Inleiding

Terug naar navigatie - Programma 3 Water en bodem - Inleiding

Hittegolven, droogte, natuurbranden, PFAS, drinkwaterbeschikbaarheid: water, bodem en klimaatadaptatie staan volop in de actualiteit. Met het Regionaal Water- en Bodemprogramma werken we aan deze opgaven, waarvan de uitvoering grotendeels op koers ligt. Wel is duidelijk geworden dat voor een deel van de KRW-opgaven de realisatie doorloopt tot en met 2028 en daarna, waardoor niet alle oorspronkelijke doelstellingen in 2027 worden bereikt. De werkzaamheden vanuit Water en Bodem dragen bij aan een bredere transitie: hoe maken we Brabant toekomstbestendig? Waterveiligheid, -kwaliteit, -beschikbaarheid (drinkwater/droogte) en bodemvitaliteit zijn grote maatschappelijke opgaven op zichzelf én raken direct aan andere grote opgaven: klimaatadaptatie, natuurherstel, landbouwvernieuwing, energietransitie en de woonopgave.

Met de maatregelen op basis van het Regionaal Water- en Bodemprogramma 2022-2027, de KRW-impuls Brabant en de Aanpak Landelijk Gebied zetten we, in navolging van het bestuursakkoord ‘Samen maken we Brabant!’, alles op alles om bij te dragen aan de KRW-doelen voor Brabant voor 2027 en daarna.

Onze doelen op het gebied van klimaatbestendigheid, schoon en voldoende water en een vitale bodem zijn onmisbaar voor de gezondheid van mens en natuur, voor een duurzame toekomst voor (landbouw)economie en samenleving en zodat Brabant beter bestand is tegen klimaatverandering.

In 2026 werken we door aan een robuust en klimaatbestendig water- en bodemsysteem, onder meer via de planvorming en realisatie van waterveiligheidsprojecten. Vanuit de gemeenten is er veel animo voor de Subsidieregeling integrale actieplannen hitte Noord-Brabant. We werken aan het verbeteren van de zoetwaterbeschikbaarheid, inclusief het borgen van de drinkwatervoorziening. Zo is het Koersdocument Brabantbreed beregeningsbeleid vastgesteld. Er is subsidie verleend aan De Waterbank, verbinder van vraag en aanbod van restwater, om het waterverbruik te verminderen. Daarnaast heeft de provincie het Manifest waterzuinige wijken onderschreven. Middels de Statenmededeling Inzet provincie op drinkwaterbesparing zijn uw Staten daarin meegenomen. 

Via de Statenmededeling Stand van zaken vaarwegbeheer bent u geïnformeerd over het afronden van de inhaalslag baggeren en tevens aangegeven dat de toekomstige inzet op het in stand houden van de vaarwegen een grotere structurele inzet vergt.

Voor de realisatie van de voldoende en schoon water opgaven constateren we dat niet alle maatregelen voor 2027 kunnen worden uitgevoerd. Met de uitvoeringspartners is de looptijd verlengd tot en met 2028 en zijn de streefwaarden tot en met 2028 geactualiseerd. En we werken eind 2026 toe naar een nieuwe Koepelovereenkomst met de waterschappen voor de periode 2028-2033.

Momenteel werken we aan de voorbereiding van de provinciale inzet op het Deltaprogramma Zoetwater 3e fase (2028-2033) en op het Gebiedsprogramma Zuidwestelijke Delta.

Ondertussen gaat de uitvoering door, bijvoorbeeld via de start van drinkwaterlandschap Groote Heide waar de komende jaren een waterbuffer van 300 miljoen liter wordt gerealiseerd. In het najaar wordt de samenwerkingsovereenkomst voor het project Water tussen Wal en Schelde getekend. Voor waterveiligheid verwachten we in het najaar het financieringsvraagstuk en daarmee de voortgang op het project Lob van Gennep vlot te trekken. Daarnaast lag het programma Howabo ter inzage in aanloop naar vaststelling eind 2026.

