Verbonden partijen
Inleiding
Terug naar navigatie - Verbonden partijen - InleidingIn deze paragraaf wordt inzicht gegeven in de bestuurlijke, beleidsmatige en financiële belangen en risico's van de provincie als gevolg van banden met externe rechtspersonen, waarin de provincie zowel financieel deelneemt als zeggenschap heeft. De provincie neemt zowel deel in rechtspersonen, tot stand gekomen op grond van de publiekrechtelijke Wet Gemeenschappelijke Regelingen als in rechtspersonen, gestoeld op privaatrechtelijke samenwerkingsvormen.
Deze paragraaf heeft zijn basis in artikel 15 van het Besluit Begroting en Verantwoording provincies (BBV) en de daarop van toepassing zijnde toelichting. Conform dit artikel bevat deze paragraaf ten minste:
- De visie op en de beleidsvoornemens omtrent verbonden partijen;
- De lijst van verbonden partijen, die wordt onderverdeeld in:
1. Gemeenschappelijke regelingen;
2. Vennootschappen en coöperaties;
3. Stichtingen en verenigingen, en,
4. Overige verbonden partijen.
In de lijst van verbonden partijen wordt ten minste de volgende informatie opgenomen:
- de wijze waarop de provincie een belang heeft in de verbonden partij en het openbaar belang dat ermee gediend wordt;
- het belang dat de provincie in de verbonden partij heeft aan het begin en het einde van het boekjaar;
- de omvang van het eigen vermogen en het vreemd vermogen van de verbonden partij aan het begin en aan het einde van het boekjaar;
- de omvang van het financiële resultaat van de verbonden partij in het boekjaar;
- de eventuele risico’s, als bedoeld in artikel 11, eerste lid, onderdeel b BBV, van de verbonden partij voor de financiële positie van de provincie (alle risico's waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie).
Verbonden partijen
Verbonden partijen zijn privaatrechtelijke of publiekrechtelijke organisaties waarin de provincie een bestuurlijk (zeggenschap) en een financieel belang heeft.
Onder bestuurlijk belang wordt verstaan: een zetel in het bestuur of het hebben van stemrecht. Met een financieel belang wordt bedoeld dat de provincie middelen risicodragend ter beschikking heeft gesteld die ze kwijt is in geval van faillissement van de verbonden partij en/of als financiële problemen bij de verbonden partij kunnen worden verhaald op de provincie.
De provincie kan besluiten om een bestuurlijk en financieel belang te houden in organisaties als die een bijdrage leveren aan het publiek belang. Het publieke belang dat verbonden partijen vertegenwoordigen wordt door Provinciale Staten gewogen bij de toetreding van de provincie tot een organisatie.
Bestuurlijk belang verbonden partijen
Het bestuurlijk belang bij een verbonden partij uit zich in de invloed die kan worden uitgevoerd bij de verbonden partij. Bij privaatrechtelijke organisaties is dat onder andere stemrecht op besluiten die tijdens de Algemene Vergadering van Aandeelhouders (AvA) of ledenvergadering zijn geagendeerd, vaak in combinatie met een voordrachts- of benoemingsrecht van bestuurders en leden van het toezichtsorgaan; de Raad van Commissarissen (RvC) of Raad van Toezicht (RvT). Bij gemeenschappelijke regelingen zijn we als provincie vertegenwoordigd in het Algemeen en/of Dagelijks Bestuur. De mate van invloed per verbonden partij is opgenomen in de navolgende tabellen.
Financieel belang verbonden partijen
Het financiële risico van de verbonden partijen is gelijk aan de omvang van het provinciaal aandeel in de deelneming (zie ook de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing), dan wel gelijk aan de (jaarlijkse) bijdrage die de verbonden partij van de provincie ontvangt.
De provincie ontvangt ook inkomsten uit verbonden partijen in de vorm van dividend. Met de volgende verbonden partijen zijn dividendafspraken gemaakt: Eindhoven Airport N.V., Brabant Water N.V., ZEH N.V., NWB Bank N.V. en BNG Bank N.V. Het ontvangen dividend wordt als algemeen dekkingsmiddel in de begroting opgenomen. Ook zijn er dividendafspraken met Enexis Holding N.V. Deze deelneming is onderdeel van de immunisatieportefeuille en het dividend loopt via het rendement van de immunisatieportefeuille.
Wanneer de jaarrekeningen van de verbonden partijen gereed en vastgesteld zijn, worden deze gepubliceerd op de website van de provincie Noord-Brabant. Deze zijn te vinden via: www.brabant.nl/jaarrekeningenverbondenpartijen.
Nota
Terug naar navigatie - Verbonden partijen - NotaHet beleid ten aanzien van verbonden partijen is uitgewerkt in de Nota Verbonden Partijen die op 2 februari 2024 door Provinciale Staten is vastgesteld. In de Nota Verbonden Partijen zijn de kaders en uitgangspunten vastgelegd voor de wijze waarop we als provincie omgaan met verbonden partijen. De nota beschrijft wat de belangrijkste onderwerpen zijn waarop we willen sturen, welke instrumenten tot onze beschikking staan en hoe we die als provincie inzetten. De kaders en uitgangspunten hebben betrekking op het aangaan, beheer, wijzigen en beëindigen van verbonden partijen. Ook zijn in de nota andere zaken die relevant zijn beschreven, zoals wet- en regelgeving en de wijze waarop op de monitoring, evaluatie en verantwoording rondom verbonden partijen plaatsvindt.
Complexiteit op inhoud of samenwerking met de andere betrokken partijen kan vragen om maatwerk en afwijking van de algemene uitgangspunten, zoals opgenomen in de Nota Verbonden Partijen. Bovendien is de provincie ook niet altijd in de formele positie om besluiten af te dwingen. Indien Gedeputeerde Staten bij de uitoefening van hun bevoegdheden zijn afgeweken van de vastgestelde kaders en uitgangspunten (bijvoorbeeld wanneer de bezoldiging van bestuurders de WNT-norm overschrijdt), wordt hierover per verbonden partij gerapporteerd onder het kopje ‘Risico’s en aandachtspunten’.
Mutaties Verbonden Partijen
Terug naar navigatie - Verbonden partijen - Mutaties Verbonden PartijenWe geven een overzicht van de (verwachte) mutaties binnen de verbonden partijen van de provincie:
Automotive Campus Helmond
De provincie Noord-Brabant is al geruime tijd betrokken bij de ontwikkeling van de Automotive Campus in Helmond. Deze betrokkenheid is in de afgelopen jaren verschoven van een voornamelijk faciliterende rol (jaarlijkse subsidieverlening) naar een meer strategische positie binnen het bredere ecosysteem.
Vanuit het provinciale beleid voor werklocaties, innovatie en regionale economie is de Automotive Campus gepositioneerd als een belangrijke vestigingslocatie voor hoogwaardige bedrijvigheid en als drager van toekomstige mobiliteits- en energieoplossingen.
