Algemeen financieel beleid
Elk programma heeft in de begroting naast de lasten van dat programma, ook baten - zoals specifieke uitkeringen van het Rijk - die direct tot dat programma behoren. Deze baten zijn meestal niet toereikend om de lasten te kunnen dekken. Tegenover de nadelige saldi op de programma’s staan de algemene dekkingsmiddelen die binnen het onderdeel algemeen financieel beleid zijn geraamd en bijdragen aan een sluitende begroting.
De in omvang belangrijkste algemene dekkingsmiddelen van de provincie bestaan uit de inkomsten van de provinciale opcenten motorrijtuigenbelasting, de uitkering provinciefonds en de beleggingsopbrengsten uit de immunisatieportefeuille.
Daarnaast zijn er diverse overige algemene inkomsten zoals de dividendopbrengsten.
De begroting kent naast de 10 programma's en de algemene dekkingsmiddelen nog een aantal centrale posten zoals de overhead, de post onvoorzien en een aantal nog niet aan de programma’s toegedeelde stelposten.
Algemene dekkingsmiddelen
Terug naar navigatie - - Algemene dekkingsmiddelenWat willen we bereiken
Terug naar navigatie - Algemene dekkingsmiddelen - Wat willen we bereikenDe geraamde algemene dekkingsmiddelen voor 2027 ad ruim € 933 mln. dragen bij aan:
- Het waarborgen van de zelfstandige financiële positie van de provincie;
- Het handhaven van een reëel sluitende begroting op korte en middellange termijn;
- Het verzekeren van een evenwichtige inkomstenontwikkeling.
Inzet verbonden partijen
Terug naar navigatie - Algemene dekkingsmiddelen - Inzet verbonden partijenVoor het realiseren van de doelstellingen uit dit begrotingsonderdeel worden onderstaande verbonden partijen ingezet:
- Bank Nederlandse Gemeenten NV (BNG)
- Nederlandsche Waterschapsbank
Nadere informatie over de verbonden partijen staat in de paragraaf Verbonden partijen.
In de bijlagenbundel –bijlage 9b van de begroting is aangegeven op welke wijze deze verbonden partijen bijdragen aan de doelstellingen van het algemeen financieel beleid.
Wat mag het kosten?
Terug naar navigatie - Algemene dekkingsmiddelen - Wat mag het kosten?|
Algemeen financieel beleid |
|
|
|
|||||
|
Bedragen x € 1.000 |
Jaarrek. 2025 |
Begroting 2026 |
Begroting |
Begroting |
Begroting |
Begroting |
||
|
|
|
|
realisatie |
na wijziging |
2027 |
2028 |
2029 |
2030 |
|
Algemene dekkingsmiddelen |
|
|||||||
|
|
Lasten |
|
||||||
|
|
|
Dividenden |
1 N |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
|
Financieringsfunctie |
477 N |
527 N |
462 N |
462 N |
462 N |
462 N |
||
|
|
|
Ontwikkelbedrijf |
578 N |
8.519 N |
2.111 N |
69 N |
42 N |
4.587 N |
|
|
|
Overige algemene dekkingsmiddelen |
4.567 N |
336 N |
282 N |
282 N |
282 N |
282 N |
|
|
Totaal Lasten |
5.622 N |
9.382 N |
2.855 N |
813 N |
786 N |
5.331 N |
|
|
|
Baten |
|
||||||
|
|
|
Opbrengst opcenten motorrijtuigenbelasting |
310.265 V |
369.081 V |
378.308 V |
387.765 V |
397.459 V |
407.396 V |
|
|
|
Decentralisatie-uitkeringen via provinciefonds |
32.942 V |
53.273 V |
55.902 V |
33.914 V |
25.759 V |
2.616 V |
|
|
|
Dividenden |
43.823 V |
30.909 V |
31.525 V |
30.909 V |
32.796 V |
33.450 V |
|
|
|
Financieringsfunctie |
89.857 V |
87.476 V |
78.306 V |
71.275 V |
69.607 V |
69.747 V |
|
|
|
Ontwikkelbedrijf |
7.322 V |
2.254 V |
429 V |
353 V |
321 V |
270 V |
|
|
|
Overige algemene dekkingsmiddelen |
20.213 V |
2.883 V |
0 |
0 |
0 |
0 |
|
|
|
Uitkering provinciefonds |
449.027 V |
374.113 V |
388.411 V |
417.459 V |
434.739 V |
447.874 V |
|
|
Totaal Baten |
953.449 V |
919.988 V |
932.881 V |
941.674 V |
960.682 V |
961.352 V |
|
|
Totaal Algemene dekkingsmiddelen |
947.827 V |
910.606 V |
930.026 V |
940.861 V |
959.896 V |
956.021 V |
||
Financiële toelichting - Algemene dekkingsmiddelen
Terug naar navigatie - Algemene dekkingsmiddelen - Financiële toelichting - Algemene dekkingsmiddelenFinanciële toelichting - Algemene dekkingsmiddelen
Het betreft de exploitatielasten van het ontwikkelbedrijf, waarvan de hoogte elk jaar afhankelijk is van de activiteiten van het ontwikkelbedrijf, waaronder de aan- en verkoop.