We werken aan de kwaliteit van bodem, grondwater, oppervlaktewater en zwemwater. Voor het bereiken van een vitale bodem worden er via het project BodemUP door 1.750 deelnemers op meer dan 35.000 hectare landbouwgrond maatregelen genomen. Daarnaast werken we richting eind 2026 aan een gecombineerd vervolg van de projecten BodemUp en Schoon Water voor Brabant voor de periode 2028-2033.

Naast de realisatie van het Regionaal Water- en Bodemprogramma (RWP) 2022-2027 vraagt de voorbereiding, inclusief financiering, van de planperiode 2028-2033 onze aandacht. Begin 2027 is het ontwerp Regionaal Water- en Bodemprogramma 2028-2033 gereed voor inspraak.

Milieu:

De uitvoering van de diverse bodem saneringsprojecten (drugsafval, diffuus Lood en PFAS) loopt op schema.

Wat willen we bereiken?

Terug naar navigatie - Programma 3 Water en bodem - Wat willen we bereiken?

Voldoende Water

Terug naar navigatie - Programma 3 Water en bodem - Wat willen we bereiken? - Voldoende Water

Indicatoren:

  • De grondwatervoorraad is op orde en stabiel op termijn: Grondwaterstand en stijghoogte in de grondwaterlichamen voldoet aan de norm (uiterlijk 2027 moeten beide grondwaterlichamen voldoen, 1 voldoet momenteel niet).
  • Voldoende grondwater voor de natuur: Areaal natte natuurparels dat niet langer verdroogd is (uiterlijk 2027 is 12.000 ha NNP niet langer verdroogd).
  • Voldoende (grond)water voor de bereiding van drinkwater voor openbare drinkwatervoorziening (gehele verzorgingsgebied kan zonder problemen worden bediend).
Kwaliteit (indicator) Rood
Kwaliteit (toelichting)

Op basis van de huidige toestand van het grondwatersysteem (diepe grondwaterlichaam Maas Slenk diep en ondiepe grondwaterlichaam Zand Maas) en de aanhoudende verdroging is het niet aannemelijk dat alle doelstellingen voor voldoende water voor natte natuur in 2027 worden gehaald.

De drinkwatervoorziening is momenteel gegarandeerd, maar met de verwachte toename van de drinkwaterbehoefte door groei van economie, bevolking en door klimaatverandering komt deze, zonder aanvullende maatregelen (aanvullende bronnen, (drink)waterbesparing) verder onder druk te staan.

Schoon Water

Terug naar navigatie - Programma 3 Water en bodem - Wat willen we bereiken? - Schoon Water

Indicatoren:

Basis op orde: alle oppervlaktewateren en het grondwater voldoen aan de doelstellingen van de Kaderrichtlijn Water in 2027. (bevat verplichte indicator BBV: % van de waterlichamen met een goede ecologische kwaliteit) 

  • Alle fysische, biologische en chemische parameters zijn op orde voor zowel de KRW-oppervlaktewateren als de overige oppervlaktewateren. 
  • Het grondwaterlichaam verkeert in een goede chemische (grondwater)toestand; 
  • Er vindt geen trendmatige achteruitgang van de (grond)- waterkwaliteit plaats 

Verminderde inbreng stoffen: 

  • De inbreng van antropogene stoffen en stoffen die expliciet in de KRW genoemd zijn wordt voorkomen en beperkt. Dit geldt voor alle gevaarlijke stoffen, ook als er momenteel nog geen waternormen voor zijn, zoals voor PFAS, bestrijdingsmiddelen, medicijnresten en plastics. 

Grondwater voor menselijke consumptie is blijvend beschermd:

  • Bronnen openbare drinkwaterwinningen zijn op orde. 

Deze indicatoren dragen bij aan de provinciale doelstelling om ‘3 gezonde levensjaren erbij voor iedere Brabander’. 

Kwaliteit (indicator) Rood
Kwaliteit (toelichting)

De waterkwaliteit voldoet op veel locaties nog niet aan alle wettelijke normen. Samen met de waterschappen De Dommel, Aa en Maas en Brabantse Delta voeren we de KRW-impuls Brabant uit: een pakket aanvullende maatregelen om de waterkwaliteit verder te verbeteren, bovenop de bestaande inzet voor de KRW. De opgave is groter dan de huidige maatregelen kunnen oplossen. Het is zeer waarschijnlijk dat Nederland – en ook Noord-Brabant – in 2027 nog niet aan alle KRW-doelen voldoet.