De gemeente Helmond en de provincie Noord-Brabant zetten gezamenlijk in op versterking van de organisatorische slagkracht door mede-eigenaarschap van Campus Sui Moveo (CSM) B.V., de entiteit waarin het huidige vastgoed van de campus is ondergebracht. Daarbij bestaat het voornemen om dit vastgoed, inclusief de bijbehorende gronden, samen met de reeds in eigendom van gemeente en provincie zijnde strategische gronden onder te brengen in één gezamenlijke ontwikkelstructuur.
CSM B.V. is momenteel volledig eigendom van Bouwbedrijf Van de Ven. In de afgelopen periode is onderzocht of een nieuwe publiek-private samenwerking (PPS) kon worden opgezet voor de gezamenlijke ontwikkeling van de gronden van de gemeente, de provincie en CSM B.V. Deze verkenning heeft echter niet geleid tot een haalbaar samenwerkingsmodel. Daarom kiezen gemeente en provincie er nu voor gezamenlijk het eigenaarschap van CSM B.V. te verwerven. Zie ook Statenvoorstel 40/26.
Provinciale Staten zijn op 10 februari 2026 via een Statenmededeling geïnformeerd over de doorontwikkeling en het voornemen tot aankoop van het vastgoed. Vervolgens zijn zij via een Statenvoorstel in de gelegenheid gesteld om wensen en bedenkingen kenbaar te maken.
Provinciaal warmtebedrijf
De Wet collectieve warmte (Wcw) heeft onder andere als doel om een nieuwe marktordening gestalte te geven, waarin de rol van de overheid toeneemt. De Wet is door de Tweede en Eerste Kamer aangenomen en zal naar verwachting op 1 januari 2027 in werking treden. Daarmee worden belangrijke kaders definitief. Enexis, Energie Beheer Nederland (EBN) en de provincie Noord-Brabant sloten op 30 januari 2025 een intentieovereenkomst om de oprichting van een publiek warmtebedrijf te verkennen, in afwachting van inwerkingtreding van de nieuwe wet. Provinciale Staten zijn op 31 maart 2026 geïnformeerd over de resultaten van de juridische en financiële verkenning naar een Regionaal Warmtebedrijf voor Brabant en de verdere uitwerking daarvan met Enexis (Enpuls) en NDW. Op dit moment wordt nog onderzocht hoe dit het beste vorm kan krijgen.
Herstructurering bedrijventerreinen
Provinciale Staten zijn via een Memo van de gedeputeerde 23 maart 2026 en de Statenmededeling van 11 november 2025 op de hoogte gebracht over de stand van zaken rondom de provinciale aanpak voor de herstructurering van bedrijventerreinen in Noord-Brabant. De herstructurering van bedrijventerreinen in Noord-Brabant is noodzakelijk om bestaande ruimte beter te benutten en bedrijven ruimte voor ontwikkeling te geven. Gemeenten en regio’s hebben ambities geformuleerd, maar lopen in de uitvoering vast door een tekort aan kennis, capaciteit en financiering. Hierdoor blijven kansen liggen, terwijl de druk op de ruimte en maatschappelijke opgaven zoals energietransitie en netcongestie toenemen.
Provinciale inzet is nodig om deze stagnatie te doorbreken en de slagkracht van gemeenten te vergroten. Daarbij is verkend welk instrumentarium het beste aansluit bij de opgave en hierbij is geconcludeerd dat deze opgave het meest effectief kan worden opgepakt via een zelfstandige, aan de provincie gelieerde uitvoeringsorganisatie.
Voor het nieuwe instrument zijn voldoende uitvoeringskracht, versterking van revolverendheid en kennisopbouw, en bestuurlijke afstand essentieel. Daarom wordt gestuurd op oprichting van een nieuwe provinciale verbonden partij, vanwege slagvaardigheid en effectiviteit. De provincie werkt deze aanpak de komende periode verder uit, in samenhang met regionale afspraken over prioriteiten en inzet.
N.V. Monumenten Beheer Brabant
Na verkoop van de aandelen op 16 juni 2026 heeft de provincie geen financieel en bestuurlijk belang meer in Monumenten Beheer Brabant, waardoor deze niet langer als verbonden partij wordt aangemerkt. Zie ook Statenvoorstel 18/26 en de Statenmededeling van 9 juni 2026.
Gemeenschappelijke Regeling Uitvoeringstaken Natuur en Omgeving (GR UNO)
De twaalf provincies verkennen de oprichting van de Gemeenschappelijke Regeling Uitvoeringstaken Natuur en Omgeving (GR UNO), een bedrijfsvoeringsorganisatie als bedoeld in de Wet gemeenschappelijke regelingen. Met deze regeling wordt beoogd het beheer van de Nationale Databank Flora & Fauna (NDFF) wettelijk te verankeren. Provinciale Staten zijn in november 2025 via een Statenvoorstel in de gelegenheid gesteld hun zienswijze op de ontwerp gemeenschappelijke regeling kenbaar te maken.
Exitproces
Op dit moment is Green Chemistry Campus B.V. (GCC) de enige verbonden partij die zich in een beëindigingsproces bevindt.
Risico’s en aandachtspunten
Een verbonden partij wordt getoetst op aandachtspunten en risico’s op het gebied van beleid, governance en financiën. Per onderdeel wordt een kleurcode toegekend:
Groen Geen noemenswaardige aandachtspunten of risico’s.
Oranje Aandachtspunten of risico’s die binnen het uitvoeringsmandaat vallen van GS. Dit heeft geen hoge urgentie en de risico’s zijn beperkt. Bijvoorbeeld bestuurswisselingen, statuten die herzien moeten worden of licht tegenvallende resultaten.
Rood Grote aandachtspunten die soms directe actie vereisen en onder de aandacht van PS dienen te worden gebracht. Bijvoorbeeld niet afgedekte financiële risico’s, slecht functionerend bestuur of toezichthouder, als er geen publiek belang (meer) is of tegenvallende resultaten.
In de tabel is daarnaast een kolom opgenomen waarin wordt aangegeven of wordt voldaan aan de kaders van de nota. Indien een score ‘oranje’ of ‘rood’ wordt toegekend, of indien sprake is van overige relevante ontwikkelingen, worden deze afwijkingen onderaan de tabel nader toegelicht.
In de bijlagenbundel wordt nader ingegaan op het Innovatiefonds, Energiefonds, Brabant C fonds, Groen Ontwikkelfonds, Leisure Ontwikkelfonds en Brabant Startup Fonds.
