmen is, hoge energiekosten of een combinatie hiervan. In Brabant is dit in 2020 in 4,2% van de huishoudens het geval, in 2023 is dat 4,1%. Uit onderzoek van TNO blijkt dat de energiearmoede in Nederland 2024 is gestegen door hogere energieprijzen en het stoppen van steunmaatregelen. De verwachting is dat ook in Noord-Brabant deze stijging zich heeft voorgedaan. Momenteel stijgende energieprijzen door geopolitieke ontwikkelingen wat een negatieve gevolgen voor de energiearmoede. Via isolatie zetten wij ons in om het gebruik van energie te beperken.
Ontwikkelingen en onzekerheden
Terug naar navigatie - Programma 6 Energie - Ontwikkelingen en onzekerheden· Netcongestie
Vele ontwikkelingen in Noord-Brabant zijn afhankelijk van het tijdstip waarop huidige knelpunten op het elektriciteitsnetwerk binnen Brabant zijn opgelost. Dit geldt zowel voor het lokale/regionale net van Enexis als het nationale net van TenneT. De provincie is hierover intensief in contact is met de netbeheerders, medeoverheden, het Brabantse bedrijfsleven en belangenorganisaties.
· Ontwikkelingen uitvoering klimaatakkoord
Hier zijn we mede afhankelijk van de vorming van een nieuw kabinet en de beleidsmatige inzet op energietransitie / klimaataanpak.
· Rijksmiddelen personele capaciteit
Voor de uitvoering van het Klimaat en Energieakkoord zijn door het Rijk middelen beschikbaar gesteld tot 2026. Na een lange tijd van onzekerheid is vorig jaar in juli een brief ontvangen van het ministerie van EZK (voorheen KGG) waarin financiering, zij het afgeschaald, tot 2031 toegezegd is.
· Wet collectieve warmte
De Wet collectieve warmte (Wcw) is een belangrijke randvoorwaarde om te kunnen komen tot een regionaal warmtebedrijf. De Wcw is op 9 december 2025 door de Eerste Kamer aangenomen en treedt in 2027 in werking.
· Realisatie (uitgaven) 2026
In verband met afhankelijkheid derden geldt voor subsidiebeschikkingen en uitgaven i.h.k.v. specifieke uitkeringen, bijvoorbeeld de bijdrageregeling voor Versnelling energiebesparing door isolatie of voor de SPUK Regionale aanpak laadinfrastructuur dat het onzeker is of (alle) subsidiebeschikkingen nog in 2026 gerealiseerd (kunnen) worden of dat deze doorschuiven naar begin 2027.
Financieel overzicht
Terug naar navigatie - Programma 6 Energie - Financieel overzichtBedragen x € 1.000 |
|||
|---|---|---|---|
6. Energie |
Begroting t/m wijz. 3 |
Wijziging 4 |
Begroting t/m wijz. 4 |
Lasten |
27.929 |
-1.646 |
26.283 |
Baten |
10.502 |
957 |
11.459 |
Saldo baten en lasten |
17.427 N |
2.603 V |
14.824 N |