De resultaten van de meetronde grondwaterkwaliteit in 2024 laat zien dat de aanwezigheid van milieuvreemde stoffen in het grondwater nog steeds hoog is. In bijna alle meetpunten worden één of meer milieuvreemde stoffen aangetroffen, waarvan de grootste normoverschrijdingen gevonden worden in de stofgroepen bestrijdingsmiddelen en PFAS.

De huidige monitoringsgegevens laten zien dat PFAS breed worden aangetroffen in het grondwater. Naar verwachting voldoet de algemene chemische toestand van het grondwater in Noord-Brabant in 2027 niet aan de Europese normen voor PFAS die vanaf 2027 gaan gelden voor de KRW en de grondwaterrichtlijn.

Veilig Water

Terug naar navigatie - Programma 3 Water en bodem - Wat willen we bereiken? - Veilig Water

Indicatoren:

Brabant is beschermd tegen overstromingen en biedt Ruimte voor de rivier: 

  • Het percentage rivierenlandschap waar sprake is van sterke dijken in combinatie met een uitbreiding van de afvoercapaciteit. 
  • De regionale keringen zijn veilig. (100% voldoet aan de norm). 
Kwaliteit (indicator) Groen
Kwaliteit (toelichting)

De versterking van de dijken valt onder het Hoogwaterbeschermingsprogramma. Dit programma kent een planning tot 2050 om alle dijkversterkingsopgaven te realiseren. Binnen de lopende projecten, allen langs de Maas, wordt in Meanderende Maas rivierverruiming gerealiseerd. In de projecten Oeffelt, Lob van Gennep, Lith-Bokhoven, Howabo, WAD (Wilhelminakanaal, Amertak, Dongen) en Moerdijk-Drimmelen is rivierverruiming onderdeel van de verkenning en planuitwerking. De verwachting is dat door klimaatverandering de piekafvoeren van de rivieren toenemen waardoor er ook na 2050 een hoogwaterbeschermingsopgave blijft. Vanuit het voorzorgsprincipe worden vanuit het programma Ruimte voor de Rivier 2.0 dit jaar reserveringsgebieden aangewezen voor toekomstige rivierverruiming. In Noord-Brabant gaat het om een nieuw gebied in de gemeente Altena en bestaande reserveringsgebieden in de gemeenten ‘s Hertogenbosch en Land van Cuijk.

Alle verbeteropgaven voor de regionale keringen, die uit de laatste toetsronde uit 2019 voor voren zijn gekomen, zijn gerealiseerd. Op dit moment wordt de volgende toetsronde voor de regionale keringen voorbereid.

Vitale Bodem

Terug naar navigatie - Programma 3 Water en bodem - Wat willen we bereiken? - Vitale Bodem

Indicatoren: 

In de agrarische beïnvloedingsgebieden rondom de prioritaire N2000 gebieden en natte natuurparels, in de voedingsgebieden voor strategische grondwatervoorraden, grondwaterbeschermingsgebieden en gebieden met verhoogd risico op uitspoeling van nitraat en afspoeling van fosfaat is de bodem vitaal en worden de normen voor de Kaderrichtlijn Water en Nitraatrichtlijn gehaald: 

  • de sponswerking voor water en voedingsstoffen is op orde: verliezen van voedingsstoffen naar het grond- en oppervlakte- water zijn minimaal en er is geen sprake meer van verdichting, zodat regenwater kan infiltreren;
  • het gehalte aan organische stof is op zodanig niveau dat een gevarieerd bodemleven mogelijk is en meststoffen en water worden gebonden;
    Streven: 100% van de landbouwbodems in 2050 vitaal, gekoppeld aan klimaat adaptieve inrichting en gebruik. 

Ecologische principes nemen een centrale plaats in de agrarische bedrijfsvoering in:

  • het aantal praktiserende boeren neemt toe. 

Deze indicatoren dragen via een verbeterde (grond)waterkwaliteit bij aan de provinciale doelstelling van ‘3 gezonde levensjaren erbij voor iedere Brabander’. 