Lijst van verbonden partijen
Terug naar navigatie - Verbonden partijen - Lijst van verbonden partijenGemeenschappelijke regelingen en Benelux Groepering Territoriale Samenwerkingen (BGTS) en Europese Groepering voor territoriale samenwerking (EGTS)
| Naam | Beleid | Governance | Financiën | Aandeelhouderschap |
Binnen kaders
|
|
| 1.1 | Havenschap Moerdijk (i.c.m. Havenbedrijf) | Economie, Kennis en Talentontwikkeling Milieu, Energie & Circulaire Economie |
actief | |||
| 1.2 | Zuidelijke Rekenkamer | Kwaliteit Openbaar Bestuur | monitorend | |||
| 1.3 | Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant |
Natuur Milieu, Energie & Circulaire Economie |
actief | |||
| 1.4 | Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant |
Natuur Milieu, Energie & Circulaire Economie |
actief | |||
| 1.5 | Omgevingsdienst Brabant Noord |
Natuur Milieu, Energie & Circulaire Economie |
actief | |||
| 1.6 | De Hollandse Waterlinies | Cultuur, Sport en Erfgoed | actief | |||
| 1.7 | BGTS Geopark Schelde Delta |
Water en Bodem Cultuur, Sport & Erfgoed |
actief | |||
| 1.8 | EGTC Rhine-Alpine |
Slimme en Groene Mobiliteit |
actief |
1.7 BGTS Geopark Schelde Delta
De Provincie Noord-Brabant heeft bij de oprichting een expliciete uitstapregeling in de statuten van de BGTS Geopark Schelde Delta opgenomen. Deze regeling bepaalt dat de provincie uittreedt zodra ten minste één van de vier Brabantse gemeenten in de Scheldedelta (Bergen op Zoom, Roosendaal, Woensdrecht of Steenbergen) toetreedt tot de BGTS. Zo werd voldaan aan de UNESCO-eis om een rechtspersoon voor het Geopark op te richten, terwijl de gemeenten tijd kregen om zich voor te bereiden op hun participatie. Indien geen van deze gemeenten kan of wil toetreden, verlaat de provincie in principe de BGTS per 31 december 2027, tenzij Provinciale Staten op dat moment besluiten hiervan af te wijken.
De mogelijke overdracht van taken aan de betrokken gemeenten is nog onderwerp van gesprek. De gemeenten hebben zorgen geuit over de benodigde financiële middelen en personele inzet voor deelname. De provincie is hierover in gesprek met de gemeenten. Daarnaast draait sinds 2025 een ambtenaar van de gemeente Bergen op Zoom mee met het kernteam van de BGTS.
1.8 EGTC Rhine-Alpine
De governance vraagt momenteel extra aandacht, omdat EGTC Rhine-Alpine zich in een turbulente fase bevindt. Dit komt door de fusie van twee Trans-Europese transportcorridors (TEN-T). De voormalige corridors Rhine-Alpine en North Sea-Mediterranean zijn samengevoegd tot de nieuwe North Sea–Rhine–Mediterranean corridor. Deze geografische uitbreiding maakt het noodzakelijk om nieuwe leden aan te trekken, met name uit Frankrijk, zodat de EGTC dezelfde impact kan behouden en haar doelstellingen kan realiseren binnen het vergrote netwerk. Daarnaast speelt een complexe context door gewijzigde Europese prioriteiten een rol. We verwachten dat de situatie in de loop van 2026 stabiliseert, dankzij ingezette maatregelen en strategische keuzes.
2. Vennootschappen en coöperaties
| Naam | Beleid | Governance | Financiën | Aandeelhouderschap |
Binnen Kaders Nota VP |
|
| 2.1 | Enexis NV | Milieu, Energie & Circulaire Economie | Actief | |||
| 2.2 | Brabant Water NV | Water en Bodem | Actief | |||
| 2.3 | Eindhoven Airport NV | Slimme & Groene Mobiliteit | Actief | |||
| 2.4 | BOM Holding BV | Economie, Kennis en Talentontwikkeling Milieu, Energie & Circulaire Economie |
Actief | |||
| 2.5 | Ruimte voor Ruimte Beheer BV / CV | Wonen, Werken en Leefomgeving | Actief | |||
| 2.6 | Business Park Aviolanda BV | Economie, Kennis en Talentontwikkeling Wonen, Werken en Leefomgeving |
Actief | |||
| 2.7 | Nederlandse Waterschapsbank NV | Algemeen financieel beleid Water en Bodem |
Monitorend | |||
| 2.8 | BNG Bank NV | Kwaliteit Openbaar Bestuur Algemeen financieel beleid |
Monitorend | |||
| 2.9 | ZEH NV | Milieu, Energie & Circulaire Economie | Monitorend | |||
| 2.10 | Pivotpark Holding BV | Economie, Kennis en Talentontwikkeling Wonen, Werken en Leefomgeving |
Actief | |||
| 2.11 | Green Chemistry Campus BV | Economie, Kennis en Talentontwikkeling Milieu, Energie & Circulaire Economie |
Actief | |||
| 2.12 | Groen Ontwikkelfonds Brabant BV | Natuur Water en Bodem |
Actief | |||
| 2.13 | Brabant Startup Fonds BV | Economie, Kennis en Talentontwikkeling | Actief | |||
| 2.14 | BrabantRing BV | Economie, Kennis en Talentontwikkeling | Actief | |||
| 2.15 |
Ontwikkelmaatschappij Gebiedsontwikkeling Fellenoord BV |
Wonen, Werken en Leefomgeving Slimme & Groene Mobiliteit |
Actief |
2.1 Enexis N.V.
In de energietransitie van Brabant speelt Enexis als strategische partner een belangrijke rol. De samenwerking tussen Enexis en de provincie vormt een belangrijk fundament voor het behalen van diverse doelstellingen uit het Energieperspectief 2050, dat voortbouwt op de provinciale Energieagenda 2019-2030. De provincie zet daarbij in op een toekomstbestendig energiesysteem met een brede mix van duurzame energiebronnen. Tegelijkertijd brengen de omvangrijke netuitbreidingsopgave, aanhoudende netcongestie en de nog niet volledig uitgekristalliseerde rol van Enexis binnen de warmtetransitie onzekerheden met zich mee voor de realisatie van de provinciale energie- en warmtedoelen. De provincie gaat hier de komende tijd op verschillende tafels met Enexis over in gesprek om deze onzekerheden te agenderen en beheersmaatregelen te verkennen. Om die reden is voor het onderdeel Beleid de kleurcode oranje toegekend.
Naast de toenemende druk op het elektriciteitsnet neemt ook de bijbehorende investeringsbehoefte toe. Om de financiering op lange termijn veilig te stellen, heeft de AvA besloten het dividendbeleid aan te passen (zie Statenmededeling van 11 maart 2025). Daarnaast zal warmte in 2050 een belangrijk onderdeel vormen van de energiemix en, bij inwerkingtreding van de Wet collectieve warmte, een publieke voorziening worden.
In 2026 krijgen de Statuten, het Convenant en het Reglement voor de Aandeelhouderscommissie (AHC) een technische update om compliant te zijn aan de nieuwe wetgeving.
De RvB voldoet met een man-vrouw verhouding van 3/1 anno 2025 niet aan de gewenste diversiteit, zoals vermeld in de Nota verbonden partijen (ten minste een derde van het aantal leden bestaat uit mannen en ten minste een derde van het aantal leden bestaat uit vrouwen).