Opbrengst opcenten motorrijtuigenbelasting
De opbrengst wordt voor 2027 geraamd op € 378,3 mln. op basis van de huidige inzichten van omvang en samenstelling van het wagenpark en de uit het Bestuursakkoord 2023-2027 vastgestelde verhoging van 2,5%. Gelijktijdig met de begroting vindt de vaststelling van het opcententarief 2027 plaats door de vaststelling van de heffingsverordening door Provinciale Staten. Het voorgenomen tarief in de opcentenverordening is gebaseerd op het Bestuursakkoord 2023-2027, waarbij een jaarlijkse stijging is afgesproken van het tarief van 2,5%. Het voorgenomen opcententarief 2027 komt daarmee uit op 89,2 voor 2027. De stijging 2027 van de opbrengsten 2026 ten opzichte van 2026 wordt voor volledig verklaard door de stijging van het opcententarief.
Uitkering provinciefonds: Algemene uitkering
De raming van de algemene uitkering is conform bestendige gedragslijn gebaseerd op de meicirculaire 2026. De raming is bij de bestuursrapportage-II 2026 bijgesteld en toegelicht. In het begrotingsbedrag 2027 wordt conform financiële beleid uitgangspunten een marge aangehouden voor het geraamde accres vanaf 2027.
Uitkering provinciefonds: Decentralisatie-uitkeringen
Decentralisatie-uitkeringen maken deel uit van het provinciefonds, maar hebben een eigen verdeling. De begrotingsbedragen 2027 zijn conform bestendige gedragslijn gebaseerd op de meicirculaire 2026.
De raming m.b.t. het dividend heeft voornamelijk betrekking op de winstuitkering van Enexis. Sinds 2026 (winst over 2025) is de uitkering gemaximeerd op € 100 mln. voor alle aandeelhouders. Met dien verstande dat de uitkering jaarlijks wordt geïndexeerd. 2025 (winst over 2024) was het laatste jaar dat het dividend niet gemaximeerd was.
In 2027 ontstaat een daling van de rente-inkomsten als gevolg van een lagere inschatting van de rente op het saldo bij Schatkistbankieren. In de loop van 2027 volgt bij de bestuursrapportage een bijstelling van de verwachte inkomsten, indien nodig. Daarnaast worden in 2027 de laatste obligaties afgelost, waardoor de rente daalt. Dit wordt gecompenseerd door verwachte rente van herbeleggingen in 2027.
Overhead, Vpb en stelposten
Terug naar navigatie - - Overhead, Vpb en stelpostenIn de begroting is een aantal centrale (stel)posten opgenomen.
Wat mag het kosten?
Terug naar navigatie - Overhead, Vpb en stelposten - Wat mag het kosten?|
Bedragen x € 1.000 |
Jaarrek. 2025 |
Begroting 2026 |
Begroting |
Begroting |
Begroting |
Begroting |
||
|
|
|
|
realisatie |
na wijziging |
2027 |
2028 |
2029 |
2030 |
|
Overhead, Vpb en stelposten |
|
|||||||
|
|
Lasten |
|
||||||
|
|
|
Onvoorzien |
0 |
308 N |
1.308 N |
1.308 N |
1.308 N |
1.308 N |
|
In te zetten begrotingsruimte |
0 |
0 |
27.385 N |
413.374 N |
146.077 N |
146.077 N |
||
|
|
|
Overige stelposten |
0 |
411 N |
1.187 N |
40.884 N |
63.304 N |
85.561 N |
|
|
|
Overhead |
89.817 N |
106.619 N |
110.408 N |
103.364 N |
102.096 N |
101.264 N |
|
|
Voorz.dubieuze debiteuren |
1.791 N |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
|
|
|
Totaal Lasten |
91.608 N |
107.338 N |
140.288 N |
558.930 N |
312.786 N |
334.210 N |
|
|
|
Baten |
|
||||||
|
|
|
Overhead |
94 V |
0 |
623 V |
590 V |
590 V |
14 V |
|
Totaal Baten |
94 V |
0 |
623 V |
590 V |
590 V |
14 V |
||
|
Totaal Overhead, Vpb en stelposten |
91.515 N |
107.338 N |
139.665 N |
558.341 N |
312.196 N |
334.196 N |
||
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Saldo van baten en lasten |
856.312 V |
803.268 V |
790.361 V |
382.521 V |
647.700 V |
621.825 V |
||
Financiële toelichting - Overhead,Vpb en stelposten
Terug naar navigatie - Overhead, Vpb en stelposten - Financiële toelichting - Overhead,Vpb en stelpostenDe stelpost onvoorziene uitgaven betreft de jaarlijks in de begroting opgenomen stelpost onvoorzien ad € 1,3 mln.
De vrije begrotingsruimte kan ingezet worden in de bestuursperiode 2023/2027. Conform afspraken wordt in de Perspectiefnota 2027 wordt voor 2027 een knelpuntenbuffer aangehouden De resterende begrotingsruimte is doorgeschoven naar 2028.
Overhead
Om Provinciale Staten op eenvoudige wijze inzicht te geven in de totale kosten van overhead voor de gehele organisatie en ook zeggenschap over die kosten te geven, is voorgeschreven dat in de begroting op een centrale plek de kosten van overhead worden opgenomen. De overhead wordt niet meer aan de afzonderlijke programma’s in de begroting toegerekend. Een verdere toelichting op de overhead is opgenomen in de bijlagenbundel-bijlage 4 van de begroting.