Kwaliteit (indicator) Oranje
Kwaliteit (toelichting)

Voor bodemvitaliteit zijn nog geen breed geaccepteerde normen beschikbaar waarmee de ontwikkeling van bodemgezondheid eenduidig kan worden vastgesteld. Daarnaast vergt herstel van bodemvitaliteit een meerjarige inzet en worden effecten pas na verloop van tijd zichtbaar. Hierdoor kan op dit moment nog onvoldoende worden vastgesteld of de doelstelling volledig op koers ligt. Om die reden is de doelstelling als oranje beoordeeld.

In oktober 2025 is door het Europees Parlement positief gestemd over de implementatie van de EU-Richtlijn Bodemmonitoring en Veerkracht (kortweg de Richtlijn Bodemmonitoring). De richtlijn verplicht alle Europese lidstaten een geharmoniseerd monitoringsysteem op te zetten voor bodemgezondheid. Met als doel in 2050 alle bodems in Europa gezond te krijgen. Elke lidstaat heeft tot 1 december 2028 om de Europese wetgeving te vertalen naar nationale wetgeving. In 2030 moet de eerste monitoringsronde uitgevoerd zijn.

Klimaatadaptatie

Terug naar navigatie - Programma 3 Water en bodem - Wat willen we bereiken? - Klimaatadaptatie

Indicator:

  • Brabant heeft in 2050 een klimaatbestendige en waterrobuuste inrichting: Brabant wordt klimaatbestendig en waterrobuust ingericht op basis van de leidende principes uit dit RWP. (100% in 2050)
Kwaliteit (indicator) Oranje
Kwaliteit (toelichting)

Op de korte termijn liggen we op koers met de uitvoering van voorgenomen projecten. Op de lange termijn is het bereiken van het 2050 doel onzekerder. De klimaatverandering gaat sneller dan we verwachtten, zie de klimaatscenario’s KNMI 2023.

Ontwikkelingen en onzekerheden

Terug naar navigatie - Programma 3 Water en bodem - Ontwikkelingen en onzekerheden
  • Voor meerdere subsidie- en bijdrageregelingen is het lastig om de uitgaven precies te ramen. Vanuit verschillende regelingen worden vrijwel alleen grote subsidies verstrekt, waardoor het verlenen van een subsidie in het huidige of het volgende jaar groot verschil kan maken voor de realisatie in een bepaald jaar. Andere regelingen ontvangen soms laat in het jaar grote aantallen aanvragen waardoor onzeker is of alle subsidieaanvragen nog dit jaar beschikt kunnen worden. Deze onzekerheden spelen bijvoorbeeld bij de Subsidieregeling integrale actieplannen hitte Noord-Brabant, Bijdrageregeling water en bodem Noord-Brabant, Subsidieregeling water en bodem Noord-Brabant en de bijdrageregeling Aanpak Landelijk Gebied.
  • In 2026 ervaren we via hittegolven en droogte de problemen die door klimaatverandering versneld worden. De frequentie van optreden van dit soort weersverschijnselen is onzeker en brengt risico’s met zich mee. Het grootste financiële risico voor de Water en Bodem opgaven zit in het vertraagd realiseren van de KRW opgave en het financieel-juridische vraagstuk van eventuele nadeelcompensatie bij strengere regelgeving zoals aangekondigd in het Regionaal Water- en Bodemprogramma.
  • We verwachten eind 2026 een Samenwerkingsovereenkomst Bakenbomen te ondertekenen met Rijkswaterstaat en regio-partners voor de ontwikkeling en beheer van de bakenbomen langs de Maas. Hieruit voortvloeiende financiële consequenties volgen mogelijk in 2026 en worden zonodig verwerkt bij de Slotwijziging 2026.

Financieel overzicht

Terug naar navigatie - Programma 3 Water en bodem - Financieel overzicht
Bedragen x € 1.000
3. Water en Bodem
Begroting t/m wijz. 3
Wijziging 4
Begroting t/m wijz. 4
Lasten
81.356
-29.446
51.910
Baten
36.597
-6.932
29.666
Saldo baten en lasten
44.759 N
22.514 V
22.244 N