2.2 Brabant Water N.V.
De kleurcode Oranje voor het onderdeel Beleid is toegekend omdat de drinkwatervoorziening in Brabant onder druk staat. Regionaal is er een acuut probleem. In West-Brabant is er vóór 2030 een toename in capaciteit nodig. De realisatie van de nieuwe grondwaterwinning in Kruisland is daarbij essentieel. Voor de rest van Brabant is de ontwikkeling van aanvullende bronnen (brak grondwater en zeewater) en de inzet op waterbesparing belangrijk. De basis blijft het beschermen van de huidige bronnen. Deze komen steeds verder onder druk te staan waardoor de zuiveringsinspanning toe neemt.
De provincie werkt met Brabant Water, Evides en andere partijen aan maatregelen om de drinkwatervoorziening structureel te versterken. Het ‘Regionaal Actieplan Beschikbaarheid Drinkwaterbronnen 2023-2030’ van Brabant Water en de provincie biedt inzicht in de acties om toekomstige drinkwatertekorten te voorkomen. Lopende acties zijn onder meer de ontwikkeling van een nieuwe winning in Kruisland, het benutten van brak grondwater en zeewater, beschermen van de huidige bronnen, en inzet op besparing. Provinciale Staten zijn in 2024 en 2025 geïnformeerd via de Statenmededelingen over de drinkwaterstrategie en de analyse van aanvullende bronnen.
Als aandeelhouder heeft de provincie geen statutaire bevoegdheid over de strategie van Brabant Water, wat afwijkt van de wens in de Nota Verbonden Partijen om bij strategievorming betrokken te worden. De ILT houdt toezicht op kwaliteit, leveringszekerheid en doelmatigheid. De provincie wordt betrokken bij reflecties op de ondernemingsstrategie en werkt vanuit haar wettelijke zorgplicht samen met Brabant Water op basis van de overeenkomst Op pad naar een duurzame drinkwatervoorziening 2023–2030.
2.3 Eindhoven Airport N.V.
Eindhoven Airport streeft naar vermindering van geluidsoverlast voor de omgeving en reductie van de CO2-uitstoot. Om in 2030 ten opzichte van 2019 een geluidsreductie van 30% te realiseren, wordt ingezet op vlootvernieuwing. De nieuwe vliegtuigen zijn groter, wat het tevens mogelijk maakt om binnen de beschikbare geluidsruimte een grotere vervoerscapaciteit te realiseren. Hoewel dit positieve effecten heeft op het gebied van geluid en CO2-uitstoot, leidt vlootvernieuwing in combinatie met vlootverzwaring ook tot een toename van de stikstofuitstoot. Dit heeft gevolgen voor de benodigde natuurvergunning van Eindhoven Airport N.V.
In 2024 werd de aanvraag voor een natuurvergunning van Eindhoven Airport positief geweigerd. De minister stelde destijds dat voor de bestaande exploitatie geen natuurvergunning nodig was vanwege bestaande rechten, maar legde wel een maatwerkvoorschrift met een stikstofemissieplafond op. Inmiddels heeft de rechtbank geoordeeld dat voor de luchthaven wel een natuurvergunning is vereist. Daarnaast heeft de minister een nieuw stikstofemissieplafond vastgesteld voor Eindhoven Airport.
Eindhoven Airport heeft begin 2026 een nieuwe vergunningaanvraag ingediend, waarin rekening is gehouden met toekomstige ontwikkelingen zoals vlootvernieuwing en vlootverzwaring.
Vanwege onderhoud van de start-landingsbaan sluit Eindhoven Airport van februari 2027 t/m juli 2027. Voor de werknemers in dienst van ketenpartners is er in deze periode bij Eindhoven Airport N.V. nauwelijks tot geen werk beschikbaar. Dit leidt tot een risico van mogelijke uitstroom van werknemers. Eindhoven Airport treft hiervoor samen met de ketenpartners mitigerende maatregelen.
Per 28 maart 2026 is de heer W. (Willem) Van der Leegte toegetreden tot de RvC van Eindhoven Airport N.V. op voordracht van medeaandeelhouder gemeente Eindhoven. Hij vervangt de heer C.G.M. (Carlo) Van Kemenade.
De governance bij Eindhoven Airport voldoet op een aantal punten niet aan de Nota Verbonden Partijen:
- De bezoldiging van de bestuurders ligt hoger dan het bezoldigingsmaximum zoals opgenomen in de Wet normering topinkomens (WNT). Voor Eindhoven Airport N.V. geldt de WNT niet.
- Binnen de RvC voldoet de man/vrouw met een 4/1 verhouding niet aan de gewenste verhouding, zoals vermeld in de Nota verbonden partijen (3/2).
- De aandeelhouders van Eindhoven Airport N.V. hebben geen statutaire bevoegdheid met betrekking tot de strategie van Eindhoven Airport N.V.. Conform de statuten stelt de directie jaarlijkse een businessplan met begroting op over een periode van de komende vijf jaar. De RvC is statutair bevoegd om dit businessplan goed te keuren. Dit wijkt af van de richtlijn uit de Nota verbonden partijen van de provincie, waarin is vermeld dat de provincie als aandeelhouder betrokken wil worden bij de totstandkoming of wijziging van de strategie van verbonden partijen. Halfjaarlijks worden de aandeelhouders van Eindhoven Airport N.V. met een toelichting geïnformeerd over (de voortgang op) het vastgestelde businessplan.
Met een belang van 24,5% heeft de provincie in de AvA geen doorslaggevende stem. De provincie zal binnen haar invloedsfeer aandacht blijven vragen voor bezoldiging en diversiteit.
2.5 Ruimte voor Ruimte B.V. / Ruimte voor Ruimte C.V. (RvR)
Momenteel wordt onderzocht of en hoe de huidige B.V./C.V.-structuur kan worden omgezet naar een vereenvoudigde B.V.-structuur, zoals aangekondigd in de Statenmededeling m.b.t. de voortzetting van Ruimte voor Ruimte BV als verbonden partij. Provinciale Staten zullen worden geïnformeerd wanneer er duidelijkheid is over de nieuwe B.V. structuur.
Per 15 maart is dhr. C.B.P. (Rodney) Weterings benoemd als lid en voorzitter van de Raad van Commissarissen van Ruimte voor Ruimte B.V. Hij volgt mw. H.J.E.M. (José) Wiebes op. Zij is per 1 januari conform het rooster van aftreden afgetreden.
2.7 Nederlandse Waterschapsbank N.V. (NWB Bank N.V.)
De governance bij NWB Bank N.V. voldoet op twee punten niet aan de Nota Verbonden Partijen:
- De bezoldiging van de bestuurders ligt hoger dan het bezoldigingsmaximum zoals opgenomen in de Wet normering topinkomens (WNT). Voor NWB Bank N.V. geldt de WNT niet.
- De provincie/aandeelhouders van NWB Bank N.V. hebben geen statutaire bevoegdheid met betrekking tot de strategie van NWB Bank N.V..
Met een belang van 0,12% heeft de provincie bij de vaststelling van de bezoldiging geen doorslaggevende stem.
2.8 BNG Bank N.V.
De governance bij BNG Bank N.V. voldoet op twee punten niet aan de Nota Verbonden Partijen:
- De bezoldiging van de bestuurders ligt hoger dan het bezoldigingsmaximum zoals opgenomen in de Wet normering topinkomens (WNT). Voor BNG Bank N.V. geldt de WNT niet.
- De provincie/aandeelhouders van BNG Bank N.V. hebben geen statutaire bevoegdheid met betrekking tot de strategie van BNG Bank N.V.. Conform de statuten dient jaarlijks in de AvA een toelichting op de strategie te worden gegeven.
Met een belang van 0,07% heeft de provincie bij de vaststelling van de bezoldiging geen doorslaggevende stem.
2.9 ZEH N.V.
De kleurcode voor het onderdeel Beleid is op rood gesteld. Hoewel de provincie aandeelhouder is, is sprake van een relatief gering aandelenbelang en sluiten de activiteiten van de vennootschap beperkt aan bij de huidige provinciale beleidsdoelen. Hierdoor is de mogelijkheid voor de provincie om inhoudelijk sturing te geven gering en is de beleidsmatige meerwaarde van de deelneming beperkt. Gezien deze situatie ligt de focus van de provincie primair op het behoud van de waarde van het aandelenbelang in afwachting van een passend verkoopmoment.
2.10 Pivotpark Holding B.V.
De financiële prestaties van Pivot Park vragen aandacht. Naar verwachting zullen deze vanaf boekjaar 2026 verbeteren, onder meer door de afbouw van de activiteiten van PPSC. Daarnaast neemt de omzet toe door de ingebruikname van nieuwbouw en de daarmee samenhangende verhuuropbrengsten. De jaarrekening 2026 zal moeten bevestigen of deze verwachte verbetering daadwerkelijk wordt gerealiseerd.
Pivot Park heeft haar bestaande leningen geherfinancierd. Momenteel zijn zij bezig met de financiering van de nieuwe investeringen in het kader van de campusvisie.
Op 18 december 2025 heeft de AvA een nieuwe campusvisie vastgesteld, inclusief een vastgoed- en financieel plan voor Pivot Park. Provinciale Staten zijn hierover geïnformeerd met een Statenmedeling. Met deze visie is het toekomstbeeld vastgesteld en is inzichtelijk gemaakt wat de komende jaren nodig is om te komen tot een volwassen en financieel zelfstandig Pivot Park.
Tijdens de AvA van 4 juni 2026 is de governance geactualiseerd met nieuwe statuten en een aandeelhoudersovereenkomst. Hierbij zijn geen ingrijpende wijzigingen aangebracht. De documenten sluiten nu beter aan bij de kaders van de Nota Verbonden Partijen.
Tijdens de AvA van december 2025 is afscheid genomen van de heer J. (Jan) Kusters als voorzitter van de Raad van Commissarissen, vanwege het aflopen van zijn benoemingstermijn. In dezelfde vergadering is mevrouw R.M. (Nettie) Buitelaar per 1 augustus 2026 benoemd tot lid van de Raad van Commissarissen; zij zal per 1 januari 2027 het voorzitterschap op zich nemen. Tot die tijd wordt de voorzittersrol vervuld door de heer T. (Ton) Rijnders.
Per 1 augustus 2026 treedt tevens de heer B. (Bart) De Vries toe tot de Raad van Commissarissen van Pivot Park, als opvolger van de heer T. (Ton) van de Beek. Met ingang van die datum voldoet de Raad van Commissarissen aan de, conform de Nota Verbonden Partijen, gewenste diversiteit (man/vrouw-verhouding 2/2).
2.11 Green Chemistry Campus B.V. (GCC)
Green Chemistry Campus B.V. verkeert in financiële moeilijkheden en geconcludeerd wordt dat de Green Chemistry Campus B.V. niet in staat is om een rol van betekenis te spelen bij het realiseren van de provinciale beleidsdoelstellingen.
Op 12 januari 2026 heeft de AvA een ontbindingsbesluit van de vennootschap genomen. Provinciale staten zijn hierover geïnformeerd via de Statenmededeling van 6 januari 2026.
De RvC van GCC zag in de nieuwe fase geen rol meer voor zichzelf weggelegd en alle leden zijn daarom tijdens de aandeelhoudersvergadering van 10 december 2024 afgetreden. Gezien de afbouwfase van de vennootschap zijn de aandeelhouders niet voornemens om voor een beperkte termijn andere leden voor de RvC te werven. Het niet hebben van een RvC wijkt af van de in de Nota verbonden Partijen opgenomen richtlijn.
2.12 Groen Ontwikkelfonds Brabant B.V.
Gedeputeerde Staten hebben in 2025 opdracht gegeven tot de evaluatie van het Groen Ontwikkelfonds Brabant. Deze evaluatie is door Provinciale Staten vastgesteld, zie Statenvoorstel Evaluatie Groen Ontwikkelfonds Brabant 2021-2024.
In 2026 wordt beoordeeld of de governancedocumenten nog aansluiten bij de actuele werkwijze en gemaakte afspraken en, indien nodig, herzien. Op het onderdeel financiën is de oranje kleurcode toegekend vanwege onzekerheden in de beschikbare middelen voor de komende jaren. Door externe prijsontwikkelingen, zoals de stijging van de grondprijs, is het huidige budget onvoldoende om de opdracht volledig uit te voeren. Tijdens de AvA in maart 2026 is een nieuwe begroting voor 2026 vastgesteld.
Daarnaast wordt de businesscase voor de komende jaren herzien. Hierbij worden de geactualiseerde kosten en verwachte tekorten in beeld gebracht. Het aangepaste businessplan zal met een Statenmededeling ter informatie aan Provinciale Staten worden aangeboden.
2.13 Brabant Startup Fonds B.V.
Het bestuur van de vennootschap bestaat uit een CEO en CFRO. Beide worden ingevuld door een man en daarmee wordt niet voldaan aan de gewenste verhouding, zoals vermeld in de Nota verbonden partijen. Bij een mutatie in het bestuur zal er aandacht zijn voor diversiteit.
Daarnaast is besloten een RvC in te gaan stellen. Vacatures staan nu uit hiervoor en benoeming van leden zal naar verwachting in Q4 van 2026 plaatsvinden.
2.14 BrabantRing B.V.
Het oprichtingsproces van BrabantRing heeft langer geduurd dan voorzien, maar in 2025 is ingezet op versterking van de governance en samenwerking en zijn commerciële activiteiten versneld. In 2026 vindt een herijking van het businessplan plaats, waarbij wordt onderzocht of een ambitieuzere variant met hogere initiële investeringen en een versnelde uitrol haalbaar is. Zolang dat traject loopt, blijft het huidige businessplan het uitgangspunt met de kanttekening dat BrabantRing opereert in een markt met hoge aanloopkosten, waardoor in de eerste jaren verliezen worden verwacht.
Per 1 maart 2026 is de heer H.P.A.M. (Henri) Smits afgetreden als bestuurder van de Vennootschap. Totdat in een definitieve opvolging is voorzien, vervult de heer B.A.C.D. (Bernard) Dortmans deze rol op tijdelijke basis.
De planning is dat medeaandeelhouder BRE de rol van bestuurder per 2027 zal overgenomen.
In 2025 is gestart met de werving van een nieuwe Raad van Commissarissen. Het eerste lid is in het eerste kwartaal van 2026 benoemd (de heer C. Habraken) en het tweede lid volgt waarschijnlijk in het derde kwartaal van 2026. Samen kiezen de nieuwe RvC leden de voorzitter van de RvC (3e lid).
2.15 Ontwikkelmaatschappij Gebiedsontwikkeling Fellenoord B.V.
Financiën staat op oranje in verband met enkele aandachtspunten rondom de integrale herziening van het grondexploitatieplan. Door de complexiteit van het gebied, raakvlakken met bijv. de Multi Modale Knoop en het Rijksmuseum Eindhoven en de verdere uitwerking van het Ruimtelijk Raamwerk duurt de planvorming langer dan eerder voorzien, waardoor aanvullende actualisaties van de grondexploitatie niet in 2026 worden uitgevoerd, maar in 2027 integraal worden doorgevoerd. Wel wordt er daarom nog eind 2026 een technische actualisatie van de grondexploitatie verwacht, waardoor GS dan nog via de aandeelhoudersrol kan sturen op eventuele uitkomsten bij de eerstvolgende integrale herzieningen van de grondexploitatie.
In de jaarrekening 2025 is, op advies van de accountant, de methode voor omzetbepaling gewijzigd van de percentage-of-completion-methode naar de zero profit-methode ten opzichte van 2024. Dit betekent dat tijdens de uitvoering van projecten geen winst meer naar rato van de voortgang wordt genomen; omzet wordt verantwoord tot maximaal de gemaakte kosten en winst wordt pas gerealiseerd wanneer daar voldoende zekerheid over bestaat (veelal bij afronding van het project).
Deze stelselwijziging is toegestaan en leidt tot een voorzichtiger, robuuster en minder schattingsgevoelig resultaat, met een duidelijkere en meer inzichtelijke verslaggeving. De wijziging heeft geen effect op het resultaat over 2024 of het eigen vermogen per ultimo 2024. Wel wijkt de omvang van het vreemd vermogen in de jaarrekening 2025 enigszins af ten opzichte van de jaarrekening 2024 (circa -/- € 173.000,-).
3. Stichtingen en verenigingen
| Naam | Beleid | Governance | Financiën | Aandeelhouderschap |
Binnen kaders |
|
| 3.1 | Interprovinciaal overleg IPO en BIJ12 (vereniging) | Kwaliteit Openbaar Bestuur | Monitorend | |||
| 3.2 | Huis van de Nederlandse Provincies (vereniging) | Kwaliteit Openbaar Bestuur | Monitorend | |||
| 3.3 | Stichting Brabant C Fonds | Cultuur, Sport & Erfgoed | Actief | |||
| 3.4 | Stichting Leisure Ontwikkelfonds Brabant | Cultuur, Sport & Erfgoed | Actief | |||
| 3.5 | Stichting COO BIC | Economie, Kennis en Talentontwikkeling | Actief |
3.3 Stichting Brabant C Fonds
Brabant C bevindt zich in een transitiefase van een publieke uitvoeringsstichting (met mandaat van GS) naar een zelfstandig privaat-publiek fonds dat op bredere schaal financiering voor culturele projecten gaat organiseren. Deze doorontwikkeling past binnen de opgave uit het Bestuursakkoord en de uitvoeringsagenda Levendig Brabant.
Met een Statenmededeling zijn Provinciale Staten in juli 2025 geïnformeerd over het Businessplan van Brabant C voor de periode 2025-2027-2030.
In 2025 zijn afspraken gemaakt met diverse private partijen waaronder ASML. Daarbij zijn regionale coalities tot stand gekomen tussen private en publieke partijen.
Uitgangspunt is dat private partijen en andere publieke partijen ook hun verantwoordelijkheid moeten pakken zowel door een bijdrage aan culturele projecten als aan organisatiekosten. Dit vraagt dat het commitment van zowel private als publieke partijen nog verder moet groeien. En dat beide groepen niet alleen gezamenlijk investeren in culturele projecten maar ook bijdragen aan de instandhouding van het fonds zelf.
Brabant C heeft aangegeven dat het streven naar een zelfstandig fonds ook tijd vergt na 2027 en dat dit een stevige rol van de provincie Noord-Brabant zal vragen.
De provincie volgt de voortgang van de opgave van Brabant C. In mei 2026 heeft er een gesprek plaatsgevonden met Brabant C over de stand van zaken. Als een (door)start van een privaat publiek fonds in 2028 aan de orde is en dit aanvullende middelen vergt zal deze vraag door het college van GS aan Provinciale Staten worden voorgelegd.
3.4 Stichting Leisure Ontwikkelfonds Brabant
Op 7 en 21 februari 2025 hebben Provinciale Staten gedebatteerd over de evaluatie van de koerswijziging van het LOF. Na vaststelling van deze evaluatie door Provinciale Staten zijn de uitkomsten besproken met het bestuur van Stichting LOF en de overige deelnemers. Provinciale Staten zijn hierover geïnformeerd via de Statenmededeling van 23 september 2025.
Op basis van de verbeterpunten die uit de evaluatie naar voren zijn gekomen en die in de Statenmededeling zijn benoemd, zijn aan de onderdelen Beleid en Governance respectievelijk de kleurcode rood en oranje toegekend.
In de Vergadering van Deelnemers van 5 december 2025 heeft de provincie uitgesproken de voorkeur te hebben voor het scenario waarin LOF per eind 2026 stopt met het verstrekken van nieuwe leningen en zich daarna uitsluitend richt op het beheer van de bestaande portefeuille. De afwikkeling van de resterende middelen en de inzet daarvan voor de Leisure sector na 2026 worden in 2026 nader uitgewerkt. Zie ook de Statenmededeling van 3 februari 2026.
4. Overige verbonden partijen
| Naam | Beleid | Governance | Financiën | Aandeelhouderschap | Binnen kaders | |
| 4.1 | Fonds Nazorg Gesloten Stortplaatsen | Natuur en milieu | Actief |
4.1 Fonds Nazorg Gesloten Stortplaatsen
De provincie staat garant voor een eventueel negatieve egalisatiereserve bij de gesloten stortplaatsen. De voorziening van de provincie wordt jaarlijks geactualiseerd op basis van de meest recente informatie.
De waarde van de egalisatiereserve per 31 december 2025 bedraagt negatief € 4.977.144. De reden hiervan is dat in 2022 het nettoresultaat van de belegde voorziening gesloten stortplaatsen in het Nazorgfonds, samen met een gedeeltelijke onttrekking uit de egalisatiereserve, onvoldoende was om de verplichte jaarlijkse oprenting (3,45%) van de voorziening mogelijk te maken. Op 31 december 2022 bedroeg de negatieve stand € 6.830.328. In de periode 2023 tot en met 2025 is daarmee een deel van het verlies uit 2022 ingelopen.
Hoewel per eind 2025 nog sprake is van een relatief hoog tekort, zijn in 2026 voorlopige naheffingsaanslagen opgelegd en zijn met de betrokken partijen betalingsafspraken gemaakt. Hiermee zijn stappen gezet om het tekort terug te dringen. In afwachting van de daadwerkelijke ontvangst van deze bedragen wordt de financiële situatie beoordeeld als oranje.
Belangen, Vermogensstructuren en resultaten
1. Gemeenschappelijke regelingen en Benelux Groepering Territoriale Samenwerking
Belang
| Naam | Vestigingsplaats | Portefeuille (eigenaar / inhoud) | Bestuurlijk Belang | Aandeel | |
| 1.1 | Havenschap Moerdijk (i.c.m. Havenbedrijf) | Moerdijk | Smeulders/Van Gruijthuijsen | Lid bestuur bedrijfsvoering organisatie | 50,0% |
| 1.2 | Zuidelijke Rekenkamer | Eindhoven | Programmaraad | Lid programmaraad | 50,0% |
| 1.3 | Omgevingsdienst Midden- en West Brabant | Tilburg | Oudenhoven / Boelema | Lid Algemeen Bestuur, lid Dagelijks Bestuur | 36,0% |
| 1.4 | Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant | Eindhoven | Oudenhoven / Boelema | Lid Algemeen Bestuur, lid Dagelijks Bestuur | 25,0% |
| 1.5 | Omgevingsdienst Brabant Noord | 's-Hertogenbosch | Oudenhoven / Boelema | Lid Algemeen Bestuur, lid Dagelijks Bestuur | 35,0% |
| 1.6 | De Hollandse Waterlinies | Utrecht | Maes* | Lid van Gemeenschappelijk Orgaan | 10% |
| 1.7 | BGTS Geopark Schelde Delta | Middelburg | Boelema* | Lid Algemeen Bestuur, lid Dagelijks Bestuur | 19,2% |
| 1.8 | EGTC Rhine-Alpine | Mannheim (Dui) | Smeulders* | Lid Algemeen Bestuur | 3,8% |
* Eigenaarsrol en inhoudelijke rol zijn niet conflicterend.
Vermogensstructuur en resultaat x €1000
| Naam | Lening | Garantstelling | Eigen vermogen per 01-01-2025* |
Eigen vermogen per 31-12-2025* |
Vreemd vermogen per 01-01-2025* |
Vreemd vermogen per 31-12-2025* |
|
| 1.1 | Havenschap Moerdijk (i.c.m. Havenbedrijf) | 61.000 | €280.000.000** | € 97.265 | € 97.265 | € 215.594 | € 215.594 |
| 1.2 | Zuidelijke Rekenkamer | € 98 | € 118 | € 373 | € 176 | ||
| 1.3 | Omgevingsdienst Midden- en West Brabant | € 6.086 | € 8.652 | € 7.641 | € 6.361 | ||
| 1.4 | Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant | € 4.183 | € 4.749 | € 5.295 | € 3.999 | ||
| 1.5 | Omgevingsdienst Brabant Noord | € 8.903 | €10.619 | € 13.553 | € 11.001 | ||
| 1.6 | De Hollandse Waterlinies | € 613 | € 740 | € 0 | € 0 | ||
| 1.7 | BGTS Geopark Schelde Delta | - | € 3 | - | € 8 | ||
| 1.8 | EGTC Rhine-Alpine | € 187 | € 187 | € 1 | € 1 |
* De gepresenteerde cijfers zijn de resultaten uit de meest recente gepubliceerde (half)jaarcijfers.
** De provincie en gemeente Moerdijk staan voor ieder 50-50 van het genoemde bedrag garant (gelijk aan de deelname in de Gemeenschappelijke Regeling).
2. Vennootschappen en coöperaties
Belang
x € 1.000
| Naam |
Portefeuille (eigenaar / inhoud) |
Bestuurlijk belang | Aandeel | Nominale waarde | Agio | Gestort | Boek- waarde |
|
| 2.1 | Enexis NV | Smeulders / Maes |
stemrecht / voordrachtsrecht RvC / lid AHC |
30,8% | 46.144 | - | 46.144 | - |
| 2.2 | Brabant Water NV | Smeulders / Boelema |
Stemrecht / voordrachtsrecht RvC / lid AHC |
31,6% | 88 | - | 88 | - |
| 2.3 | Eindhoven Airport NV | Van Gruijthuijsen / Smeulders | Stemrecht / voordrachtsrecht RvC | 24,5% | 1.112 | - | 556 | - |
| 2.4 | BOM Holding BV | Smeulders / Van Gruijthuijsen |
stemrecht / voordrachtsrecht RvC |
100% | 1 | 50.827 | 50.828 | 50.828 |
| 2.5 a | Ruimte voor Ruimte Beheer BV |
Smeulders / Dirken |
Stemrecht / voordrachtsrecht RvC |
100% | 30 | 89 | 119 | 111 |
| 2.5 b | Ruimte voor Ruimte CV | Smeulders / Dirken | Stemrecht / Commanditair vennoot | 99%** | 1.485 | 24.457 | 25.943 | 24.998 |
| 2.6 | Business Park Aviolanda BV | Smeulders / Van Gruijthuijsen | Stemrecht / voordrachtsrecht RvC | 80% | 14 | 20.993 | 21.007 | 21.007 |
| 2.7 | Nederlandse Waterschapsbank NV | Van Gruijthuijsen* | Stemrecht | 0,12% | 22 | - | 8 | - |
| 2.8 | NV Bank voor Nederlandse Gemeenten | Van Gruijthuijsen* | Stemrecht | 0,07% | 100 | - | 100 | - |
| 2.9 | ZEH NV | Smeulders* | Stemrecht | 0,05% | 4 | - | 4 | - |
| 2.10 | Pivotpark Holding BV | Smeulders / Van Gruijthuijsen | Stemrecht/voordrachtsrecht RvC | 70,7% | 20 | 6.282 | 6.302 | 6.302 |
| 2.11 | Green Chemistry Campus BV | Smeulders / Van Gruijthuijsen | Stemrecht / voordrachtsrecht RvC | 60% | 11 | - | 2.311 | 2.300 |
| 2.12 | Groen Ontwikkelfonds Brabant BV | Smeulders / Roijackers | Stemrecht | 100% | - | - | - | - |
| 2.13 | Brabant Startup Fonds BV | Smeulders / Van Gruijthuijsen | Stemrecht | 100% | - | - | - | - |
| 2.14 | BrabantRing BV | Smeulders / Van Gruijthuijsen | Stemrecht | 30,20% | 1 | 696 | 697 | 697 |
| 2.15 | Ontwikkelmaatschappij Gebiedsontwikkeling Fellenoord BV | Van Gruijthuijsen / Smeulders | Stemrecht | 50,0 % |
* Eigenaarsrol en inhoudelijke rol zijn niet conflicterend.
** provincie heeft als enig commanditair vennoot een belang van 99% in RvR CV. Het resterende belang van 1% is in bezit van Ruimte voor Ruimte BV als beherend vennoot.
Vermogensstructuur en resultaat x€1000
| Naam | Lening per 30-06-2026 | Garantstelling | Eigen vermogen per 1-1 2025* |
Eigen vermogen per 31-12 2025* |
Vreemd vermogen per 1-1 2025* |
Vreemd vermogen per 31-12 2025* |
Resultaat 2025 na belasting* |
Netto Dividend, ontvangen in 2026 over 2025 | |
| 2.1 | Enexis NV | 159.490 | 5.538.000 | 5.811.000 | 5.949.000 | 7.627.000 | 400.000 | 30.828 | |
| 2.2 | Brabant Water NV | 716.350 | 767.239 | 694.860 | 713.961 | 50.889 | 0 | ||
| 2.3 | Eindhoven Airport NV | 2.000 | 148.866 | 167.023 | 36.713 | 40.015 | 25.191 | 1.857 | |
| 2.4 | BOM Holding BV | 127.693 | 93.977 | 92.218 | 250.448 | 314.051 | (1.682) | 0 | |
| 2.5 a | Ruimte voor Ruimte Beheer BV |
610 | 239 | 347 | 1.077 | (371) | 0 | ||
| 2.5 b | Ruimte voor Ruimte CV | 28.705 | 32.554 | 3.350 | 4.645 | 3.849 | 0 | ||
| 2.6 | Business Park Aviolanda BV | 18.988 | 13.543 | 13.453 | 21.309 | 23.768 | (89) | 0 | |
| 2.7 | Nederlandse Waterschapsbank NV | 50.000 | 2.094.000 | 2.157.000 | 76.674.000 | 70.711.000 | 113 | 67 | |
| 2.8 | NV Bank voor Nederlandse Gemeenten | 49.800 | 4.777.000 | 4.863.000 | 123.164.000 | 110.701.000 | 172 | 48 | |
| 2.9 | ZEH NV | 1.306.330 | 1.270.574 | 621.586 | 643.058 | 95.988 | 77 | ||
| 2.10 | Pivotpark Holding BV | 68.002 | 16.599 | 27.602 | 76.594 | 83.066 | 11.003 | 0 | |
| 2.11 | Green Chemistry Campus BV | 550 | 550 | 300 | 300 | -10 | 0 | ||
| 2.12 | Groen Ontwikkelfonds Brabant BV | 0 | 0 | 6.747 | 4.969 | 0 | 0 | ||
| 2.13 | Brabant Startup Fonds BV | 19.950 | 0 | 0 | 22.140 | 27.778 | 0 | 0 | |
| 2.14 | BrabantRing BV | 2.554 | 4 | (939) | 534 | 1.762 | (943) | 0 | |
| 2.15 | Ontwikkelmaatschappij Gebiedsontwikkeling Fellenoord BV | 0 | 0 | 2.238 | 3.594 | 0 | 0 |
*De gepresenteerde cijfers zijn de resultaten uit de meest recente gepubliceerde (half)jaarcijfers.
3. Stichtingen en verenigingen
Belang
| Naam | Vestigingsplaats | Portefeuille (eigenaar / inhoud) | Bestuurlijk Belang | Aandeel | |
| 3.1 | Interprovinciaal overleg IPO en BIJ12 (vereniging) | 's-Gravenhage | Boelema* | Lid van het bestuur | 10,89% |
| 3.2 | Huis van de Nederlandse Provincies (vereniging) | Brussel | Van Gruijthuijsen* | Lid van het bestuur | 8,33% |
| 3.3 | Stichting Brabant C Fonds | Tilburg | Smeulders / Maes | Benoeming schorsing en ontslag leden RvT | 100% |
| 3.4 | Stichting Leisure Ontwikkelfonds Brabant | Oisterwijk | Smeulders / Maes | lid van de raad van deelnemers. | 50% |
| 3.5 | Stichting COO BIC | Eindhoven | Smeulders/ Van Gruijthuijsen | Lid van de raad van advies en lid raad van deelnemers | 33,3% |
* Eigenaarsrol en inhoudelijke rol zijn niet conflicterend.
Vermogensstructuur en resultaat x € 1.000
| Naam | Lening | Garantstelling | Eigen vermogen per 01-01-2025* |
Eigen vermogen per 31-12-2025* |
Vreemd vermogen per 01-01-2025* |
Vreemd vermogen per 31-12-2025* |
|
| 3.1 | Interprovinciaal overleg IPO en BIJ12 (vereniging) | 120 | 2.808 | 3.314 | 53.222 | 45.463 | |
| 3.2 | Huis van de Nederlandse Provincies (vereniging) | 661 | 661 | 716 | 716 | ||
| 3.3 | Stichting Brabant C Fonds | 471 | 530 | 7.658 | 6.086 | ||
| 3.4 | Stichting Leisure Ontwikkelfonds Brabant | 6.651 | 6.852 | 15 | 47 | ||
| 3.5 | Stichting COO BIC | 0 | 0 | 261 | 539 |
*De gepresenteerde cijfers zijn de resultaten uit de meest recente gepubliceerde (half)jaarcijfers.
4. Overige verbonden partijen
Belang
| Naam | Vestigingsplaats | Portefeuille (eigenaar / inhoud) | Bestuurlijk Belang | Aandeel | |
| 4.1 | Fonds Nazorg Gesloten Stortplaatsen | 's-Hertogenbosch | Van Gruijthuijsen / Roijackers | GS vormen Algemeen Bestuur, twee gedeputeerde vormen Dagelijks Bestuur |
100% |
Vermogensstructuur en resultaat x€1000
| Naam | Lening | Garantstelling | Eigen vermogen per 01-01-2025* |
Eigen vermogen per 31-12-2025* |
Vreemd vermogen per 01-01-2025* |
Vreemd vermogen per 31-12-2025* |
|
| 4.1 | Fonds Nazorg Gesloten Stortplaatsen | 96.139 | 101.509 | 33.216 | 34.077 |
*De gepresenteerde cijfers zijn de resultaten uit de meest recente gepubliceerde (half)jaarcijfers
5. Investeringsfondsen voor Brabant
| Fonds* | Fondsomvang ingebracht door provincie x €1 mln |
Looptijd t/m |
Revolverendheid | Multiplier | Portefeuille | |
| 5.1 | Innovatiefonds Brabant** | 135 | 2037 | Nominaal | ≥ 3 | Van Gruijthuijsen |
| 5.2 | Energiefonds Brabant** | 60 | 2037 | Nominaal | ≥ 4 | Maes |
| 5.3 | Brabant C fonds | 36 | 2027 | Beperkt | ≥ 3 | Maes |
| 5.4 | Groen Ontwikkelfonds voor Brabantse natuur | 438 | 2027 | Niet of nauwelijks | ≥ 2 | Roijackers |
| 5.5 | Leisure Ontwikkel fonds Brabant | 5 | 2026 | Beperkt (33-66%) | ≥ 2 | Maes |
| 5.6 | Brabant Startup Fonds | 30 | 2033 | 50% | ≥ 3 | Van Gruijthuijsen |
* Zie bijlagenbundel jaarrekening 2025 voor aanvullende fondsinformatie
** Het beheer van het Innovatiefonds en het Energiefonds vindt plaats door verbonden partij BOM Holding BV